Opperbevelhebber

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Een opperbevelhebber heeft de hoogste zeggenschap over de gezamenlijke strijdkrachten, zowel over de landmacht, de luchtmacht als over de marine. Soms wordt de term gebruikt voor degene die formeel het oppergezag heeft maar geen feitelijk leiding geeft, zoals de president van de Verenigde Staten van Amerika; soms juist voor de militair die feitelijk het hoogste bevel voert. De term kan ook relatief zijn ten opzichte van een bepaald strijdtoneel: zo was Dwight Eisenhower opperbevelhebber wat betreft de Operatie Overlord. De autoriteit die de hoogste commando's geeft, heet het opperbevel; dit bestaat in de praktijk uit een vaak zeer uitgebreide staf, die zich behalve met de directe uitvoering meestal ook bezighoudt met beleidsvorming.

In Nederland heeft de regering het oppergezag over de krijgsmacht, zie artikel 97 lid 2 van de Grondwet. Echter in de praktijk worden de krijgsmachten aangestuurd door generaal Tom Middendorp, de huidige Commandant der Strijdkrachten die echter nooit opperbevelhebber genoemd wordt.

Indachtig artikel 5 van de Wet Veiligheidsregio's en artikel 53 lid 1 van de Veiligheidswet BES heeft de burgemeester of gezaghebber het opperbevel in geval van een ramp of van ernstige vrees voor het ontstaan daarvan. Degenen die aan de bestrijding van een ramp deelnemen, staan onder zijn bevel.