Panterkameleon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Panterkameleon
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2011)
Panther Chameleon (Furcifer pardalis).jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Lacertilia (Hagedissen)
Infraorde: Iguania (Leguaanachtigen)
Familie: Chamaeleonidae (Kameleons)
Geslacht: Furcifer
Soort
Furcifer pardalis
Cuvier, 1829
Afbeeldingen Panterkameleon op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Panterkameleon op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

De panterkameleon[2] (Furcifer pardalis) is een hagedis uit de familie kameleons (Chamaeleonidae).[3] De soort moet niet verward worden met de pantserkameleon, die tot de bodembewonende kortstaartkameleons behoort.

Naam[bewerken]

De panterkameleon werd voor het eerst wetenschappelijk beschreven door Georges Cuvier in 1829. Later werden verschillende andere wetenschappelijke namen gebruikt zoals Chamaeleo ater, Cyneosaura pardalis, Chamaeleo guentheri en Chamaeleon longicauda. Omdat de soort lange tijd ingedeeld was onder het geslacht Chamaeleo duikt de oude naam Chamaeleo pardalis nog vaak op.

Uiterlijke kenmerken[bewerken]

Het mannetje kan meer dan 50 centimeter lang worden, maar het vrouwtje en in gevangenschap gehouden exemplaren blijven meestal onder de 40 cm. Op de flank loopt een enkele streep van kop naar staart en meestal een aantal donkere vlekken of strepen op flanken en poten, waaraan de naam te danken is. De soort is te herkennen aan een wat langgerekt lichaam stekelachtige rugkam (man), en ronde lange staart. Ook heeft de kameleon een keelzak die opgezet wordt om de kop groter te laten lijken.

De kleuren zijn vaak specifiek voor de streek waar het dier vandaan komt. De streeknaam wordt dan ook ter aanvulling van de soortnaam gebruikt om aan te geven uit welk gebied het dier, en de samenhangende kleurlijn, afkomstig is. Een kleurlijn die bijvoorbeeld van het eiland Mitsio afkomstig is wordt "Furcifer Pardalis Nosy Mitsio" genoemd. De panterkameleon kent enorm veel kleurvarianten, werkelijk alle kleuren zijn wel vertegenwoordigd. Ieder dier heeft een beperkt pallet aan kleuren waarmee het kan wijzigen van uiterlijk. Zo'n kleurenpalet is over het algemeen samengesteld uit de kleuren die in rust ook zichtbaar zijn. Bij opwinding zullen ze deze kleuren intenser laten zien, waarbij het patroon van het dier nagenoeg gelijk blijft maar wel veel duidelijker zichtbaar wordt. Ze worden dus intenser van kleur en zullen dus niet plotseling van blauw naar oranje en dan weer naar paars gaan kleuren. Dit veranderen is niet, zoals algemeen aangenomen, ter aanpassing van zijn omgeving, maar heeft te maken met gemoedsstemming. Over het algemeen heeft alleen het mannetje prachtige kleuren. De vrouwtjes zijn vaak wat lichtbruin/roze van kleur, waardoor het bijzonder moeilijk is om te herkennen uit welke streek ze afkomstig zijn.

Levenswijze[bewerken]

De panterkameleon is een echte klimmer die maar zelden op de bodem komt. Het voedsel bestaat uit insecten en andere kleine dieren, deze soort wil ook nog wel eens kleine vogels of hagedissen pakken. Het is bekend, dat kameleons van kleur veranderen ter camouflage, maar deze verkleuringen zijn ook van belang bij de communicatie, bijvoorbeeld om vrouwtjes te lokken. Vrouwtjes, die al bevrucht zijn, geven hiermee aan, dat ze niet bereid zijn tot paring.

Voortplanting[bewerken]

Een legsel bestaat meestal uit 12 tot 50 eieren, die in vochtige aarde worden afgezet en begraven. De mannetjes vechten in het voortplantingsseizoen om territoria.

Voorkomen en habitat[bewerken]

Leefgebied

Net zoals de tapijtkameleon (Furcifer lateralis) komt deze soort alleen voor op Madagaskar en enkele kleine omliggende eilandjes, waardoor het grote verspreidingsgebied verschillende kleurvarianten zijn ontstaan die niet altijd als ondersoort worden beschouwd. Op Mauritius en Réunion komt de panterkameleon ook voor maar daar is hij bewust uitgezet. Het lijkt erop dat deze soort zich snel aan kan passen aan gecultiveerde landschappen, waarbij andere soorten worden verdreven en de tapijtkameleon zich juist verspreidt. De habitat bestaat uit struiken en bomen in vochtige bosachtige gebieden.

Afbeeldingen[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronvermelding[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
Referenties
  1. (en) Panterkameleon op de IUCN Red List of Threatened Species.
  2. Bernhard Grzimek, Het Leven Der Dieren Deel VI: Reptielen, Kindler Verlag AG, 1971, Pagina 273 ISBN 90 274 8626 3.
  3. Peter Uetz & Jakob Hallermann. The Reptile Database – Furcifer pardalis
Bronnen
  • (en) Peter Uetz & Jakob Hallermann - The Reptile Database – Furcifer pardalis - Website Geconsulteerd 8 november 2014
  • Adcham.com
  • David Burnie (2001) - Animals, Dorling Kindersley Limited, London. ISBN 90-18-01564-4 (naar het Nederlands vertaald door Jaap Bouwman en Henk J. Nieuwenkamp).