Oorlog in Afghanistan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Operation Enduring Freedom)
Ga naar: navigatie, zoeken
1rightarrow.png Dit artikel gaat over de oorlog in Afghanistan in 2001. Voor de oorlog tussen 1979 en 1989, zie Afghaanse Oorlog (1979-1989)
Oorlog in Afghanistan
Onderdeel van Oorlog tegen het terrorisme
2001 War in Afghanistan collage 3.jpg
Datum 7 oktober 2001 – heden
Locatie Afghanistan
Resultaat Val van de Taliban

bezetting Afghanistan

2/3 van de Al Qaida-leiders gedood

opstand van de Taliban

Oorlog in Waziristan

Dood van Osama bin Laden

Casus belli De Afghaanse Talibanregering werkte samen met Al Qaida
Strijdende partijen
NATO flag.svg NATO – ISAF

Afghanistan Afghanistan

Flag of Afghanistan (1992-1996; 2001).svg Noordelijke Alliantie

Flag of Taliban.svg Taliban

Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Al-Qaeda

Flag of Waziristan resistance (1930s).svgIEW

Commandanten
Verenigde StatenBarack Obama

Verenigde Staten George W. Bush
Verenigde Staten John R. Allen
Verenigde Staten David Petraeus
Verenigde Staten Stanley McChrystal
Verenigde Staten David D. McKiernan
Verenigde Staten Karl W. Eikenberry
Verenigde Staten David Barno
Verenigde Staten Dan K. McNeill
Verenigde Staten Paul T. Mikolashek
Verenigde Staten Tommy Franks
Verenigde Staten Peter Wall
Verenigde Staten Nick Parker
Verenigde Staten David Richards
Verenigde Staten John McColl
Duitsland Goetz Gliemeroth
Duitsland Norbert Van Heyst
Frankrijk Nicolas Sarkozy
Frankrijk Jacques Chirac
Frankrijk Jean-Louis Py
Italië Mauro del Vecchio
Canada Rick Hillier
Canada Walter Natynczyk
Canada Andrew Leslie
Tokelau-eilanden Hilmi Akin Zorlu
Tokelau-eilanden Levent Colak
Spanje Gustavo Delgado
Afghanistan Hamid Karzai
Flag of Afghanistan (1992-1996; 2001).svg Mohammed Fahim
Flag of Afghanistan (1992-1996; 2001).svg] Abdul Rashid Dostum
Flag of Afghanistan (1992-1996; 2001).svg Ustad Atta Mohammed Noor

Flag of Taliban.svg Mohammed Omar

Flag of Taliban.svg Obaidullah Akhund
Flag of Taliban.svg Mullah Dadullah
Flag of Taliban.svg Bakht Mohammed
Flag of Taliban.svg Jalaluddin Haqqani
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Osama bin Laden
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Saif al-Adel
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Ayman al-Zawahiri
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Mustafa Abu al-Yazid
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Mohammed Atef
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Abu Laith al-Libi
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Sabar Lal Melma[1]
Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Younis al-Mauritani[2]
Flag of Jihad.svg Juma Namangani
Flag of Jihad.svg Tohir Yo‘ldosh
Flag of Jihad.svg Abu Usman Adil[3]
Flag of Jihad.svg Haji Mali Khan[4]
Flag of Jihad.svg Gulbuddin Hekmatyar
Flag of Taliban.svg Sirajuddin Haqqani
Flag of Taliban.svg Abdul Ghani Baradar
Flag of Taliban.svg Maulana Fazlullah

Troepensterkte
NATO flag.svg NATO – ISAF 130.670

Afghanistan Afghaanse leger 152.000 Afghanistan Afghaanse politie 118.000 Totaal: 400.670

Flag of Taliban.svg Taliban ca. 36.000

Flag of al-Qaeda in Iraq.svg Al Qaida tussen 50 en 500 Flag of Jihad.svg Hezbi Islami 1000 Flag of Jihad.svg IMU tussen 5.000 en 10.000 Flag of Taliban.svg Haqqani network: 1.000 Flag of Taliban.svg TTP tussen 30.000 en 35.000 Flag of Taliban.svg TSNM 4.500 Totaal:' tussen 77.000 en 88.000

Verliezen
NATO flag.svg NATO – ISAF
  • Gedood: 2.670
  • Gewond: + 20.000

Hulpverleners en bedrijven

  • Gedood: 1.764
  • Gewond: 59.465

Afghanistan Afghaanse veiligheidstroepen

  • Gedood: 10.265
  • Gewond: 100.256

Flag of Afghanistan (1992-1996; 2001).svg Noordelijke Alliantie

  • Gedood: 200

Totaal gedood: + 13.744

Flag of Taliban.svg Taliban en bondgenoten
  • Gedood: +38.000
  • Gewond: onbekend
Burgerdoden: tussen 14.000 en 34.000

De oorlog in Afghanistan begon in oktober 2001. Deze oorlog maakt deel uit van de door de VS uitgeroepen 'Oorlog tegen het terrorisme'. Na het installeren van een nieuw Afghaans bewind, eerst met een overgangsregering en vervolgens met een nieuwe grondwet de Islamitische Republiek Afghanistan bleven verdreven strijders van de Taliban jarenlang proberen dit bewind omver te werpen. Daarbij zouden zij vooral door het plegen van bomaanslagen opereren vanuit bases in Pakistan, na de vernietiging van hun bolwerken in Afghanistan. Hierdoor bleven de gevechtshandelingen veel langer duren dan aanvankelijk was voorzien. Op de Internationale Afghanistan-conferentie te Den Haag op 31 maart 2009 werd er door de internationale gemeenschap voor het eerst openlijk over gesproken dat de voltooiing van de strijd slechts kon plaatsvinden door de Taliban eveneens op Pakistaans grondgebied aan te vallen.

Inhoud

[bewerken] Achtergrond

Op 20 september stelde de Amerikaanse president George W. Bush een ultimatum aan de Taliban. Hierin stonden de volgende punten:

  • vrijlaten van alle buitenlandse gevangenen, onder wie Amerikaanse burgers
  • beschermen van buitenlandse journalisten, diplomaten en hulpverleners in Afghanistan
  • sluiten van trainingskampen voor terroristen in Afghanistan en het "overdragen van elke terrorist en elk persoon en hun steunstructuur aan de geschikte autoriteiten"
  • geven van volledige toegang tot de trainingskampen van terroristen aan de Verenigde Staten zodat hun sluiting gecontroleerd kan worden


Over deze eisen kon niet onderhandeld of gediscussieerd worden. Het antwoord kwam niet direct van de Taliban, omdat het direct spreken naar Bush een belediging voor de islam zou zijn, maar via hun Pakistaanse ambassade. In hun eerste reactie vroegen ze om bewijsmateriaal van Bin Ladens deelname in de aanvallen van 11 september, en boden ze aan hem in een islamitische rechtszaal te berechten. Toen de dreiging van oorlog groter werd boden ze aan hem in een neutraal land te laten berechten. Gematigden binnen de Taliban zijn naar verluidt samengekomen met ambtenaren van de Amerikaanse ambassade om een manier te bedenken om Mullah Muhammed Omar te overtuigen Bin Laden toch aan de VS uit te leveren, om een vergeldingsoorlog te voorkomen. Alle voorstellen die door de Taliban gedaan zijn, waaronder onvoorwaardelijke uitlevering, zijn door president Bush afgewezen.

Op 18 november 2001 stelde de Veiligheidsraad van de VN een resolutie, waarin van de Taliban onvoorwaardelijk werd geëist dat Osama bin Laden overgedragen wordt, en dat alle trainingskampen voor terroristen gesloten worden. Hierin werd verwezen naar een resolutie uit december 2000 waarin ook al om uitlevering van Bin Laden werd gevraagd voor het bombarderen van twee ambassades van de VS in Afrika in augustus 1998. Er werd in de resolutie echter niet gesproken over het gebruik van geweld.

[bewerken] Uitbraak

Navy SEAL, 2002, Afghanistan

Zondag 7 oktober 2001 om ca. 18.00 uur bombardeerden strijdkrachten van de Verenigde Staten en het Verenigd Koninkrijk voor het eerst bepaalde doelen in Afghanistan, de bases van Taliban-strijdkrachten en van al Qaida. Deze aanvallen waren een reactie op de terroristische aanslagen op 11 september 2001 in New York en Washington D.C..

Gerapporteerd zijn aanvallen op terroristische trainingskampen van Osama bin Laden, elektriciteitscentrales in de Afghaanse hoofdstad Kabul, alsmede op het vliegveld en militair zenuwcentrum in Kandahar. Ook in de stad Jalalabad zijn aanvallen uitgevoerd.

[bewerken] Politiek en coalitie

Zowel de Amerikaanse president George Bush als de Britse eerste minister Tony Blair berichtten hun respectievelijke naties in televisietoespraken over deze ontwikkelingen. Bush zei dat militaire doelen en terroristische opleidingskampen werden aangevallen en dat tevens levensmiddelenpakketten gedropt werden, omdat, zo zei hij, "het Afghaanse volk onze vriend is". Deze droppings zijn hevig bekritiseerd, vanwege het ambivalente en ook weinig effectieve karakter ervan.

In zijn toespraak complimenteerde Bush premier Tony Blair vanwege de Britse deelname aan de aanvallen. Behalve het Verenigd Koninkrijk hebben ook Canada, Frankrijk en Duitsland actieve steun toegezegd. Ondanks terughoudendheid in de Arabische staten wat betreft vergelding op het Pakistaanse al-Qaida-netwerk in Afghanistan heeft de Pakistaanse leider generaal Pervez Musharraf zijn ondersteuning aangeboden. Pakistan heeft zijn grenzen geopend voor de toenemende stroom vluchtelingen uit Afghanistan.

De Britse premier Tony Blair voerde in oktober en november een diplomatiek offensief waarbij hij ruim 60 politieke leiders in de hele wereld sprak.

Begin november 2001 boden verschillende landen, waaronder Nederland, Duitsland en Japan, op verzoek van de VS en Verenigd Koninkrijk, concrete militaire steun.

1rightarrow.png Voor de Nederlandse deelname aan de internationale troepenmacht in Afghanistan, zie Task Force Uruzgan

[bewerken] Ingezet materieel

Verschillende technieken zijn bij de strijd toegepast. Waarschijnlijk is men begonnen met het afvuren van Tomahawk-kruisvluchtwapens vanaf Britse en Amerikaanse onderzeeboten en oorlogsschepen. Daarna zijn Amerikaanse helikopters en jachtvliegtuigen ingezet. Ook zijn naar schatting 15 gevechtsvliegtuigen en 25 bommenwerpers betrokken bij de gevechtshandelingen. Het was de bedoeling dat op deze eerste dag twee C17-transportvliegtuigen 37.500 dagrantsoenen zouden droppen boven groepen vluchtelingen in Afghanistan.

Ook werden er door de Amerikanen in 2001 speciale kleine eenheden van de Special Forces ingezet die te paard de Noordelijke Alliantie steun verleenden [5].

[bewerken] De pers

Al Jazeera, het pan-Arabische nieuwsnetwerk, heeft video-opnamen getoond van een vooraf opgenomen toespraak van Osama bin Laden, waarin deze elke aanval tegen Afghanistan veroordeelt. Bin Laden zei hierbij dat hij de eigenlijke verantwoordelijke voor de 11 september-aanslagen is, dat de Verenigde Staten ineen zullen storten nadat hun missie in Afghanistan (net als die van de Sovjet-Unie destijds) gefaald heeft, en hij roept moslims op tot jihad (heilige oorlog) tegen Amerika, het christendom ("de kruisvaarders"), Israël ("de zionisten") en de rest van de wereld.

[bewerken] Verloop van de oorlog

De Amerikanen bemoeiden zich slechts minimaal met de strijd op de grond, maar bombardeerden de Taliban vanuit de lucht. De Noordelijke Alliantie coördineerde wel haar acties met de Amerikaanse plannen. De bombardementen verzwakten de strijders, hoewel aanvankelijk in het front geen beweging kwam. Op 9 november vond de strijd om Mazar-i-Sharif plaats, waarbij de Noordelijke Alliantie een offensief opende gesteund vanuit de lucht door de Amerikanen. De Taliban gaven de stad na zware strijd op.

Half november was er een doorbraak aan het front. Troepen in de bergen veroverden grote delen van het land. De Alliantie rukte op naar Kaboel, en ondanks Amerikaanse verzoeken de stad (nog) niet te nemen bezette de Alliantie Kaboel toch op 12 november. De Taliban hadden de stad de nacht ervoor al ontruimd. De Taliban troepen werden teruggedrongen tot Kandahar en een gebied in het noordwesten van Afghanistan. Uiteindelijk werden ook deze gebieden bezet en trokken de Taliban zich terug in de bergen. Zowel mullah Omar als Osama bin Laden werden niet aangetroffen, maar Mutawakkil gaf zich niet lang daarna aan de Amerikaanse commando's over.

[bewerken] Na afloop van de oorlog

Na afloop van de oorlog werden diverse besprekingen gevoerd (o.a. een Loya Jirga) over de vorming van een nieuwe regering onder leiding van Hamid Karzai. In maart 2004 had deze regering beperkte controle over het merendeel van het Afghaanse grondgebied. Wel is het nog steeds erg onrustig. Regelmatig worden er troepen van de ISAF en hulpverleners gedood door talibanstrijders.

[bewerken] Aantal gesneuvelde militairen sinds 2001

Land Aantal gesneuvelde militairen[6]
Australië 26
België 1
Canada 156
Denemarken 40
Duitsland 53
Estland 8
Finland 2
Frankrijk 59
Georgië 8
Hongarije 6
Italië 36
Jordanië 2
Letland 3
Litouwen 1
Nederland 25
Nieuw-Zeeland 2
Noorwegen 10
Polen 27
Portugal 2
Roemenië 19
Spanje 31
Tsjechië 4
Turkije 2
Verenigd Koninkrijk 368
Verenigde Staten 1604
Zuid-Korea 1
Zweden 5
Totaal 2501

Bron: iCasuallties[7]

[bewerken] Gesneuvelde en zwaar gewonden Afghaanse militairen

Geschatte aantal gesneuvelde Afghaanse militairen in juli 2004: 10265

Geschatte aantal zwaargewonden Afghaanse militairen in juli 2004: 100256

[bewerken] Zie ook

[bewerken] Externe link

[bewerken] Voetnoten

  1. NATO kills ex-Gitmo detainee in Afghanistan. Associated Press (3 September 2011).
  2. "Al Qaeda suffers another blow with arrest of senior operational figure", CNN, 5 September 2011.
  3. Bill Roggio (2010-08-17). Islamic Movement of Uzbekistan names Abu Usman as new leader. The Long War Journal. Geraadpleegd op 2011-08-02.
  4. Force Captures Senior Haqqani Leader in Afghanistan. US Department of Defense (3 October 2011).
  5. Doug Stanton "Horse soldiers - The Extraordinary Story of a Band of U.S. Soldiers Who Rode to Victory in Afghanistan", uitg. Scribner, New York (2009)
  6. icasualties.org (geraadpleegd op 3 juni 2011)
  7. http://icasualties.org/OEF/ByYear.aspx
Persoonlijke instellingen
Naamruimten

Varianten
Handelingen
Navigatie
Informatie
Hulpmiddelen
Afdrukken/exporteren
In andere talen