Paul Painlevé

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Paul Painlevé

Paul Painlevé (Parijs, 5 december 1863 - aldaar, 29 oktober 1933) was een Frans wiskundige en politicus.

Biografie[bewerken]

Vroege carrière[bewerken]

Paul Painlevé werd op 5 december 1863 geboren in Parijs. Hij kwam uit een artistieke familie. Zijn vader was technisch tekenaar. Painlevé studeerde van 1883 tot 1887 wiskunde aan de prestigieuze École Normale Supérieure in Parijs. Nadat hij in 1887 was gepromoveerd studeerde hij verder aan de Georg-August-Universität Göttingen en volgde colleges bij Felix Klein en Hermann Amandus Schwarz. Nadien was hij hoogleraar in Universiteit Rijsel I en gaf vanaf 1892 les aan de Sorbonne, de École Polytechnique en later aan het Collège de France en de École Normale Supérieure. In 1900 werd hij lid van de Académie des Sciences.

Zijn werk op het gebied van differentiaalvergelijking wekte bij hem de interesse in de opkomende luchtvaart. In 1908 was hij Wilbur Wrights eerste vliegtuigpassagier in Frankrijk. In 1909 creëerde hij de eerste universitaire cursus aeronautica.

Rond het einde van de negentiende eeuw onderzocht Painlevé een bepaalde klasse van differentiaalvergelijkingen, waarvan men later is gaan zeggen dat ze de Painlevé-eigenschap hebben of van het Painlevé-type zijn.[1]

Politicus[bewerken]

Paul Painlevé werd in 1906 voor het 5e arrondissement (het Latijnse Kwartier) van Parijs in de Kamer van Afgevaardigden (Chambre des Députés) gekozen. Hij maakte deel uit van de fractie van de Socialistes Indépendants (Onafhankelijke Socialisten). Als Kamerlid hield hij zich vooral met militaire en aeronautische vraagstukken bezig. In 1910 gaf hij zijn hoogleraarschap op om zich volledig te wijdden aan de politiek. Nog in 1910 kreeg bij de Kamer kredieten los om de eerste gevechtsvliegtuigen voor Frankrijk te kopen. In hetzelfde jaar sloot hij zich aan bij de Parti Républicain-Socialiste (Republikeins-Socialistische Partij, de opvolger van de Onafhankelijke Socialisten). De PRS ging in de Derde Franse Republiek door voor een reformistisch-socialistisch en was voorstander van een brede linkse coalitie.

Paul Painlevé werd na het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog in de Direction des Inventions Intéressant la Défense Nationale (1915). Dit directoraat hield zich bezig met het ten dienst stellen van de wetenschap voor de oorlogsdoelen. In oktober 1915 werd Painlevé minister van Onderwijs en Schone Kunsten in het oorlogskabinet van premier en partijgenoot Aristide Briand. In maart 1917 werd hij minister van Oorlog en gaf vrijwel direct na zijn aantreden in deze functie opperbevelhebber generaal Robert Georges Nivelle toestemming tot het beginnen van een groot offensief in de Champagnestreek. Dit Nivelle Offensief liep uit in een grote nederlaag voor het Franse leger. Direct na het mislukken van het offensief werd Nivelle op verzoek van Painlevé als opperbevelhebber ontslagen. Nivelle werd vervangen door generaal Philippe Pétain.

In september 1917 verloor premier Alexandre Ribot de steun van de socialisten in het Franse parlement en trad af. Op 12 september benoemde president Raymond Poincaré Painlevé tot premier (Président du Conseil). Painlevé bood Georges Clemenceau, de voornaamste criticus van de oorlogskabinetten die Frankrijk sinds 1914 regeerden, een ministerspost aan. Clemenceau weigerde echter: hij wenste het premierschap.[2]

In november 1917 nam Painlevé deel aan de Rapallo Conferentie. Nog in november 1917 viel het kabinet-Painlevé en werd Clemenceau alsnog premier.[3]

Na de Eerste Wereldoorlog, in 1919, werd hij in de Kamer van Afgevaardigden gekozen. Hij ontpopte zich tot fel criticus van de regeringen van het centrum-rechtse Bloc National (1919-1924). Zijn samenwerking met de radicaal-socialistische voorman Édouard Herriot leidde in 1924 tot de vorming van het Cartel des Gauches, een coalitie van de socialistische partijen (RS en de SFIO) en de Parti Radical-Socialiste. Het Cartel des Gauches won de parlementsverkiezingen van dat jaar en Painlevé werd na de verkiezingsoverwinning voorzitter van de Kamer van Afgevaardigden (Président de la Chambre des Députés) (9 juni 1924) - na een mislukte gooi naar het presidentschap. Hij bleef voorzitter van de Kamer tot 17 april 1925.

Painlevé werd op 17 april 1925 premier van een centrum-links kabinet. Hij nam ook de ministerspost van Defensie op zich. In oktober verwisselde hij deze ministerspost voor die van Financiën. Premier Painlevé kwam niet met concrete plannen om de economische crisis te bezweren en moest op 21 november 1925 aftreden. Vervolgens was hij - met korte onderbreking in juni/juli 1926 - tot 3 november 1929 minister van Defensie. In die functie was hij met zijn opvolger André Maginot verantwoordelijk voor de aanleg van de Maginotlinie, een linie aan de Franse oostgrens bestaande uit fortificaties die Frankrijk moest verdedigen bij een aanval van Duitsland.

Painlevé nam in presidentsverkiezingen van 1932, maar behaalde niet genoeg stemmen om tot president te worden gekozen. Vervolgens werd hij later dat jaar minister van Luchtvaart en zette zich in voor een internationaal verdrag om de fabricage van bommenwerpers te verbieden. Ook betoonde hij zich een voorstander van een internationale luchtmacht, om op deze manier de wereldvrede te bevorderen. In januari 1933 beëindigde hij zijn politieke carrière.

Paul Painlevé overleed op 69-jarige leeftijd, op 29 oktober 1933 in Parijs. Hij kreeg een staatsbegrafenis in de Notre-Dame van Parijs en het Panthéon.

Trivia[bewerken]

Verwijzingen[bewerken]

  1. Paul Painlevé. "Sur les équations différentielles du second ordre et d'ordre supérieur dont l'intégrale générale est uniforme." Acta Mathematica (1902), Volume 25, Issue 1, pp 1-85. DOI:10.1007/BF02419020
  2. 14-18, De Eerste Wereldoorlog, door: Dr. R.L. Schuursma (hoofdred.), band 4, blz. 1221 (1976)
  3. idem

Zie ook[bewerken]

Voorganger:
Alexandre Ribot
Premier van Frankrijk
(Président du Conseil)
Kabinet-Painlevé

1917
Opvolger:
Georges Clemenceau
Voorganger:
Raoul Péret
Voorzitter van de Kamer van Afgevaardigden
1924-1925
Opvolger:
Édouard Herriot
Voorganger:
Édouard Herriot
Premier van Frankrijk
(Président du Conseil)
Kabinet-Painlevé

1925
Opvolger:
Aristide Briand
Personen die zijn begraven in het Panthéon

1791: Honoré Gabriel de Riqueti, graaf van Mirabeau · Voltaire · 1793: Louis-Michel Lepeletier de Saint-Fargeau · Auguste Marie Henri Picot de Dampierre · 1806: François Denis Tronchet · Claude-Louis Petiet · 1807: Jean-Baptiste-Pierre Bevière · Louis-Joseph-Charles-Amable d'Albert de Luynes · Jean-Étienne-Marie Portalis · Louis-Pierre-Pantaléon Resnier · 1808: Antoine-César de Choiseul-Praslin · Jean-Frédéric Perregaux · Jean-Pierre Firmin Malher · Pierre Jean Georges Cabanis · François Barthélemy Beguinot · 1809: Girolamo Luigi Durazzo · Jean-Baptiste Papin · Joseph-Marie Vien · Pierre Garnier de Laboissière · Justin Bonaventure Morard de Galles · Jean-Pierre Sers · Emmanuel Crétet · 1810: Louis Charles Vincent Le Blond de Saint-Hilaire · Jean Lannes · Giovanni Battista Caprara · Charles Pierre Claret de Fleurieu · Jean-Baptiste Treilhard · 1811: Nicolas Marie Songis des Courbons · Charles Erskine de Kellie · Alexandre-Antoine Hureau de Sénarmont · Michel Ordener · Louis Antoine de Bougainville · Ippolito Antonio Vincenti-Mareri · 1812: Jan Willem de Winter · Jean Marie Pierre Dorsenne · Auguste Jean-Gabriel de Caulaincourt · 1813: Joseph-Louis Lagrange · Jean-Ignace Jacqueminot · Hyacinthe-Hughes Timoléon de Cossé-Brissac · Justin de Viry · Jean Rousseau · Frédéric Henri Walther · 1814: Jean-Nicolas Démeunier · Jean Louis Ébenezel Reynier · Claude Ambroise Régnier · 1815: Claude Juste Alexandre Legrand · Antoine-Jean-Marie Thévenard · 1829: Jacques-Germain Soufflot · 1885: Victor Hugo · 1889: Théophile Malo Corret de La Tour d'Auvergne · Lazare Carnot · Jean-Baptiste Baudin · François Séverin Marceau · 1894: Marie François Sadi Carnot · 1907: Marcellin Berthelot · 1908: Émile Zola · 1920: Léon Gambetta · 1924: Jean Jaurès · 1933: Paul Painlevé · 1948: Paul Langevin · Jean Perrin · 1949: Félix Éboué · Victor Schoelcher · 1952: Louis Braille · 1964: Jean Moulin · 1987: René Cassin · 1988: Jean Monnet · 1989: Henri Grégoire · Gaspard Monge · Nicolas de Condorcet · 1995: Marie Curie · Pierre Curie · 1996: André Malraux · 2002: Alexandre Dumas père · 2011: Aimé Césaire