Opbrengst (scheikunde)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Opbrengst of (reactie)rendement is een begrip uit de scheikunde en wordt berekend door de feitelijke verkregen hoeveelheid van een stof te delen door de maximale mogelijke hoeveelheid. Doorgaans wordt de opbrengst uitgedrukt in procent. Algemeen kan dit voorgesteld worden als:

R = \frac{O_a}{O_t} \cdot 100

waarbij:

  • R = het rendement
  • Oa = de actuele opbrengst
  • Ot = de theoretische opbrengst

Voorbeeld[bewerken]

Als 30 gram azijnzuur met 16 gram methanol gemengd wordt, kan maximaal 37 gram methylacetaat en 9 gram water gevormd worden. Als in de praktijk na zuivering slechts 7,4 gram methylacetaat verkregen wordt is de opbrengst:

\frac{7,4}{37} \cdot 100 = 20%

Meestal wordt deze berekening uitgevoerd door met de stofhoeveelheid mol te werken. Bovenstaand voorbeeld wordt dan: 0,50 mol azijnzuur reageert met 0,50 mol methanol tot maximaal 0,50 mol methylacetaat. Er wordt 0,10 mol methylacetaat verkregen, zodat de berekening wordt:

\frac{0,10}{0,50} \cdot 100 = 20%

De opbrengst wordt altijd bepaald op basis van de mogelijke opbrengst. Als van één van de reactanten erg weinig gebruikt wordt (erg duur bijvoorbeeld) dan bepaald deze reactant de maximale opbrengst:

Ondermaat in de reactie[bewerken]

Als in plaats van 30 gram azijnzuur in bovenstaand voorbeeld slechts 15 gram gebruikt wordt (en wel 16 gram methanol), wordt de maximale opbrengst 18,5 gram methylacetaat. Voor de vorming van één molecuul methylacetaat zijn én een molecuul azijnzuur én een molecuul methanol nodig. Als een van de twee op is kan de reactie niet verder. Wordt nog steeds 7,4 gram van de stof geïsoleerd, dan wordt de opbrengst:

\frac{7,4}{18,5} \cdot 100 = 40%

of in mol

\frac{0,10}{0,25} \cdot 100 = 40%

Opbrengst ten opzichte van ...[bewerken]

Soms wordt de opbrengst aangegeven ten opzichte van een van de uitgangsstoffen. In bovenstaand voorbeeld met de ondermaat azijnzuur is de opbrengst ten opzichte van azijnzuur 40%, maar ten opzichte van methanol slechts 20%.

Praktijk[bewerken]

Zelfs als de uitgangsstoffen zeer precies in de juiste verhoudingen met elkaar gemengd worden, is dat geen garantie voor het verkrijgen van het gewenst product in de voorspelde hoeveelheid. Verliezen treden op door:

Het optimaliseren van de eerste vier redenen zijn vooral het studieterrein van de chemicus. De laatste reden is meer het terrein van de technicus.

Opbrengst en rendement[bewerken]

Hoewel de termen opbrengst en rendement voor de leek erg op elkaar lijken is het gebruik ervan genuanceerder. Vaak wordt de term opbrengst gebruikt om in het laboratorium de opbrengst van een eenstapssynthese weer te geven. In de procesindustrie wordt de term rendement gebruikt om aan te geven hoe efficiënt het hele proces verloopt. Omdat niet-gereageerde stof weer aan de reactieomstandigheden blootgesteld kan worden, wordt het rendement van het proces veel groter.

Voorbeeld[1][bewerken]

De reactie van methaan met chloor levert chloormethaan. De reactievergelijking is:

\mathrm{CH_4\ +\ Cl_2\ \longrightarrow\ CH_3Cl\ +\ HCl}

De reactievergelijking geeft de indruk dat het mengen van 1 mol methaan met 1 mol chloor tot een mol product en 1 mol bijproduct (HCl) zal leiden. Door een zijreactie ontstaat echter ook ethaan in deze reactie. Door een volgreactie kan het al gevormde chloormethaan weer met chloor reageren en dichloormethaan geven.

Door de reactie met heel veel methaan uit te voeren worden beide problemen ondervangen. Alle chloor zal reageren, maar de zij- en de volgreactie krijgen geen kans. Het reactiemengsel wordt door water geleid, waarin het HCl-gas goed oplost. Door het mengsel te koelen tot ongeveer -40°C zal het gevormde chloormethaan als vloeistof condenseren. Methaan blijft als enige gas over, en kan weer naar de reactor geleid worden. Als bij elke doorgang door de reactor 50% van het aanwezige methaan in chloormethaan wordt omgezet, is de opbrengst van de reactie ten opzichte van methaan 50%.[1] De proces-opbrengst kan, zeker als zij- en volgreacties ontbreken, snel oplopen: Na de eerste rondgang is 50% van het methaan omgezet. Bij een tweede rondgang wordt weer 50% van het aanwezige methaan omgezet. Deze rondgang levert dus 0,5 × 0,5 = 0,25 = 25% chloormethaan op ten opzichte van de oorspronkelijke hoeveelheid methaan. De totale hoeveelheid chloormethaan komt dan op 75%.

In onderstaande tabel is de berekening voor een aantal procescycli uitgevoerd. De getallen geven steeds de situatie na het in de kop van de kolom genoemde aantal cycli.

Component Start Na 1 cyclus Na 2 cycli Na 3 cycli Na 4 cycli
methaan 100 50 25 12,5 6,25
chloormethaan 0 50 75 87,5 93,75

Verwijzingen in de tekst[bewerken]

  1. a b Het hier gegeven voorbeeld is puur didactisch. Genoemde getallen moeten in dat licht gezien worden, een opbrengst van 50% is bijvoorbeeld erg hoog voor een reactie waar slechts een kleine hoeveelheid chloor aanwezig is.