Ontbinding (overeenkomst)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Ontbinding is de juridische benaming voor een manier van het beëindigen van een overeenkomst. Dat kan zich in verschillende gevallen voordoen. Ontbinding in de zin van de wet is een eenzijdig rechtsmiddel. Hierbij valt te denken aan ontbinding wegens tekortkoming (art. 6:265 BW), ontbinding wegens onvoorziene omstandigheden (imprévision) (art. 6:258 BW) en non-conformiteit (art. 7:22 BW). In de praktijk wordt het wederzijds beëindigen van een overeenkomst ook regelmatig (wederzijdse) ontbinding genoemd, terwijl het in feite om een (beëindiging)overeenkomst gaat.

Ontbinding wegens tekortkoming[bewerken]

Ontbinding is mogelijk indien een contractspartij zijn verplichtingen uit een (verbintenisscheppende) overeenkomst niet is nagekomen. Door de ontbinding komt op beide partijen de verplichting te rusten om de gevolgen van de verbintenis ongedaan te maken.

Ontbinding is geregeld in het Burgerlijk Wetboek, in artikel 6:265. Het kan alleen met een wederkerige overeenkomst. Indien het niet tijdelijk of blijvend onmogelijk is om nog na te komen, dient de tekortschietende partij de mogelijkheid te hebben gekregen om alsnog binnen een redelijke termijn aan zijn verplichtingen te voldoen. Voldoet hij daar niet aan, dan kom hij "in verzuim" te verkeren en krijgt zijn wederpartij de bevoegdheid de overeenkomst geheel of gedeeltelijk te ontbinden. Dit kan hij doen door een schriftelijke verklaring of door een daartoe strekkende vordering bij de rechter in te stellen.

Niet iedere tekortkoming is overigens reden voor ontbinding. Als sprake is van een tekortkoming van geringe betekenis (zoals bijvoorbeeld het te laat betalen van een huurtermijn), dan rechtvaardigt dit geen ontbinding. In beginsel echter is ontbinding bij elke tekortkoming mogelijk; een uitzondering doet zich zelden voor.

Ontbinding wegens non-conformiteit[bewerken]

Ontbinding is mogelijk wanneer het afgeleverde niet aan de overeenkomst beantwoordt en daarnaast herstel en vervanging onmogelijk zijn of niet van de verkoper verlangd kan worden of de verkoper tekort is geschoten in zijn verplichting om het herstel of vervanging binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast uit te voeren. Van de verkoper kan herstel en vervanging niet verlangd worden wanneer de kosten hiervan in geen verhouding staan tot een ander recht of vordering die de koper toekomt, gelet op de de waarde van het product c.q. de zaak indien zij aan de overeenkomst zou beantwoorden en de vraag of de uitoefening van een ander recht of een andere vordering geen ernstige overlast voor de koper veroorzaakt.

Voor zowel ontbinding wegens tekortkoming als ontbinding wegens non-conformiteit moet de eisende partij in beginsel eerst iets anders doen. Bij een tekortkoming is dat een ingebrekestelling sturen en bij non-conformiteit is dat aflevering van het ontbrekende, kosteloos herstel of vervanging eisen.

Zie ook[bewerken]