POSCO

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pohang Iron and Steel Company
De POSCO-toren in Seoel werd opgeleverd in 1987 en staat sindsdien symbool voor de onderneming.
De POSCO-toren in Seoel werd opgeleverd in 1987 en staat sindsdien symbool voor de onderneming.
Beurs NYSE: PKX, LSE: PIDD
TSE: 5412
Oprichting April 1968
Oprichter(s) Park Tae-Joon
Sleutelfiguren Lee Ku-Taek (CEO)
Hoofdkantoor Vlag van Zuid-Korea Pohang
Werknemers 22.170 (2006)[1]
Producten Staal
Industrie Staal
Omzet Gestegen €17,35 miljard (2006)[1]
Winst Gestegen €2,65 miljard (2006)[1]
Website www.posco.com
Korea Stock Exchange (KRX): 005490
Portaal  Portaalicoon   Economie

POSCO is een Zuid-Koreaans staalbedrijf. Anno 2006 was het de op drie na grootste staalproducent ter wereld met een productie van 30,1 miljoen ton dat jaar. Het bedrijf stond dat jaar op de 236ste plaats in de Fortune Global 500, de ranglijst van grootste bedrijven ter wereld.[1] POSCO is voor veel Koreanen een symbool van nationale trots en het bedrijf is ook erg belangrijk in de industrie van het land. Zo zijn de scheepsbouw en de auto-industrie afhankelijk van POSCO's staalproductie.

Geschiedenis[bewerken]

POSCO's Gwangyang-staalfabriek

In de jaren 1950 besloot Zuid-Korea dat zelfbedruiping inzake staal noodzakelijk was om het land economisch te ontwikkelen. In 1968 ging het staalbedrijf POSCO van start met 39 werknemers. Volgend op een akkoord financierde Japan de bouw van de eerste staalfabriek en onder meer Nippon Steel zorgde voor technische ondersteuning. De fabriek werd opgestart in 1972 en produceerde staalplaten voor de thuismarkt. Die werden onder de internationale prijs verkocht om de Zuid-Koreaanse bedrijven meer concurrentiekracht te geven. POSCO ging vervolgens staal maken voor de Zuid-Koreaanse auto-industrie, de scheepsbouw en voor de elektronicasector.

De POSTEEL-toren in Seoel werd opgeleverd in 2003

POSCO groeide enorm en tegen het einde van de jaren 1980 was het reeds de op vier na grootste staalproducent ter wereld. De jaarproductie bereikte toen 12 miljoen ton. Het bedrijf bleef verder uitbreiden met bijkomende hoogovens. In die periode werd POSCO als de beste staalproducent met de beste fabrieken ter wereld beschouwd. Het bedrijf ging een nieuw tijdperk in toen haar stichter Park Tae-Joon na 25 jaar aftrad als directeur. Onder de nieuwe leiding begon POSCO verder de decentraliseren en te diversificeren. Ook werd de organisatiestructuur gemoderniseerd. In juli 1994 werden twee dochterondernemingen opgericht. POSTEEL ging instaan voor de verkoop en de dienstverlening op de thuismarkt. POSTRADE ging instaan voor de internationale verkoop.

In 1997 werd besloten tot de privatisering van het staatsbedrijf. Men besloot daarna om alle aandelen in handen van de overheid te houden als investering. Toen een economische crisis uitbrak besloot men om toch maar alles te verkopen. Tegen 1998 bezat de overheid nog minder dan een vijfde van de aandelen en was de helft van het bedrijf in buitenlandse handen. De volledige privatisering van POSCO werd in 2000 afgerond. Ter voorbereiding hierop waren nieuwe professionele managementsstructuren en beloningssystemen voor de prestaties van het management ingevoerd. De operatie leidde tot een grotere omzet en winst en dankzij de sterke binnenlandse en Chinese vraag in 2004 zette POSCO dat jaar recordcijfers neer. De winst bedroeg toen 1,12 miljard Euro ofwel 80% meer dan het jaar voordien. POSCO begon vervolgens ook uit te breiden en bouwde bijkomende hoogovens in China, India, Mexico en Vietnam.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties