Patriarchaat Aquileja

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Reichsabtei Werden-Helmstädt
Onderdeel van het Heilige Roomse Rijk
 Markgraafschap Verona 1077 – 1400 Republiek Venetië 
Bandiere dal Friûl.svg Friuli Arms.svg
Algemene gegevens
Hoofdstad Udine, Cividale del Friuli, Cormons
Oppervlakte 1500 km2
Bevolking 1.200.000
Talen Latijn Friulisch (officieel) Duits, Sloveens Venetiaans
Religie(s) Rooms-katholiek
Regering
Regeringsvorm Prinsbisdom

Het patriarchaat Aquileja was een prinsaartsbisdom in Italië.

Geestelijk gebied[bewerken]

Het bisdom Aquileja bestond zeker al in 314. Het strekte zich toen uit over Venetië, Istrië, West-Illyrië, Noricum en Raetia secunda.

Sinds het begin van de vijfde eeuw maakte de bisschop aanspraak op de aartsbisschoppelijke titel en sinds 558/68 op de patriarchentitel. Deze laatste titel werd toegeëigend aan het begin van het schisma met Rome, als uitvloeisel van de controverse van de Drie Hoofdstukken. Door invallen van de Longobarden moest de metropoliet vluchten en werd de zetel verplaatst naar het eiland Grado. Daarna werd de zetel te Aquileja opnieuw bezet, zodat de kerkprovincie feitelijk was gesplitst. Zie: patriarchaat Grado.

In 1751 werd het patriarchaat opgeheven en in 1752 vervangen door de aartsbisdommen Udine en Gorizia.

Wereldlijk gebied[bewerken]

Ten tijde van het Frankische Rijk lag Aquileja in het markgraafschap Friuli, waarmee het in 952 binnen de invloedssfeer van het hertogdom Beieren kwam. Het patriarchaat kwam daarmee binnen het Heilige Roomse Rijk en werd een steunpunt voor de Duitse politiek in Noord-Italië. Keizer Hendrik IV schonk het patriarchaat in 1077 het hertogdom Friuli, het markgraafschap Istrië en het markgraafschap Krain. Hierdoor werd de patriarch rijksvorst. Tegen het einde van de periode van de Hohenstaufen verloor de patriarch zijn macht. In 1418/21 werd het gebied door de republiek Venetië veroverd en in 1445 deed de patriarch afstand van zijn wereldlijke heerschappij.

Patriarchen tot het einde van de wereldlijke heerschappij[bewerken]

  • 984-1019: Johan
  • 1019-1042: Poppo (Wolfgang) van Karinthië
  • 1042-1049: Everhard
  • 1049-1063: Godwald
  • 1063-1068: Rawenger (Ravangerio)
  • 1068-1077: Sieghard, graaf van Peilstein
  • 1077-1084: Hendrik
  • 1084-1085: (Swatobor) Frederik van Bohemen
  • 1085-1121: Ulrich I van Karinthië
  • 1122-1130: Gerhard Primiero
  • 1132-1161: Pilgrim I van Karinthië
  • 1161-1182: Ulrich II, graaf van Treven
  • 1182-1195: Godfried
  • 1195-1204: Pilgrim II
  • 1204-1218: Wolfgar van Erla/Leubrechtskirchen) (1194-1204: bisschop van Passau)
  • 1218-1251: Berthold van Andechs, hertog van Meranien
  • 1251-1269: Gregor van Montelongo
  • 1269-1273: Philipp, hertog van Karinthië (regent) (1247-1265: aartsbisschop van Salzburg)
  • 1273-1299: Raimond van Thurn
  • 1299-1299: Koenraad van Silezië
  • 1299-1301: Peter Gerra
  • 1302-1315: Ottobuono de'Razzi
  • 1316-1318: Gaston van Thurn
  • 1319-1332: Paganus van Thurn
  • 1334-1350: Bertram van Saint-Genès
  • 1350-1358: Nicolaas (bastaard van Luxemburg)
  • 1359-1365: Lodewijk I van Thurn
  • 1365-1381: Markwart van Randeck (1348-1365: bisschop van Augsburg)
  • 1381-1387: Philips van Frankrijk, hertog van Alençon
  • 1387-1394: Johann Sobjeslaw, markgraaf van Moravië
  • 1395-1402: Anton I Gaetano
  • 1402-1408: Anton II Panciera
  • 1409-1418: Anton III da Ponte (tegenpatriarch)
  • 1412-1439: Lodewijk II, hertog van Teck
  • 1439-1465: Lodewijk III Scarampo-Mezzarota