Parelmoerwolk

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Arctic stratospheric cloud.jpg
Parelmoerwolk in het poolgebied
Polar stratospheric cloud type 2.jpg
Type II parelmoerwolk, bestaande uit ijswater

Een parelmoerwolk of polaire stratosferische wolk is een soort wolk die op zeer grote hoogte, in de stratosfeer voorkomt.

De meeste wolken, die bestaan uit waterdruppeltjes of ijskristallen, komen voor in de onderste twaalf kilometer van de atmosfeer. Deze luchtlaag kan veel vocht bevatten dat bij afkoeling overgaat in waterdruppeltjes of ijskristallen en zichtbaar wordt als wolken. Boven twaalf kilometer hoogte bevindt zich een luchtlaag die ook wel stratosfeer wordt genoemd. Hier bevindt zich ook het meeste ozon en daarom spreekt men ook wel van de ozonlaag.

De ozonlaag bevat vrijwel geen water en ook wolken komen op deze hoogte zelden voor. Alleen bij temperaturen onder -80°C kunnen zich op deze hoogte wolken vormen. Deze tamelijk kleine wolken worden vanwege hun prachtige kleurschakeringen parelmoerwolken genoemd. De kleurenpracht houdt verband met de zeer kleine ijskristallen waaruit de wolken bestaan. De kleuren zijn het best te zien enige tijd na zonsondergang of vóór zonsopgang als het aan het aardoppervlak donker is, maar op twintig kilometer hoogte de zon nog schijnt.

Parelmoerwolken kunnen dus ontstaan in gebieden waar het op grote hoogte in de atmosfeer extreem koud is. In de winter kan dat gebeuren aan de lijzijde van hoge bergen, als het daar hard waait. Vooral in Groenland en Noorwegen komen ze voor en sommige winters worden ze ook op zuidelijker gelegen plaatsen in Europa waargenomen.

Ook boven de zuidpool is het 's winters hoog in de atmosfeer koud genoeg om wolken te vormen. Hier worden ze Polaire Stratosfeer Wolken genoemd en zijn ze groter dan de parelmoerwolken. Deze wolken bestaan niet alleen uit ijskristallen van water, maar bevatten ook verbindingen van salpeterzuur en water. De massale vorming van deze wolken leidt uiteindelijk tot afbraak van ozon en de vorming van het "ozongat" boven de Zuidpool.

Ook in de stratosfeer op meer dan twaalf kilometer hoogte boven Nederland is soms met temperaturen tot -84°C extreem koud. De temperaturen zijn soms laag genoeg voor de vorming van parelmoerwolken en ervaren waarnemers in het noordoosten van Groningen en in Deventer hebben deze voor Nederland zeker zeldzame wolken op 16 februari 1996 kort na zonsondergang gezien. In het najaar van 1999 zijn ook parelmoerwolken waargenomen boven Schotland. De laatste jaren daalt de temperatuur in de stratosfeer geleidelijk en broeikasexperts verwachten op grote hoogte een verdere temperatuurdaling. Mogelijk zijn de prachtige parelmoerwolken in de toekomst ook in Nederland vaker te zien.

Uit ozonsondemetingen van het KNMI blijkt de atmosfeer in februari 2001 op grote hoogte zeer koud was. Op 13 februari zijn op 19 en op 22 kilometer hoogte temperaturen gemeten van -79 graden, de dagen daarna was het op die hoogte kouder dan -80 graden. Dergelijke condities zijn gunstig voor de vorming van parelmoerwolken, maar waargenomen zijn ze toen niet.

Types[bewerken]

Er zijn drie typen parelmoerwolken: Ia, Ib en II naar gelang hun chemische samenstelling:

  • Type I wolken bestaan uit salpeterzuur en water
    • Type Ia wolken bestaan uit kristallen gevormd uit salpeterzuur en water
    • Type Ib wolkdruppels bevatten daarnaast zwavelzuur en bevinden zich in de vorm van supergekoelde oplossing
  • Type II wolken bestaan alleen uit ijswater
Bronnen, noten en/of referenties
  • De tekst op deze pagina, een eerdere versie daarvan of een deel van de tekst is afkomstig van de website van het KNMI.