Otto van Veen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Otto van Veen
Octavio van Veen in Het Gulden Cabinet
Octavio van Veen in Het Gulden Cabinet
Persoonsgegevens
Geboren 1557,
Leiden (Counts of Holland Arms.svg Graafschap Holland)
Flag of the Low Countries.svg Habsburgse Nederlanden
Overleden 6 mei 1629,
Brussel ( Hertogdom Brabant)
Flag of the Low Countries.svg Zuidelijke Nederlanden
Beroep(en) Kunstschilder
Portaal  Portaalicoon   Kunst & Cultuur
Otto van Veen, Christus in het huis van Maria en Martha, circa 1597

Otto van Veen, Latijn: Otto Venius (Leiden, 1557Brussel, 6 mei 1629) was een hofschilder van Alexander Farnese, de hertog van Parma. Na diens dood in 1592, werd hij de leermeester van Peter Paul Rubens en hofschilder van de aartshertogen Albrecht van Oostenrijk en Isabella van Spanje. Na 1600 ging Van Veen zich steeds meer bezighouden met de publicatie van emblemataboeken, waaronder Amorum emblemata (1608) en Amoris divini emblemata (1615). Hij heeft het meeste van zijn actieve leven in de zuidelijke Nederlanden doorgebracht. Hij representeerde de contra-reformatie in de stijl van de hoge Renaissance.

Van 1574 tot minstens 1579 verbleef hij in Italië. In 1593 werd hij vrijmeester in de Sint Lucas gilde.

Bibliografische referenties[bewerken]

  • A. Balis, ‘Rubens en zijn atelier: een probleemstelling’ Rubens: Een genie aan het werk. Rondom de Rubenswerken in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, vol. tent.cat. (Brussel, Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, 2007-2008) pp. 30-51
  • F. Sweertius, Athenae Belgicae (Antwerp, 1628), pp. 590–91
  • J. van den Gheyn, Album Amicorum de Otto Venius: Reproduction intégrale en fac-similé avec introduction, traductions, notes (Brussels, 1911)
  • M. de Maeyer, ‘Otto Venius en de tapijtreeks De veldslagen van Aartshertog Albrecht’ [Otto Venius and the tapestry series The Battles of Archduke Albert], A. Textiles, ii (1955), pp. 105–11
  • J. Müller Hofstede, Otto van Veen: Der Lehrer des P. P. Rubens (diss., U. Freiburg im Breisgau, 1959)
  • J. Müller Hofstede, ‘Zum Werke des Otto van Veen, 1590–1600’, Mus. Royaux B.-A. Belgique: Bull., vi (1957), pp. 127–74
  • J. R. Judson, ‘Van Veen, Michelangelo and Zuccari’, Essays in Honor of Walter Friedländer (New York, 1965), pp. 100–110
  • F. Baudouin, ‘Een jeugdwerk van Rubens, Adam en Eva en de relatie van Veen en Rubens’, Antwerpen (1968), pp. 45–61
  • T. Wilberg Vignau-Schuurman, ‘Joris Hoefnagels Groteskenserie en de Amorum Emblemata van Otto van Veen’, Opstellen voor H. van de Waal (Leiden, 1970), pp. 214–32
  • I. Gerards-Nelissen, ‘Otto van Veen’s Emblemata Horatiana’, Simiolus, v (1971), pp. 20–63
  • L. van Looveren, ‘Venationum novem archtype: Negen allegorische jachttaferelen door Otto van Veen’ [Venationum novem archtype: Nine allegorical hunting paintings by Otto van Veen], Gulden Passer, lii (1974), pp. 151–75 [issue dedicated to Louis Lebeer]
  • J. Müller Hofstede, ‘Ut pictura poesis: Rubens und die humanistische Kunsttheorie’, Internationaal Rubenscolloquium: Antwerpen, 1977; also in Gent. Bijd. Kstgesch. & Oudhdknd., xxiv (1976–8), pp. 171–89
  • L. Seth, ‘Vermeer och van Veens Amorum Emblemata’, Ksthist. Tidskr., xlix (1980), pp. 17–40
  • H. Vlieghe, ‘Rubens and van Veen in Contest: A Marginal Note’, Studia Ioanni Białostocki (Warsaw, 1981), pp. 477–82
  • L. Forster, ‘Die Emblemata Horatiana des Otho Vaenius’, Wolfenbüttel. Forsch. (1981), pp. 117–28
  • J. Foucart, ‘Quelques inédits d’Otho Vaenius’, Rubens and his World (Antwerp, 1985), pp. 97–108
  • E. Larsen, Seventeenth-century Flemish Painting (Freren, 1985), pp. 58–60
  • N. Walch, ‘Deux eaux-fortes anonymes en relation avec le tableau d’Otto van Veen Le Christ mort soutenu par un ange’, Gulden Passer, lxi–lxiii (1985), pp. 629–43 [issue devoted to Léon Voet]
  • P. Verhoeven, ‘Civilis en zijn Bataven: Symbool van Hollands patriotisme’, Hermeneus, lviii (1986), pp. 32–40
  • A. Vogl, Der Bilderzyklus ‘Der Triumph der Kirche’ von Otto van Veen (Munich, 1987)
  • Van Bruegel tot Rubens, De Antwerpse schilderschool, 1550–1650 (exh. cat. Antwerp, Kon. Mus. S. Kst., 1992), pp. 320–21