Oppositieleider
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Een oppositieleider is een titel voor meestal het parlementslid dat politiek leider is van de grootste politieke fractie die niet in de regering zit. Het verschilt per land wat voor rol de oppositieleider vervult. Hij kan gezien worden als de directe rivaal van de zittende premier, en eventueel een schaduwkabinet aanvoert.
Voorbeelden van huidige oppositieleiders:
- België (federaal): Jan Jambon (N-VA, 27/150 Kamerzetels)
- Brussels Hoofdstedelijk Gewest: Vincent De Wolf (MR/FDF 24 (13+11)/89 Parlementszetels)
- Vlaanderen: Pieter De Crem (Open VLD, 22/124 Parlementszetels)
- Wallonië: Willy Borsus (MR, 19/75 Parlementszetels)
- Duitsland: Frank-Walter Steinmeier (SPD, 146/620 Bondsdagzetels)
- Frankrijk: Jean-François Copé (UMP, 197/577 Assembléezetels); wordt echter betwist door François Fillon
- Japan: Banri Kaieda (DJP, 57/480 Lagerhuiszetels)
- Nederland: Geert Wilders (PVV, 15/150 Kamerzetels) / Emile Roemer (SP, 15/150 Kamerzetels)
- Verenigd Koninkrijk: Ed Miliband (Labour, 258/650 Lagerhuiszetels)
- Zimbabwe: Morgan Tsvangirai (MDCZ, 100/210 Assembleézetels) (Tsvangirai haalde in 2008 echter 1 zetel meer dan de ZANU-PF-partij van president Robert Mugabe, en kon daarom wel premier worden, maar wordt desondanks nog steeds gezien als oppositieleider tegenover Mugabe.)