Papierwespen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Papierwespen
Veldwesp bezig met het bouwen van een nest
Veldwesp bezig met het bouwen van een nest
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Arthropoda (Geleedpotigen)
Onderstam: Hexapoda (Zespotigen)
Klasse: Insecta (Insecten)
Orde: Hymenoptera (Vliesvleugeligen)
Onderorde: Apocrita (Bij-achtigen)
Superfamilie: Vespoidea (Wespachtigen)
Familie: Vespidae
Onderfamilies
Vespinae
Polistinae

Portaal  Portaalicoon   Biologie

De papierwespen (Vespinae) zijn de bekendste groep van wespen vanwege de grootte, de vaak zwart/gele kleuren en het feit dat een aantal soorten vrij agressief kan zijn en dan snel steekt.

Papiernest[bewerken]

De meeste papierwespen zijn sociale wespen. De onderfamilie dankt haar naam aan de nesten, die van houtvezels worden gemaakt. Omdat de wespen de vezels fijnkauwen en in dunne laagjes aanbrengen, lijkt het nest van papier te zijn gemaakt.

Voedsel[bewerken]

Wespen leven van nectar.

Plantaardig[bewerken]

Wespen leven van nectar, honingdauw van luizen, stuifmeel, plantensap, vruchtvlees en sap van rijpe vruchten (peren, pruimen onder andere), maar ook van vloeibare zoete voedings- en genotmiddelen bestemd voor menselijke consumptie (limonade, stroop en dergelijke). Het stuifmeel wordt meestal niet verzameld. Sommige wespensoorten beschadigen de planten om bij het sap te kunnen komen.

Dierlijk[bewerken]

De eiwitten, die de wespen nodig hebben voor de instandhouding van hun eigen lichaam, maar vooral voor de voeding van de larven, worden verkregen door het vangen en consumeren van andere insecten. Dit zijn vooral allerlei vliegensoorten. Daarnaast worden ook volwassen hooiwagens, cicaden en hun larven, evenals onbehaarde of weinig behaarde rupsen, larven van bladwespen, zaagwespen, honingbijen en spinnen gegeten. Ook vers vlees van kadavers wordt gegeten, wanneer de huid al stuk is. Wespen zijn namelijk niet in staat de huid stuk te bijten. Ook vlees uit prullenbakken en zelfs honden- en kattenvoer wordt naar het nest gebracht.

Wespen zijn belangrijke insectenbestrijders. Zo nam Schmitt in 1921 waar dat 300–400 werksters van de Duitse wesp in 6 uur 2500 vliegen van verschillende soorten tezamen met 650 tipuliden (langpootmuggen) en Culiciden (steekmuggen) in hun nest brachten. In een ander geval werden in 104 van de Duitse wespen afgenomen prooien 81 kamervliegen, 5 vleesvliegen, 1 kleine kamervlieg, 1 stalvlieg en 16 andere insectensoorten geteld.

verschillende ontwikkelingsstadia

Sociale wespen[bewerken]

Levenscyclus[bewerken]

Sociale wespen bestaan uit een volk met een koningin en een aantal werksters. Een volk leeft maar één jaar en sterft aan het begin van de winter zodra het gaat vriezen. Aan het eind van de zomer, in augustus of september, worden er uit enkele tientallen bevruchte eitjes koninginnen en uit onbevruchte eitjes mannetjes geboren. De koninginnelarven krijgen speciaal hormoonrijk voedsel waardoor uit gewoon bevruchte eitjes koninginnen ontstaan. Dit hormoon wordt door speciale klieren in de kop van de werksters gemaakt. De mannetjes zijn 15 mm lang en hebben langere antennes dan de werksters. Ze sterven vrijwel direct na de paring. Na paring met meerdere mannetjes overwinteren de jonge koninginnen in scheuren, vermolmd hout, onder de schors van een boom, onder mos of op andere beschutte plaatsen, zoals in schuren, muurholten, spouwmuren of onder een dak. De koningin kan in haar winterslaap probleemloos bevriezen en ontwaakt pas als zij boven een bepaalde temperatuur komt die pas in het voorjaar wordt bereikt. In het voorjaar bouwt de jonge koningin een nieuw nest. De tamelijk grote wespen (20 mm) die in het vroege voorjaar te zien zijn, zijn dus altijd de jonge koninginnen. Deze koninginnen voeden zich in het begin met nectar, en stuifmeel en indien aanwezig ook honingdauw. Ze bouwt de eerst vijf tot tien cellen zelf en legt daar een bevrucht eitje in. Het sperma van meerdere mannetjes dat nodig is voor de bevruchting heeft de jonge koningin vanaf de paring meegedragen. Omdat de koningin eitjes produceert, is de legboor in de plaats gekomen van de angel. De gifblaas is verworden tot opslagplaats van het sperma. Dit zijn ook de redenen dat een koningin geen mogelijkheid heeft tot steken.

Na 7–10 dagen komt de pootloze larve uit het eitje. De larve groeit 1–2 weken en gaat zich dan verpoppen. Vóór het verpoppen spint de larve een papierachtig deksel over de opening van de cel. In deze fase hopen de uitwerpselen zich op in het achterste gedeelte van de darm, die leeggemaakt wordt in de oude larvehuid, als de larve verandert in een zachte witte pop. Na 1–2 weken komt uit de pop de volwassen wesp. De jonge larven worden gevoed met dierlijke prooien, die door de koningin fijngekauwd worden en tot balletjes worden gemaakt. Hieruit komen ongeveer een maand na de bouw van het nest de eerste werksters, die voedsel gaan zoeken en het nest verder uitbouwen. De werksters zijn 10–15 mm lang. De koningin verlaat nu het nest niet meer en legt alleen nog maar eitjes.

Nest[bewerken]

Wespennest

De nesten worden gebouwd in verlaten muizennesten, in de grond, in schuren, muurholten, spouwmuren of onder een dak. Een afgebouwd nest heeft gemiddeld een doorsnede van 20–35 cm en een wanddikte van 2 cm, maar er komen ook veel grotere nesten voor. Vaak zijn er meerdere nestingangen. De nesten worden gemaakt van plantenvezels of droog hout. Dikwijls ziet men wespen aan droog hout knagen. Door de plantenvezels of het hout fijn te kauwen ontstaat er een papierachtige stof. De raten worden gemaakt van deze grijze of bruingele stof. De zeshoekige raten zijn altijd omgeven door één of meer ballonvormige omhulsels eveneens bestaande uit hetzelfde papierachtige materiaal. In de cellen van de raat legt de koningin haar eieren. In elke cel één. De Duitse wesp gebruikt alleen droog, verweerd hout, waardoor het nest er grijzig uitziet. De nesten van de Gewone wesp en de Hoornaar zien er roodbruin uit. Niet-geverfde vogelhuisjes of schuttingen in de tuin zijn overigens ook geschikt. Vanaf augustus-september begint het nest te vervallen en worden de werksters lastig voor de mens.

De zweefvlieg Volucella dringt wespennesten binnen en legt haar eieren in het nest. De wespen verzetten zich niet tegen deze zweefvlieginvasie, omdat de merkwaardige, stekelige larven een zeer nuttige rol als opruimers hebben. De larven leven in de mesthoop onder het nest, waar de dode wespen zich ophopen. Ook maken ze de verlaten en vuile cellen van de wespen schoon, waardoor de cellen opnieuw gebruikt kunnen worden.

De rupsen van het vlindertje Aphomia sociella leven ook als opruimers in wespennesten. Later in het jaar, als het nest achteruit gaat, vreten de rupsen echter ook de larven en poppen van de wespen op.

Toen Réaumur, bekend van zijn thermometer-schaalverdeling, de papierwespen aan het werk zag, kwam hij op het idee papier voor de mensen eveneens van hout te maken. Voordien gebeurde dit enkel vanuit lompen. Hierdoor ontstond een nieuw soort papier, veel goedkoper, maar met beperktere levensduur.

Indeling[bewerken]

Vespinae. Tot de in Europa voorkomende wespen van deze onderfamilie van de papierwespen behoren onder andere:

Vooral de Duitse wesp en de gewone wesp zorgen voor het slechte imago dat wespen hebben. Deze twee soorten, ook wel steekwespen of limonadewespen genoemd, komen op zoetigheid af, waardoor mensen ze lastig vinden. Ze hebben de grootste volken. De Duitse wesp heeft 1000-7000 en soms meer werksters per volk; de gewone wesp 1000-5000 maar soms ook meer. Bij 7000 werksters heeft het nest de omvang van een opgeblazen vuilniszak. De hoornaar heeft 100-700 werksters per volk en de andere hierboven genoemde wespen hebben 100-200 werksters.

Als het gaat om agressiviteit verschilt het gedrag per soort:

  • De Saksische wesp steekt bijna nooit en is weinig agressief zelfs dicht bij het nest.
  • De middelste wesp is alleen dicht bij het nest agressief.
  • De hoornaar is alleen agressief binnen een straal van 5 m van het nest, maar valt dan ook alles aan wat beweegt.

Polistinae. Tot de in Europa voorkomende wespen van deze onderfamilie van de papierwespen behoren onder andere:

  • De Franse veldwesp (Polistes dominulus)
Bouw van wespenkop Gewone wesp

Bouw[bewerken]

Er zijn drie geslachten papierwespen:

De papierwespen hebben bijna dezelfde bouw als de bijen, maar zijn meestal iets smaller of kleiner. Wespen hebben ook twee paar vliezige vleugels. Op de zijkant van de wespenkop zitten twee grote langwerpige facetogen met aan de bovenzijde van de kop een drietal bijogen (ocelli). Zij hebben ook twee stevige zijwaarts bewegende kaken (mandibels) met daaronder monddelen, waarmee ze kunnen likken en zuigen. Wat bij de papierwesp (limonadewesp of steekwesp) vooral opvalt is het uiterlijk met de karakteristieke helgele en zwarte (waarschuwende kleuren) dwars tekening op het achterlijf. De werksters zijn 10–15 mm lang; de koninginnen ongeveer 20 mm. Een opvallend kenmerk is het propodeum of wespentaille: de sterk ingesnoerde overgang van het borststuk naar het achterlijf. Bij de werksters is het eilegapparaat (ovipositor) omgevormd tot een angel. Alleen werksters kunnen dus steken. Koninginnen en mannetjes niet.

Wespensteken[bewerken]

Uitgestoken angel van de Gewone wesp

Alléén vrouwtjeswespen kunnen steken. Met wespen moet daarom enigszins voorzichtig omgegaan worden, dit in tegenstelling tot hommels. Hommels proberen te vluchten, tenzij men ze dreigt te pletten. Daarentegen kunnen wespen, vooral als hun nest wordt verstoord, agressief worden waarbij ze de verstoorder achtervolgen om deze liefst meerdere keren te steken. Wespen hebben geen weerhaakjes aan de angel en kunnen telkens opnieuw steken. Een steek van een plooivleugelwesp is een aantal uren tot zelfs een paar dagen flink pijnlijk, en gaat vaak gepaard met een fikse zwelling ter plaatse, soms ook van een hele arm. Dit zijn directe toxische effecten; van echte allergische reacties is pas sprake als er ook niet-lokale symptomen zijn als misselijkheid, flauw worden, of jeukbulten of uitslag over het hele lijf. Zie ook insectensteek. Bij een echte allergie voor wespensteken kan gebruikgemaakt worden van een zogenaamde adrenaline auto-injector (zoals Jext® of EpiPen®). Met deze pen kan adrenaline als subsutane (onder de huid) of intramusculaire injectie toegediend worden. Adrenaline voorkomt een allergische reactie niet, maar zorgt er voor dat de gevolgen van de allergische reactie beperkt blijven. Verstrekking van een dergelijke pen dient alleen te gebeuren bij een aangetoonde gegeneraliseerde allergische reactie. Gebruik zonder noodzaak is niet geheel zonder gevaar, vooral bij mensen met hartproblemen.

Wespen zijn in het algemeen nuttige dieren, daarom dient men zich af te vragen of bestrijding wel echt noodzakelijk is.

Het dichtstoppen van de uitvliegopening(en) van een nest heeft geen zin, omdat de wespen net zolang zullen zoeken of knagen tot ze een andere uitgang hebben gevonden of gemaakt. Soms werkt het zelfs averechts omdat de wespen op deze manier in grote aantallen ook binnen een gebouw terecht kunnen komen.

Wespen kunnen worden bestreden door de uitvliegopening van een nest te bestuiven met een poedervormig chemisch bestrijdingsmiddel. Dit middel wordt dan aan het lijf en de poten van de wespen het nest binnengebracht. Hierdoor sterven de larven en komt het volk in de problemen, als ook de koningin sterft is het gedaan met het volk.

Indien het nest niet gelocaliseerd kan worden, kan eenvoudig een wespenval gemaakt worden door een petfles door te snijden, de bovenste helft er omgekeerd in te zetten en de fles aantrekkelijk te maken door bijvoorbeeld jam aan de ingang en bier of limonade binnenin. Wespen kunnen ook grotendeels op afstand gehouden worden door kruidnagel te gebruiken. Ze hebben een hekel aan de geur van deze specerij. Kruidnagelolie kan buiten in een waxinehoudertje verhit worden. Ook zet men wel een aantal kruidnagels in een bakje met water of brandt men wierook met kruidnagelgeur.

Foto's[bewerken]