Nur ad-Din al-Bitruji

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Nur ad-Din al-Bitruji (ook wel geschreven als Nur al-Din Ibn Ishaq Al-Betrugi of Abu Ishâk ibn al-Bitrogi of al Bidrudschi), ook wel bekend als Alpetragius (? - 1204), was een astronoom uit Andalusië. Over zijn leven is heel weinig bekend. Hij was een leerling van Ibn Tufail (Abubacer) en een tijdgenoot van Averroes.

De krater Alpetragius op de maan is naar hem genoemd.

Studiegebied[bewerken]

Al-Bitruji schreef het boek Kitab-al-Hay’ah (Arabisch: كتاب الحياة), dat hij vertaalde in het Hebreeuws en dat later, in 1217, door Michael Scot werd vertaald naar het Latijn als De motibus celorum[1] (eerste druk, Wenen in 1531).

Hij verbeterde de theorie over de beweging van de planeten (dwalende sterren), waarin hij probeerde de epicykels te negeren[2] en de "vreemde" beweging van de "dwalende sterren" te verklaren door draaiingen van cirkels. Dit was een aanpassing van het model van de beweging der planeten, zoals dat door zijn voorgangers Ibn Bajjah (Avempace) en Ibn Tufail (Abubacer) was voorgesteld. Hij slaagde er niet in Ptolemaeus' planetair model te vervangen, doordat in zijn model een aantal voorspelde posities minder accuraat waren dan in het model van Ptolemaeus.[3]

Bron[bewerken]

  • Helaine Selin, Encyclopaedia of the history of science, technology, and medicine in non western cultures, p. 160.
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Pederson, Olaf. Science in the Middle Ages. David Lindberg (ed.). Chicago: Chicago University Press. 1978. p. 321.
  2. Bernard R. Goldstein (maart 1972). "Theory and Observation in Medieval Astronomy", in: Isis 63 (1), p. 39-47 [41].
  3. Ptolemaeus' astronomie en islamitische planetaire theorieën van Thomson Gale.