Pest (stad)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zicht op de Kettingbrug en Pest
Station West in Pest

Pest (uitgesproken: pesjt) is een van de drie steden waaruit de Hongaarse hoofdstad Boedapest ontstond en het grootste, grotendeels vlakke gedeelte van de hoofdstad dat op de linkeroever (oostoever) van de Donau ligt. Pest beslaat met zijn 352 km² ongeveer twee derde van het grondgebied van de hoofdstad. De Donau scheidt het stadsdeel van Boeda en Óbuda, de andere twee delen van Boedapest, waarmee het in 1873 werd verenigd. Informeel wordt de naam Pest vaak ook gebruikt om heel Boedapest aan te duiden.

In Pest bevinden zich onder meer het zakelijke hart van de stad, het Parlementsgebouw met de verschillende ministeries en het Stadspark met het Heldenplein (Hősök tere). Ook de meeste industrie bevindt zich in Pest.

De naam Pest ('hol') gaat terug op een Slavisch woord dat ‘stookplaats’ betekende, waarschijnlijk verwijzend naar nabijgelegen grotten waar men vuur brandde. De oude Duitse naam heeft overigens dezelfde betekenis: Ofen.

Naam[bewerken]

De naam Pest werd in eerste instantie gebruikt voor het deel van de stad op de westoever, dat nu Boeda heet en waar in vroegere eeuwen Keltische en Romeinse nederzettingen waren. Wanneer later op de oostoever eveneens een stad ontstaat, gaat de naam Pest over naar dat deel. Het oude Pest wordt herdoopt in Kis-Pest ('Klein-Pest) waarbij de burchtheuvel de naam Boeda krijgt. Nu wordt Pest gebruikt voor het hele stadsdeel op de oostoever en Boeda voor het gehele stadsdeel op de westoever.

Geschiedenis[bewerken]

De eerste stad[bewerken]

De ontwikkeling van Pest loopt achter bij de overige twee delen waaruit de huidige stad Boedapest is opgebouwd. De Kelten steken de Donau helemaal niet over. De Romeinen alleen om een fortificatie te bouwen: Contra-Aquincum. Het is op deze ruïnes dat rond het jaar 1000 een eerste stad wordt gebouwd door de Magyaren. Een de basiliek verrijst op de plek van de huidige parochiekerk van de binnenstad. Delen van de Romeinse ruïnes zijn voor de kerk door glasplaten te zien. Rondom deze basiliek breidt Pest zich snel uit. naast vele Duits handelaren, vestigden zich nu ook moslim handelaren uit onder meer Bulgarije en Arabië. Hierdoor werd Pest een belangrijk economisch centrum gedurende de 11de eeuw.

Mongoolse invasie[bewerken]

In 1241 - 1242 vielen de Mongolen ook Hongarije binnen. Pest werd vernietigd tijdens deze invasie en kort daarna herbouwd. Pest werd nu een versterkte veste omdat een nieuwe invasie van de Mongolen werd gevreesd. Deze bleef echter uit, zodat de stad uit kon groeien en op kon bloeien. Samen met Boeda, werd Pest langzamerhand het politieke en economische centrum van het land. Deze bloei trekt vele mensen naar Pest die niet allemaal een plek kunnen vinden binnen de stadsmuren. Buiten de stadsmuren van Pest ontstaan kleine nederzettingen die pas veel later tot Pest zullen gaan behoren.

Verval[bewerken]

De economische in de 16 eeuw in Europa waren Pest niet gunstig gezind waardoor de groei stagneerde. De inname van de pest door de Ottamen in 1541, betekende het einde van de gouden periode. Het Hongaarse hof wordt verplaatst naar het huidige Bratislava dat destijds deel uit maakte van het Hongaarse Koninkrijk. Ook nadat de stad in 1686 bevrijd is door het Heilige Leger en is ingenomen door de Habsburgers, blijft Bratislava de zetel van de regering. Pest herkrijgt stadsrechten in 1703 maar groeit nauwelijks. Pas tegen het einde van de 18de eeuw zal Pest weer opbloeien.

Paladijn Joseph[bewerken]

Keizer Frans II stelde in 1795 zijn broer, aartshertog Joseph, aan als Paladijn van Hongarije. Hij stelde zichzelf vooral als taak Pest op een hoger plan te brengen: economisch belangrijker, moderner en meer ontwikkeld. Onder zijn bezielde leiding verrezen vele neoklassieke gebouwen die de tand des tijds door staan hebben, evenals vele organisaties zoals het Hongaars Nationaal Museum, de Nationale Bibliotheek en het Nationaal Theater. Hierdoor werd Pest, samen met Boeda, het economische -, handels - en culturele centrum van het land. De opleiding voor militaire officieren wordt in deze tijd in Pest geopend. Het eerste niet-kerkelijke standbeeld is dat van aartshertog Joseph. Het staat voor het Ministerie van Financiën op het eveneens naar hem vernoemde plein.

Herbouw[bewerken]

In 1846 wordt het eerste treinstation geopend in Pest, als onderdeel van de Wenen - Pest-lijn. In datzelfde jaar volgt een tweede spoorlijn naar Szolnok. Door de revolutie van 1848 - 1849 komt het economisch leven tot stilstand. Vanaf het compromis van 1867 tussen Oostenrijk en Hongarije, ging Pest Boeda overvleugelen. In 1873 gingen de steden Boeda en Óbuda (op de rechteroever) en Pest samen in de stad Boedapest. In Pest worden vele kleine barokke één-verdieping huizen, vervangen door gebouwen van twee of drie verdiepingen in neoklassieke stijl.

Zie ook[bewerken]

Referenties[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties