Ophopingspunt
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
In de wiskunde, speciaal in de analyse, is een ophopingspunt, verdichtingspunt of limietpunt van een verzameling een punt (niet noodzakelijk tot de verzameling behorend) met in elke omgeving oneindig veel punten van de verzameling. Punten van de verzameling hopen zich op in de buurt van het ophopingspunt; hoe dichter men het verdichtingspunt nadert, hoe dichter de punten van de verzameling opeen liggen.
Inhoud |
[bewerken] Getallenrij
Een (oneindig)e rij reële getallen heeft altijd een of meer ophopingspunten. Is er slechts een ophopingspunt, dan is de rij convergent met het ophopingspunt als limiet. De kleinste (eigenlijk het infimum) van de ophopingspunten heet de liminf van de rij; de grootste (het supremum) heet limsup.
[bewerken] Definitie
Het punt c heet ophopingspunt van de verzameling A als in iedere omgeving van c nog een punt van A ligt, ongelijk aan c.
Als A een deel is van de complexe getallen (of reële getallen) kan de definitie in formule gegeven worden als:
Het getal c heet ophopingspunt van de verzameling A als:
Alternatief kan de definitie ook in termen van een rij worden gegeven:
Het punt c heet ophopingspunt van de verzameling
als er een rij (an) in A bestaat, die naar c convergeert en waarvoor geldt dat
.
[bewerken] Voorbeelden
Hieronder staan een aantal eenvoudige voorbeelden die ophopingspunten in het
vlak behandelen.
[bewerken] Voorbeeld 1: Eén ophopingspunt
Van de rij
is 0 het ophopingspunt. Merk op dat zelfs voor extreem grote waarden van n de rij nooit de waarde van het ophopingspunt 0 bereikt. 
[bewerken] Voorbeeld 2: Twee ophopingspunten
Een voorbeeld van meerdere ophopingspunten. Nemen we de rij
.
Deze rij heeft duidelijk twee convergente deelrijen: de deelrij van de even n en de deelrij voor de oneven n. De deelrijen q (bovenste rij) en r (onderste rij) convergeren respectievelijk naar 1 en -1. De rij (bn) heeft dus twee ophopingspunten.
[bewerken] Voorbeeld 3: Oneindig als ophopingspunt
De rij
bevat twee deelrijen (qm) voor de even n en (rm) voor de oneven n die respectievelijk de :
en
als ophopingspunt hebben.






