Pančevo
|
|
|||
|
|
|||
|
|
|||
| Regio | Vojvodina | ||
| District | Zuid-Banaat | ||
| Coördinaten | 44°52'N 20°39'E | ||
|
|
|||
| Oppervlakte | 230 km² | ||
| Inwoners (2002) | 126.069 | ||
|
|
|||
| Stadsbeeld met postkantoor | |||
| Kerk van Maria-Tenhemelopneming | |||
|
|||
Pančevo (Servisch: Панчево; Hongaars: Pancsova; Roemeens: Panciova; Duits: Pantschowa of Banstadt) is een stad in Servië, gelegen op de linkeroever van de Donau, bij de monding van de Tamiš, en behorend tot het landsdeel Vojvodina. Het is de hoofdstad van het district (okrug) Južni Banat, dat het zuidelijke deel van het historische Banaat omvat. Pančevo telt 77.087 inwoners en is de hoofdplaats van de gelijknamige gemeente, die 127.162 inwoners telt (2002). Pančevo is een belangrijke industriestad met een olieraffinaderij en chemische industrie. Om die reden vormde de stad in 1999 een belangrijk doelwit van NAVO-bombardementen.
In de gemeente Pančevo is het klooster Vojlovica gelegen.
[bewerken] Geschiedenis
De eerste vermelding van Pančevo dateert uit 1430 (Panczel), toen deze plaats tot het middeleeuwse koninkrijk Hongarije behoorde. In de 16de eeuw werd Pančevo door het Ottomaanse Rijk veroverd, waartoe het tot 1716 zou blijven behoren. In dat jaar werd Pančevo met het omliggende gebied door Oostenrijk op de Turken veroverd, wat in 1718 formeel bekrachtigd werd. Pančevo ging deel uitmaken van het Banaat van Temeswar, een militair bestuurd gebied. Tot 1871, lang nadat de rest van het Banaat bij Hongarije was gevoegd, bleven Pančevo en omgeving onderdeel van de Oostenrijkse Militärgrenze. In 1871 kwam de stad in het Hongaarse comitaat Torontál te liggen. Na de Eerste Wereldoorlog werd Pančevo in 1920 aan de nieuwe staat toegewezen die later Joegoslavië zou gaan heten.
| Zie de categorie Pančevo van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |