Oost-Indisch Huis (Amsterdam)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Binnenplaats Oost-Indisch Huis. Foto: bma.amsterdam.nl
Gravure van het Oost-Indisch Huis in de 17e eeuw. Bron: bma.amsterdam.nl
Oost-Indisch Huis, door Reinier Vinkeles; 1768. Bron: bma.amsterdam.nl

Het Oost-Indisch Huis is een gebouw in het centrum van Amsterdam dat als bestuurs- en administratiekantoor diende voor de Amsterdamse kamer van de Vereenigde Oostindische Compagnie (VOC). Naast de vergaderingen van de 20 bewindhebbers van de Amsterdamse kamer, vonden hier ook meestal de vergaderingen plaats van de Heren XVII, de 17 leden tellende centrale directie van de VOC.

De Amsterdamse kamer van het VOC nam in 1603 een deel van het Bushuis aan de Kloveniersburgwal in gebruik als magazijn, en twee jaar later kreeg de VOC het hele gebouw tot haar beschikking. Er was echter nauwelijks vergader- en kantoorruimte beschikbaar. Daarom werd besloten om naast het Bushuis een nieuw pand neer te zetten, dat in 1606 gereed kwam. Het gebouw staat op de plaats waar ooit de boomgaard van het voormalige Paulusbroederklooster heeft gelegen.

Dit Oost-Indisch Huis was het eerste gebouw dat speciaal voor de VOC gebouwd werd. Naast het vergaderen werden hier ook scheepsbemanningen geronseld en de archieven en kaarten van de VOC bewaard.

Een poort met Toscaanse halfzuilen leidt via een tunneltje naar een binnenplaats met sierlijke gevels. De gevels op de binnenplaats zijn in Amsterdamse renaissance-stijl, typerend voor de stadsarchitect Hendrick de Keyser, die het gebouw (waarschijnlijk) heeft ontworpen.

In 1633/1634 werd de westvleugel verlengd en een noordvleugel aangebouwd, waardoor het gebouw ook aan de Oude Hoogstraat grensde. De laatste vergroting vond plaats tussen 1658 en 1661. Na de opheffing van het VOC in 1798 diende het gebouw tot 1808 als zetel van het koloniaal bestuur van de Bataafse Republiek. In 1891 werd het Buishuis gesloopt en een nieuwe oostgevel, naar ontwerp van Cornelis Peters, aan de binnenplaats gebouwd.

In 1976 werd het gebouw gerestaureerd, waarbij de grote vergaderzaal gereconstrueerd werd. Tegenwoordig is het gebouw onderdeel van de Universiteit van Amsterdam, met het adres Oude Hoogstraat 24.

De gerestaureerde vergaderzaal van de Heeren XVII
De oostvleugel uit 1891 verving het eerdere Bushuis

Ook de kamers van de VOC in Middelburg, Rotterdam, Delft, Enkhuizen en Hoorn hadden een Oost-Indisch Huis. Het Oost-Indisch Huis aan de Boompjes in Rotterdam is verloren gegaan bij het Duitse bombardement in 1940, die in Delft en Hoorn zijn bewaard gebleven.

Naast het Oost-Indisch Huis heeft Amsterdam sinds 1625 ook een West-Indisch Huis, dat als hoofdkwartier van de West-Indische Compagnie (WIC) diende.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties