Overstort

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een overstort in werking
Een prefab-overstortput tijdens de bouw

Een overstort dient om overtollig rioolwater af te voeren naar oppervlaktewater.

Historie en techniek[bewerken]

Van oudsher is het gewoonte dat vuil en schoon (regen) water tegelijk afgevoerd worden. Toen de populatie nog klein was en men geen of weinig chemicaliën gebruikte leverde dit weliswaar problemen op zoals ziektes maar bleef de overlast relatief beperkt. In de twintigste eeuw nam de bevolking in de steden snel toe samen met het gebruik van allerlei chemische stoffen. Via de bestaande rioolstelsels werd dit naar oppervlaktewater afgevoerd en ontstonden gevaarlijke en vooral vuile situaties.

In de stad Londen kwam het zo ver dat het parlement tijdelijk verhuisde omdat de rivier de Theems zo erg stonk dat vergaderen niet meer mogelijk was. Deze periode werd The Great Stink genoemd.

In tijden van hevige of langdurige regenval vult een gemengd rioolstelsel of hemelwaterriool zich met het gevallen regenwater. Als het rioolgemaal de hoeveelheid gevallen regen niet kan verwerken, dus als de afvoer kleiner is dan het aanbod, dan moet het water op een andere manier afgevoerd worden om wateroverlast (water op straat) te voorkomen. Via een overstortput wordt het overtollige water dan op oppervlaktewater geloosd. Dit komt in theorie gemiddeld ongeveer 5 tot 6 keer per jaar voor.

1rightarrow blue.svg Zie ook overstortfrequentie

Samenstelling overstortwater[bewerken]

Regenwaterriool[bewerken]

Het geloosde water vanuit een hemelwaterriool is voornamelijk verontreinigd met zware metalen als lood, zink en koper als gevolg van bouwmaterialen (dakgoten, regenpijpen etc) en het wegverkeer. Daarnaast kunnen zand, klei en organische resten van planten en bomen aangetroffen worden. Dierlijke uitwerpselen (met name van honden) kunnen ook een bron van vervuiling zijn. Ook strooizout en bestrijdingsmiddelen kunnen via een regenwaterriool afstromen naar open water.

Gemengde riolering[bewerken]

In overstortwater dat vanuit een gemengd rioolstelsel geloosd wordt bevat dezelfde stoffen als hierboven genoemd, maar bevat daarnaast ook nog menselijke uitwerpselen, urine, wc-papier, wasmiddelen en andere stoffen die in huishoudens en industrie gebruikt worden. Hoewel het niet in de riolering thuishoort komt ook maandverband, inlegkruisjes, condooms en andere soortgelijke zaken voor in het overstortwater. Met name deze zaken zijn voor veel mensen aanstootgevend en een belangrijke reden waarom mensen een overstort in hun omgeving niet willen accepteren. Uiteraard gaat een rioolwateroverstort ook gepaard met stank, het water heeft overduidelijk een riool-lucht. Aangezien een overstort normaal gesproken alleen plaatsvindt tijdens regenbuien is de overlast die deze stank veroorzaakt meestal vrij beperkt (de lucht wordt neergeslagen door de regen en verwaait door de wind en zijn er weinig mensen buiten tijdens regenbuien).

Overigens is ongeveer 98% van het overstortwater regenwater.

Maatregelen[bewerken]

De beheerders van rioolstelsels, veelal gemeenten, moeten voor de overstorten op grond van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren een vergunning aanvragen en aan een aantal eisen voldoen. De belangrijkste eis is vastgelegd in de basisinspanning. Hierin staat dat de maximale vuiluitworp niet groter mag zijn dan een zogenaamd referentiestelsel. Dit is een verbeterd gescheiden rioolstelsel met een zelfde aangesloten oppervlakte en aanbod aan afvalwater. Voorts moeten gemeenten op basis van artikel 4.22. van de Wet milieubeheer een gemeentelijk rioleringsplan opstellen. Voor veel gemeenten betekent dit dat men voorzieningen moet treffen om de vuiluitworp te beperken. De maatregelen zijn te verdelen in twee categorieën:

  • De bouw van randvoorzieningen zoals bergbezinkbassins, bergingsbassins- en riolen en de aanpassing van de capaciteit van de rioolgemalen en/of de rioolwaterzuiveringsinstallatie
  • Het afkoppelen van regenwater waardoor er minder regenwater in het gemengde stelsel terecht komt. Het water moet dan naar oppervlaktewater afgevoerd worden of via infiltratie in het grondwater.

Noodzaak[bewerken]

Een riooloverstort is hoe dan ook slecht voor het ontvangende oppervlaktewater. Hoewel veel mensen, milieuorganisaties en overheidsinstanties zich sterk maken om overstorten uit te bannen is dit een praktisch onhaalbaar doel. Eeuwenlang was het gewoon dat het regenwater met het afvalwater afgevoerd werd. Het is zeer arbeidsintensief en duur om de bestaande rioolsystemen te scheiden.

Het simpelweg dichtmetselen van een overstort betekent dat bij hevige regenval water op straat blijft staan of in laag gelegen gebieden uit de riolering de straat op stroomt, of zelfs in woningen uit het toilet omhoog komt. Dit levert niet alleen overlast op maar ook gevaar voor de volksgezondheid en kans op letsel of verdrinking als putdeksels door het stromende water uit hun sponning gedrukt worden.

Ziekten[bewerken]

De in het afvalwater aanwezige bacteriën, virussen en organismen kunnen ziekten veroorzaken bij mens en dier. Contact met dit water wordt dan ook sterk afgeraden, consumptie is uiteraard uit den boze.

Externe links[bewerken]