Oligosacharide

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Oligosachariden zijn koolhydraten die zijn opgebouwd uit een klein aantal (3-9) monosacharide-eenheden.

Voorbeelden van oligosachariden:

Ketens van een klein aantal suiker-eenheden (oligomeren) worden in de cel gebruikt om aan eiwitten (vaak via een arginine-zijketen) te koppelen. De zo gemodificeerde eiwitten worden glycoproteïnen genoemd. Glycoproteïnen worden vaak aan de buitenkant van de cel getoond, en hebben een sterk soort-specifiek karakter. Zo is het voor ons afweersysteem mogelijk om aan de suikers van de glycoproteïnen te herkennen welke cellen tot het eigen lichaam behoren, en welke indringers zijn. Bij transplantaties kan dat tot afstoting leiden. Een bekend voorbeeld van glycoproteïne-herkenning zijn bloedgroepen.

Zie ook[bewerken]