Pelsdierfokkerij

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nertsfokkerij bij Ruurlo

Pelsdierfokkerij of pelsdierhouderij is een vorm van intensieve veeteelt waarbij de dieren gehouden worden vanwege hun huid. Uiteindelijk wordt de huid van de dieren verwerkt tot bont.[bron?]

De industrietak verschaft in Europa werk aan 338.000 mensen. Op Europees niveau wordt jaarlijks een afvalberg van 647.000 ton restproducten uit de vis- en pluimveeverwerkende industrie weggewerkt via de pelsdierhouderij. De vetten van bepaalde pelsdieren zijn bruikbaar als grondstof voor geneesmiddelen en schoonheidsproducten (nertsolie).

Nederland[bewerken]

In Nederland zijn de meeste pelsdierfokkerijen fokkerijen van nertsen. Vossen- en chinchillafokkerijen zijn respectievelijk sinds 1995 en 1997 verboden in Nederland. Ook konijnen worden gehouden als pelsdieren.

Kritiek[bewerken]

De pelsdierfokkerij is in Nederland de meest omstreden vorm van intensieve veeteelt.[bron?] Dat heeft vooral te maken met het feit dat deze dieren uitsluitend worden gefokt vanwege hun huid en niet worden geconsumeerd. In Nederland zetten de PvdA, de SP, D66, de PVV, de Partij voor de Dieren en GroenLinks zich in voor een verbod op de pelsdierfokkerij. Ook de ChristenUnie is principieel voor een verbod.[bron?]