Orbita

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Frontaal zicht op de schedel
Mediale wand van linker orbita

De oogkas,[1][2] oogholte,[1] oogkuil[1] of orbita[3] is een opening in de schedel waarin het oog gelegen is.

De vorm van de oogkas komt overeen met een vierzijdige piramide. De top ervan ligt aan de binnenkant. De opening wordt door verschillende beenderen begrensd.

Begrenzingen[bewerken]

Het dak van de oogkas wordt aan de voorkant gevormd door de pars orbitalis ossis frontalis, aan de achterzijde door de ala minor ossis sphenoidis. De laterale wand bestaat uit een deel van het jukbeen en de ala major ossis sphenoidis. De bodem wordt vooraan gevormd door de facies orbitalis van het bovenkaakbeen en achteraan door de processus orbitalis ossis palatini. Aan de margo infraorbitalis wordt de bodem nog voltooid door het jukbeen. De mediale wand bestaat uit de lamina orbitalis ossis ethmoidis,[4] het traanbeen en het wiggenbeen. Tenslotte nemen nog enkele stukjes van het voorhoofdsbeen en het bovenkaakbeen deel.

Openingen[bewerken]

  • Fissura orbitalis superior
  • Fissura orbitalis inferior
  • Canalis opticus
  • Foramen zygomaticoorbitale
  • Foramen ethmoidicum anterius
  • Foramen ethmoidicum posterius

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. a b c Pinkhof, H. (1923). Vertalend en verklarend woordenboek van uitheemsche geneeskundige termen. Haarlem: De Erven F. Bohn.
  2. Kloosterhuis, G. (1965). Praktisch verklarend zakwoordenboek der geneeskunde (9de druk). Den Haag: Van Goor Zonen.
  3. His, W. (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag von Veit & Comp.
  4. Hafferl, A. (1953). ‘’Lehrbuch der topographischen Anatomie.’’ Berlin/Göttingen/Heidelberg: Springer Verlag.