Pastorale 1943

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pastorale 1943
Regie Wim Verstappen
Producent Frans Rasker
Scenario Simon Vestdijk (boek)
Wim Verstappen
Hoofdrollen Frederik de Groot
Renée Soutendijk
Hein Boele
Sylvia Kristel
Rutger Hauer
Muziek Robert Heppener
Cinematografie Marc Felperlaan
Distributie Concorde Pictures
Première 20 april 1978
Genre oorlogsdrama
Speelduur 125 minuten
Taal Nederlands
Land Vlag van Nederland Nederland
Budget ± fl. 1.200.000,-
(± € 545.000,-)
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

Pastorale 1943 is een Nederlandse oorlogsfilm uit 1978 van regisseur Wim Verstappen, gebaseerd op het gelijknamige boek van Simon Vestdijk.

Verhaal[bewerken]

De film gaat over de belevenissen van een groepje burgers uit een dorp in de Betuwe tijdens de Tweede Wereldoorlog. Centrale figuur in de film is Johan Schultz. Hij is leraar Duits aan de HBS en daarnaast actief in het verzet. Hij komt uit Duitsland, maar voelt zich onderhand Nederlander. Samen met Van Dale, een ingenieur, vormt hij een verzetsgroep. Schultz regelt het onderduikadres voor een vriend, de Joodse Arie Cohen Kaz, bij de boerenfamilie Bovenkamp.

Een knappe vrouw vraagt aan Van Dale of hij een onderduikadres weet voor jongens die niet in Duitsland willen werken. Van Dale zal kijken wat hij kan doen. Vlak daarna wordt Van Dale gearresteerd door de Sicherheitsdienst. Hij wordt zwaar onder druk gezet, maar vertelt niets over zijn verzets-organisatie. Hierop besluiten de Duitsers hem weer vrij te laten.

In het Betuwse dorp is ook een tweede verzetsgroep actief, bestaande uit de plaatselijke pianostemmer, de bloemenkweker, de restauranthouder en de eigenaar van het distributiekantoor (Mertens). Deze verzetsgroep besluit het distributiekantoor te overvallen. De plaatselijke kruidenier Henri Poerstamper, lid van de NSB, herkent de eigenaar van het kantoor als één van de overvallers. Hij besluit Mertens aan te geven bij de Sicherheitsdienst. De pianostemmer Eskens, komt hier toevallig achter (hij is een piano aan het stemmen in het gebouw van de SD, als Poerstamper de bezetters inlicht, en vangt het gesprek op). Eskens brengt Mertens in veiligheid. Mertens duikt ook onder bij de boerenfamilie Bovenkamp.

Miep Algera, de lerares Engels en collega van Schultz, wordt door haar omgeving gezien als fout. Zij houdt een relatie met een Duitse officier. Later blijkt dat zij dapper verzetswerk heeft gedaan. De relatie had tot doel om informatie los te peuteren over militaire aangelegenheden, van belang voor de ondergrondse. Zij wordt opgepakt door de Sicherheitsdienst.

De dochter van de familie Bovenkamp, Marie, heeft een relatie met één van de onderduikers. Deze relatie gaat uit, wanneer Marie het aanlegt met de oudste zoon van de NSB-drogist (Kees Poerstamper). Al snel blijkt Marie zwanger. De andere onderduikers pesten Marie om haar relatie met de foute Poerstamper. Als reactie vertelt zij aan Henri Poerstamper dat haar vader onderduikers heeft. Henri Poerstamper besluit de onderduikerij niet te verraden, uit angst voor represailles van het verzet. Hij belooft aan Marie dat er niets met de boerderij zal gebeuren.

De jonge onderduiker, die inmiddels geen relatie meer heeft met Marie, verlaat de boerderij en meldt zich voor de Arbeitseinsatz. Hierbij verraadt hij ook zijn vroegere onderduikadres. De familie Bovenkamp en de onderduikers worden opgepakt (één onderduiker, die probeert te vluchten, wordt ter plekke neergeschoten). De boerderij wordt in brand gestoken.

Naar aanleiding van het verraad zoeken de twee verzetsgroepen contact. Schultz komt op voor zijn vriend Cohen Kaz, de andere groep voor Mertens. Aangezien Marie vlak voordat ze werd afgevoerd heeft geroepen dat Poerstamper haar had beloofd dat haar ouders en de boerderij ongemoeid zouden worden gelaten, besluiten de verzetsmensen dat Poerstamper de verrader is en dus geliquideerd moet worden. De verzetsgroepen besluiten de liquidatie zelf uit te voeren. Henri Poerstamper wordt omgelegd, zij het na een vergaand amateurisme pas in tweede instantie. Als represaille executeren de Duitsers vier gijzelaars.

Een knappe vrouw vraagt aan Schultz of hij nog een onderduikadres weet. Schultz vertrouwt haar niet en neemt contact op met Van Dale. Het moet dezelfde vrouw geweest zijn die Van Dale verraden heeft. Deze vrouw heet Mies Evertse; zij maakt avances naar Johan Schultz. Schultz wijst deze avances af. Hij geeft aan dat hij impotent is zolang Nederland bezet is. Hierop besluit Evertse Schultz te verraden aan de Sicherheitsdienst. Schultz wordt gevangengezet in het Oranjehotel in Scheveningen. Door tussenkomst van zijn broer, de SS-officier August Schultz, komt Johan weer vrij.

Rollen in de film[bewerken]

  • Johan Schultz: leraar Duits aan de HBS
  • Van Dale: ingenieur
  • Piet Mertens: eigenaar van het distributiekantoor
  • Eskens: pianostemmer
  • Hammer: restauranthouder
  • Ballegooyen: bloemenkweker
  • Miep Algera: lerares Engels aan de HBS
  • Marie Bovenkamp: dochter van de familie Bovenkamp, die onderduikers verbergt
  • Arie Cohen Kaz: Joodse onderduiker
  • Henri Poerstamper: kruidenier, overtuigd nationaal-socialist (NSB’er)
  • Poerstampers vrouw
  • Kees Poerstamper: oudste zoon van Henri
  • Piet Poerstamper: jongste zoon van Henri
  • Mies Evertse: verraadster, werkend voor de Sicherheitsdienst
  • August Schultz: broer van Johan, SS-officier
  • Wim Uden: medegevangene van Johan Schultz

Rolbezetting[bewerken]

Externe link[bewerken]