Nikolaus Gerhaert

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zelfportret (?), circa 1467
Madonna met kind, circa 1460/1470, notenhout, 102 cm, met resten van originele kleuren, vermoedelijk voor de Kartäuserkirche in Straatsburg. Gerestaureerd in 1989, thans in het Bode-Museum.[1]

Nikolaus Gerhaert, ook genoemd Niclas Gerhaert van Leyden (actief van ca. 1460 tot 1473) was een begaafd houtsnijder en beeldhouwer met een internationale carrière. Zijn naam suggereert dat hij afkomstig was uit de Noordelijke Nederlanden, maar zijn opleiding kreeg hij vermoedelijk in Bourgondische streken, in een werkplaats waar de monumentale grandeur van Claus Sluter de maatgevende stijl was; verbanden met Nederlandse kunstenaars rond Jan van Eyck en Rogier van der Weyden zijn omstreden. Zijn werk onderscheidt zich door de grote originaliteit, de uitbundige behandeling van kledingpartijen en het verfijnde uitdrukkingsvermogen van het innerlijke leven van de geportretteerde figuren. Van zijn eigen persoonlijk leven zijn weinig gegevens overgeleverd, maar hij wordt gezien als de meest invloedrijke beeldend kunstenaar uit de tweede helft van de 15e eeuw in de Europese Noordelijke renaissance. Zijn eigenzinnige beelden inspireerden een nieuwe generatie kunstenaars, onder wie Erasmus Grasser. [2][3]

Gerhaert werd waarschijnlijk in de jaren '20 van de 15e eeuw geboren in Leiden. Afgaande op de plaatsen die genoemd worden in de beschrijvingen van zijn werk, verbleef hij het grootste deel van zijn leven in Duitse streken. In 1462 signeerde hij de graftombe van Jacob von Sierck, de aartsbisschop van Trier, nicola[us] gerardi de Leyd[en] [ex]egit, een werk dat opvalt om de geraffineerde verdeling van de volumes. Een document uit 1464 noemt een claes [G]erhaert.soen te Straatsburg. Ook heeft hij sporen nagelaten in Konstanz, waar hij mogelijk de beelden in het voorportaal van de kathedraal schiep, in Baden en in Passau. Keizer Frederik III van het Heilige Roomse Rijk ontbood hem in 1467 naar Wenen voor de uitvoering van een ongekend groots kunstwerk. Tot aan zijn dood werkte hij aan Frederiks grafmonument dat staat opgesteld in het zuidelijk koor van de Stephansdom. Het geheel weegt 8 ton en is uitgevoerd in marmer uit Adnet, dat bekendstaat als een zeer moeilijk te bewerken materiaal. In 1513 werd de laatste hand gelegd aan de sarcofaag. Dit gotische pronkstuk geldt als een van de belangrijkste beelden uit de Late Middeleeuwen.

Aangezien hij zijn magnum opus onvoltooid heeft gelaten en er geen verdere gegevens zijn van na 1473, wordt aangenomen dat Gerhaert in dat jaar overleed, volgens een onderzoeker op 28 juni in Wiener Neustadt. [4] Over een echtgenote is niets bekend, wel zou hij twee kinderen hebben achtergelaten. Een vermelding in het Straßburger Bürgerbuch van 1489, "item Peter Gerhart meister Niclaus des bildehouwers seligen sun, hat das burgreht abgeseit", wordt bevestigd door latere sporen van een zoon Peter in Baden-Baden. [5]

Werken die aan Nicolaus von Leyden worden toegeschreven, zijn te bezichtigen in verschillende kerken in het zuiden van Duitsland, en verschillende musea in Berlijn, in Frankfurt en in de VS.[6] Een van zijn bekendste werken is een buste in rood zandsteen van een man die leunt op zijn elleboog, gedateerd voor 1467, te bezichtigen in het Musée de l'Oeuvre de Notre Dame bij de kathedraal van Straatsburg. Naar verluidt is het een zelfportret. [7]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Museumsinsel-berlin.de: Dangolsheimer Muttergottes
  2. Cartage.org.lb: Gerhaert Van Leyden, Nicolaus
  3. Bautz.de: Niclaus von Leyden (Heike Ebli, 6 maart 2003)
  4. R. Kohn, Eine bisher unbekannte Grabinschrift des Niclas Gerhaert von Leyden, in: Wiener Geschichtsblätter 48 (1993), blz. 164-170
  5. DBNL.org: Nicolaas van Leiden (W. Pleyte, 1890)
  6. Insecula.com: Nicolaus Gerhaert von Leyden
  7. Wga.hu: Werken van Nicolaus