Pangasius pangasius

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pangasius pangasius
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2009)
Pangasisus Hamilton.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Actinopterygii (Straalvinnigen)
Orde: Siluriformes (Meervalachtigen)
Familie: Pangasiidae (Reuzenmeervallen)
Geslacht: Pangasius
Soort
Pangasius pangasius
(Hamilton, 1822)
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vissen

Pangasius pangasius is een straalvinnige vis uit de familie van reuzenmeervallen (Pangasiidae) en behoort tot de grote orde van meervalachtigen (Siluriformes). Deze vis wordt bij een lengte van minimaal 63 centimeter geslachtsrijp en kan maximaal een lengte van 3 meter bereiken. De rugvin heeft 2 harde stekels en 7 vinstralen, de aarsvin heeft alleen 29 tot 32 zachte vinstralen.

Leefomgeving[bewerken]

Pangasius pangasius komt voor in zoet en brak water. Het verspreidingsgebied beperkt zich tot de tropische gebieden in Azië, zoals de grote rivieren in India en Myanmar en de Mekong delta in Vietnam waar de temperatuur van het water tussen de 23 en 28°C is. Daarnaast is de vis uitgezet in andere riviersystemen in tropisch Azië.

Relatie tot de mens[bewerken]

Pangasius pangasius is voor de beroepsvisserij van aanzienlijk belang.
De vis wordt tegenwoordig gekweekt, vooral in de Vietnamese Mekongdelta. In de handel is de vis als Panga (Nederland) of Pangasius (België) te koop, meestal als (diepgevroren) filet. Een andere vis die als panga verkocht wordt is Pangasius hypophthalmus, een andere reuzenmeerval. Deze vissoorten vormen een alternatief voor bedreigde vissoorten als zeetong en hebben een zachte smaak.

Volgens de recentste Viswijzer is het eten van Pangasius een 'Eerste keus' mits voorzien van het GlobalGAP keurmerk. Dat keurmerk is niet voor de consument, maar voor de visimporteurs. Visproductie die nog niet voorzien is van dat keurmerk, is voorlopig tweede keus maar wordt niet afgeraden.[2][3]

De soort staat op de Rode Lijst van de IUCN als niet bedreigd, beoordelingsjaar 2009. De omvang van de populaties is volgens de IUCN dalend. De populatie wordt overbevist en heeft mogelijk ook te lijden door verlies aan leefgebied door het afdammen van rivieren en watervervuiling. Voor dit laatste ontbreekt "hard" bewijs.[1]

Bronnen, noten en/of referenties