Odrada van Balen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Odrada van Balen-Scheps (Scheps, Balen, 12de eeuw) was een heilige waarvan weinig exacte gegevens bekend zijn. Zelfs is niet duidelijk wanneer ze precies geleefd heeft, want sommige auteurs noemen de 8e eeuw. Ze was van adellijke afkomst en leefde op een groot domein in Scheps. Armen, zwervers, reizigers en pelgrims werden er vriendelijk ontvangen en geholpen. Odrada hield zich bezig met bidden en liefdadigheid. Trouwen deed ze niet, want ze wilde haar liefde volledig wijden aan God.

Ieder jaar was er bedevaart naar de heilige kerk van Millegem. Odrada mocht van haar vader alleen meegaan op een van zijn verwilderde paarden. Met een houten kruis en een lindetak als zweep kon ze een sneeuwwit paard temmen en arriveerde voor haar ouders in Millegem (Mol). Daar schoot de lindetak wortel en ontstond een bron met helder water die velen deed genezen.

Odrada werd geveld door ziekte en stierf op jonge leeftijd. Ze werd begraven in Alem, het dorpje waar twee paarden met haar kist halt hielden. Daar werd ze vereerd door blinden, doven en kreupelen. Landbouwers lieten er hun zieke dieren genezen. De hoofdstraat door het dorp is naar haar genoemd: de Sint Odradastraat.

Meer waarschijnlijk is dat haar stoffelijk overschot door Otto I, Graaf van Duras, in het begin van de 12e eeuw naar Alem is gebracht, waar deze graaf bezittingen had. Deze bezittingen werden aan de Abdij van Sint-Truiden geschonken, waarmee het Graafschap Duras nauwe relaties onderhield. Ook in Hooge Mierde bestond een devotie tot Odrada.

De levensbeschrijving van de Heilige Odrada werd opgetekend in 1304. Parallellen met het sprookje van Assepoester zijn aanwijsbaar.

Odrada is de beschermheilige tegen veeziekten, hondsdolheid en slecht weer.

Haar feestdag is op 3 november.

Externe bron[bewerken]

Kerkelijke feestdag : 5 november in plaats van 3 november.