Oekraïne op het Eurovisiesongfestival

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag van Oekraïne Oekraïne
Eerste deelname 2003
Aantal deelnames 12
Winst 1
Zender NTU
Statistieken
Hoogste positie 1ste (2004)
Laagste positie 20ste (2005)
Portaal  Portaalicoon   Eurovisiesongfestival

Oekraïne doet sinds 2003 mee aan het Eurovisiesongfestival. Het won het festival in 2004, werd twee keer tweede en één keer derde.

Overzicht[bewerken]

In 2003 deed Oekraïne voor het eerst een gooi naar het Eurovisiesongfestival. Het land meldde zich aan bij de EBU, maar zekerheid dat het zijn debuut zou kunnen maken kreeg het nog niet. Ook Servië en Montenegro, Albanië en Wit-Rusland hadden namelijk interesse getoond in deelname, en omdat er nog geen sprake was van een halve finale moest het deelnemersaantal noodgedwongen beperkt blijven. Uiteindelijk bleek dat Oekraïne in 2003 mocht debuteren. De andere drie gegadigden zouden nog een jaar moeten wachten.

De eerste kandidaat die namens Oekraïne naar het Eurovisiesongfestival mocht, werd intern gekozen. Het was geen verrassing dat dit Oleksandr Ponomarjov werd, één van de populairste zangers van het land. Hij reisde af naar Riga met het nummer Hasta la vista en werd 14de met 30 punten.

Ook bij de tweede deelname in 2004 werd de kandidaat intern aangewezen. Ditmaal mocht zangeres Ruslana voor haar land naar het Eurovisiesongfestival, en wel met het door haarzelf gecomponeerde nummer Wild dances, dat een opzwepende combinatie was van Oekraïense volksmuziek en westerse rock. De tekst was een mix van Oekraïens en Engels. De Oekraïense bijdrage viel op door haar spectaculaire optreden. Ruslana trad op als middelpunt van een gezelschap wild uitgedoste dansers, wiens kleding was geïnspireerd op de tradities van het in de Karpaten levende volk de Hoetsoelen. Naast de van leer en metaal vervaardigde kleding benadrukte Ruslana haar terug-naar-de-natuurmentaliteit met kunstmatig verlengd hoofdhaar en een neptatoeage.

Het Oekraïense optreden maakte indruk in Europa. In de halve finale eindigde Ruslana nog als tweede, na de voor Servië en Montenegro uitkomende zanger Željko Joksimović, maar in de finale moest ook Joksimović de duimen leggen. Ruslana kreeg daarin 280 punten, op dat moment een record in de songfestivalhistorie. De zege ging zodoende naar Oekraïne, wat in het land zelf leidde tot een enorme feestvreugde.

Het Eurovisiesongfestival van 2005 werd georganiseerd door Oekraïne en vond plaats in de hoofdstad Kiev. Als presentatoren werden Maria Efrosinina en Pavlo Shylko aangewezen. Ruslana keerde terug om een optreden te verzorgen en werd daarnaast ingezet om deelnemers te interviewen. Ook werd de show aangegrepen om Europa wat meer kennis te laten maken met Oekraïne. Het land werd door middel van filmpjes in de schijnwerpers gezet en men hoopte daarmee onder andere op een opleving van het toerisme. Bovendien was het Oekraïense parlement van mening dat de organisatie van het songfestival een mooie stap was in het proces naar een lidmaatschap van de Europese Unie.

Om voor het songfestival van 2005 in eigen land een kandidaat af te vaardigen vond voor het eerst een preselectie plaats. De Oekraïense omroep had aanvankelijk een selectieronde gepland over twintig weken met 100 deelnemende liedjes, maar omdat er uiteindelijk slechts 75 liedjes werden ingezonden, werd de selectie ingekort tot vijftien weken. Elke week werd het publiek vijf liedjes voorgelegd en de winnaars zouden deelnemen aan de finale. De Oekraïense omroep had hierbij echter het Eurovisiereglement over het hoofd gezien, dat voorschrijft dat deelnemende liedjes niet voor 1 oktober in het voorafgaande jaar openbaar mogen worden gemaakt. De uitverkoren finalisten uit de eerste paar ronden van de selectie kregen daarop de mogelijkheid een nieuw lied te kiezen voor de finale. Behalve de vijftien winnende liedjes streden in de finale vier door de publieke omroep uitgenodigde deelnemers mee. Eén van hen was de groep Greenjolly, die aantrad met het lied Razom nas bahato - nas nye podolaty. Dit nummer, dat gebruikt was als strijdlied tijdens de Oranjerevolutie, was al erg populair in Oekraïne en het was dan ook geen verrassing dat het de nationale finale won. De EBU stond er echter op dat de tekst van het lied werd aangepast, omdat het te politiek beladen was. In de oorspronkelijke tekst werd onder andere president Viktor Joesjtsjenko bezongen.
Greenjolly mocht door de overwinning van Ruslana van een jaar eerder meteen in de finale starten, maar het resultaat was teleurstellend. Het strijdlied eindigde in eigen land slechts op de 20ste plaats. Het kreeg 30 punten.

In 2006 werd er wederom een nationale voorronde georganiseerd. Winnares werd zangeres Tina Karol, die in de finale van zowel de televoters als de jury de volle twaalf punten kreeg. Haar winnende liedje heette aanvankelijk I am your queen, maar werd voor het Eurovisiesongfestival omgedoopt in Show me your love. Met dit uptempo nummer kwam ze in Athene zonder veel moeite door de halve finale heen en ook in de finale wist ze goed te scoren; ze kreeg 145 punten en leidde Oekraïne naar de zevende plaats.

In 2007 mocht Oekraïne weer rechtstreeks in de finale starten. Uit de nationale voorrondes kwam de in eigen land zeer populaire travestiet Vjerka Serdjoetsjka als winnaar naar voren. Danzing, het winnende nummer dat bol stond van absurditeit, bevatte teksten in het Engels, Duits, Russisch en Oekraïens. De afvaardiging van Serduchka naar het songfestival viel echter niet overal in goede aarde. In Oekraïne ontstonden hier en daar protesten omdat de verschijning van de travestiet door sommigen als controversieel en ordinair werd ervaren. Ook het lied was onderwerp van discussie. In Rusland ontstond verontwaardiging over de in de tekst voorkomende woorden lasha tumbai, dat volgens critici fonetisch bedoeld was als Russia goodbye. Deze kritiek werd echter door Serduchka weggewuifd met de verklaring dat lasha tumbai Mongools zou zijn voor geklopte room. Om dit te onderstrepen werd de oorspronkelijke titel Danzing zelfs voor de duidelijkheid veranderd in Dancing lasha tumbai. Verschillende Mongolen, en later ook de Mongoolse ambassade in Moskou, haastten zich echter om te zeggen dat lasha tumbai in de Mongoolse taal helemaal niet voorkomt. De ophef over het nummer kwam vervolgens tot een hoogtepunt, niet in de laatste plaats in Mongolië zelf. Toch legde het oproer en de publiciteit rond het nummer Vjerka Serdjoetsjka geen windeieren. Het optreden op het Eurovisiesongfestival werd spraakmakend en scoorde enorm. Tijdens de puntentelling deed het lange tijd mee om de winst. Uiteindelijk eindigde Oekraïne echter als tweede na Servië.

In 2008 moest Oekraïne weer in de halve finale aantreden. Na een nationale finale te hebben gehouden in eigen land, werd Ani Lorak naar Belgrado afgevaardigd met het nummer Shady lady. Het uptempo nummer scoorde in Servië. Het won de halve finale, en mocht dus naar de finale. Daar werd Oekraïne voor het tweede jaar op rij tweede, weliswaar op een grotere afstand van de winnaar (ditmaal Rusland) dan het jaar voordien.

In 2009 werd weer een controversiële deelnemer winnaar van de nationale voorronde. Svetlana Loboda won met haar nummer Be my Valentine, dat ze later door het uitbreken van de wereldwijde economische crisis omdoopte in Be my Valentine (anti-crisis girl). Ook deze keer was het optreden opmerkelijk. Een gigantisch rad stond centraal op het podium, terwijl Svetlana met de Oekraïense vlag in de lucht zwaaide, omringd door Griekse soldaten uit de oudheid. Ze werd er zesde mee in de halve finale, en twaalfde in de finale.

Een jaar later was er ophef over de gekozen artiest. Oekraïne had aanvankelijk via een interne selectie Vasyl Lazarovich verkozen om het land te vertegenwoordigen. Tijdens een nationale finale op 6 maart kon het publiek kiezen uit vijf nummers. Uiteindelijk werd gekozen voor het lied I love you, maar op 15 maart maakte de persvoorlichter uit Oekraïne bekend dat deze inzending niet naar de zin was van de bazen van de NTU, de Oekraïense staatszender. Daarop werd besloten om een nieuwe voorronde te houden. Vasyl Lazarovich deed hier met zijn I love you ook weer aan mee, maar werd nu slechts zevende. Winnaar werd nu zangeres Alyosha, met het lied To be free. Echter, ook deze inzending moest worden teruggetrokken, ditmaal op vraag van de EBU. Het zou namelijk om plagiaat gaan, én het nummer stond bovendien al sinds 2008 op Myspace (volgens het reglement mag een inzending pas in oktober van het voorgaande jaar publiek gemaakt worden). Op maandag 22 maart, de datum waarop de inschrijving voor het Songfestival sloot, was nog steeds niet duidelijk welk lied Oekraïne zou vertegenwoordigen. Omdat het land de deadline overschreed, kreeg de NTU een boete, met een bijkomende boete per dag dat de omroep geen lied presenteerde. Oekraïne verzekerde de EBU dat er binnen een week een nieuw lied zou zijn, en twee dagen later werd dan het definitieve lied gepresenteerd: Sweet people, gezongen door Alyosha. Ditmaal werd het een sober optreden, met enkel de zangeres op het podium. Uiteindelijk wist Alyosha in Oslo de halve finale te overleven. In de finale werd de tiende plaats behaald.

Bij het Eurovisiesongfestival 2011 boekte Oekraïne weer een groot succes. Mika Newton trad in Düsseldorf aan met het lied Angel, en werd op het podium bijgestaan door een zandkunstenaar die een indrukwekkend optreden verzorgde. De zesde plaats in de halve finale volstond voor een plaats in de finale, waar Oekraïne eindigde op de vierde plek.

Ook bij het Eurovisiesongfestival 2012 was Oekraïne van de partij. Het land werd in Bakoe vertegenwoordigd door zangeres Gaitana. Haar nummer Be my guest was geïnspireerd op het EK Voetbal, dat een maand later gehouden werd in Oekraïne en Polen. Het was voor het eerst dat Oekraïne een artiest met een donkere huidskleur naar het festival stuurde, iets dat bij sommige groeperingen niet in de smaak viel. Na haar winst in de nationale finale sprak de nationalistische politicus Joeri Sirotjoek van de partij Svoboda zich in de pers uit tegen Gaitana. Volgens hem kon het niet dat Oekraïne op het Songfestival zou worden vertegenwoordigd door een zangeres met een Afrikaanse achtergrond. [1] Deze uitspraak werd in veel andere deelnemende landen bekritiseerd. Uiteindelijk trad Gaitana gewoon aan voor haar land. Zij behaalde een achtste plek in de halve finale en een vijftiende plek in de finale.

Ook in 2013 stond Oekraïne bij de hoogst genoteerde landen. Het lied Gravity van Zlata Ohnevitsj eindigde op de derde plaats in de halve finale en de finale zelf. In 2014 zat ook Maria Jaremtsjoek bij de hoogst genoteerde liedjes, met de vijfde plaats in de halve finale en de zesde plaats in de finale.

Oekraïense deelnames[bewerken]

Jaar Artiest Titel Finale Ptn Semi Ptn Taal
Vlag van Letland 2003 Oleksandr Ponomarjov Hasta la vista 14 30 Engels
Vlag van Turkije 2004 Ruslana Wild dances 1 280 2 256 Engels en Oekraïens
Vlag van Oekraïne 2005 GreenJolly Razom nas bahato 20 30 X X Engels en Oekraïens
Vlag van Griekenland 2006 Tina Karol Show me your love 7 145 7 146 Engels
Vlag van Finland 2007 Vjerka Serdjoetsjka Dancing lasha tumbai 2 235 X X Oekraïens, Duits en Engels
Vlag van Servië 2008 Ani Lorak Shady lady 2 230 1 152 Engels
Vlag van Rusland 2009 Svitlana Loboda Be my valentine 12 76 6 80 Engels
Vlag van Noorwegen 2010 Alyosha Sweet people 10 108 7 77 Engels
Vlag van Duitsland 2011 Mika Newton Angel 4 159 6 81 Engels
Vlag van Azerbeidzjan 2012 Gaitana Be my guest 15 65 8 64 Engels
Vlag van Zweden 2013 Zlata Ohnevitsj Gravity 3 214 3 140 Engels
Vlag van Denemarken 2014 Maria Jaremtsjoek Tick-tock 6 113 5 118 Engels
Bronnen, noten en/of referenties