Peter Stuyvesant

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nieuw-Nederland

Nederzettingen:

Forten:

Patroonschappen:
Rensselaerswijck
Colen Donck


Gouverneurs van Nieuw-Nederland:
Cornelius Mey (1620-1625)
Willem Verhulst (1625-26)
Pierre Minuit (1626-33)
Wouter van Twiller (1633-38)
Willem Kieft (1638-47)
Peter Stuyvesant (1647-64)
Anthony Colve (1673-74)
Cornelis van Steenwijck (1676) (Acadië)


Luitenant-gouverneurs van de Zuidrivier kolonie:
Johan Paul Jaquet (1655-?)
Alricks (?)
Hinnojosn (?)
Mr. Beekman (1659-1664)

Belangrijke personen:
Jacob Binckes
Adriaen van der Donck
Cornelis Evertsen de Jongste
Kiliaen van Rensselaer
Brant van Slichtenhorst
Cornelis van Tienhoven
Willem Usselincx

Pieter Stuyvesant, circa 1660, onbekend schilder, toegeschreven aan Hendrick Couturier en voorheen als een Rembrandt beschouwd. Olieverf op hout, New-York Historical Society
Nieuw-Amsterdam ('Nieuw Iorx') in 1664, ten tijde van Stuyvesants vertrek.

Petrus Stuyvesant (hoogstwaarschijnlijk Peperga (Weststellingwerf), 1611 of 1612 - New York, 1672) was een Nederlands koloniaal bestuurder. Stuyvesant was vanaf 1645 directeur-generaal van de Nederlandse kolonie Nieuw-Nederland, totdat deze in 1664 werd veroverd door de Engelsen.

Verwarring over naam en geboorteplaats[bewerken]

Er is vroeger foutief bericht dat hij in 1592 of 1602 werd geboren in Scherpenzeel. Zijn vader (Balthazar Stuyvesant) werd echter pas tussen 1612 en 1619 predikant in Scherpenzeel en stond voordien in Peperga, wat de geboorteplaats van Pieter moet zijn. Zijn moeder was Margaretha van Hardenstein (1575-1625). Haar grafsteen bevindt zich in de Koepelkerk van Berlikum, waar vader van 1622-1634 predikant was. Pieter is dus tussen 1612 en 1619 naar Scherpenzeel verhuisd en heeft daar tot 1622 gewoond. In zijn vroege jeugd voerde Stuyvesant de voornaam Pieter, maar later latiniseerde hij die tot Petrus. In de 19e eeuw werd dit door Amerikaanse historici veramerikaniseerd tot Peter, een vorm die in de 17e eeuw nooit gebruikt is.

Huwelijk[bewerken]

Op 8 augustus 1645 kregen Pieter Stuijvesant Directeur-Generaal van Nieuw-Nederland afkomstig van Stellingwerf en Judith Baijard afkomstig van Breda in Alphen vertoog om op 13 augustus in Breda te trouwen. Judith was de zus van zijn zwager Samuel Baijard, Frans-Schoolmeester in Alphen die op 21 oktober 1638 in Amsterdam getrouwd was met zijn zus Annetje Stuijvesant.

Loopbaan[bewerken]

Curaçao[bewerken]

Als domineeszoon werd Stuyvesant als Petrus Stuijfsande in 1629 ingeschreven aan de Universiteit van Franeker, maar hij nam in het begin van de jaren dertig dienst bij de West-Indische Compagnie. Vanaf 1639 was hij gestationeerd op Curaçao, van welke kolonie hij in 1643 directeur werd. In die hoedanigheid voerde hij het bevel over de zogenaamde 'ABC-eilanden': Aruba, Bonaire en Curaçao. Hij verloor een been tijdens een gevecht tegen de Spanjaarden op Sint Maarten en droeg voor het grootste deel van zijn volwassen leven een houten been.

Nieuw-Amsterdam[bewerken]

In 1645 werd Peter Stuyvesant verkozen om in Nieuw-Amsterdam de vorige gouverneur (Willem Kieft) te vervangen. Hij slaagde erin de stad te beschermen tegen aanvallen van Indianen en het gebied uit te breiden, onder meer met land dat bekendstond als Nieuw-Zweden. Onder zijn strenge regime heerste er geen volledige godsdienstvrijheid. Hij kwam in aanvaring met de quakers nadat hij hun jeugdige predikant Robert Hodgson publiekelijk een lijfstraf had opgelegd. Daarna vaardigde hij een decreet uit dat eenieder die onderdak verschafte aan quakers beboet en bestraft kon worden. Dit leidde tot protesten van de inwoners van Flushing (Vlissingen) in Queens. Hun protest staat bekend als de Remonstrantie van Vlissingen en was volgens sommigen een belangrijke voorloper van de grondwettelijke godsdienstvrijheid in de VS. Ook joodse immigranten onthield hij rechten. Er woonden al joden met Amsterdamse paspoorten in Nieuw-Amsterdam toen een volgende groep joden uit Brazilië arriveerde, die geen identiteitspapieren bezat. Door de WIC werd Stuyvesant gedwongen hen toe te laten, maar hij stond niet toe een synagoge te bouwen. Van Stuyvesant zijn antisemitische uitspraken opgetekend. In 1654 schreef hij aan de WIC dat "het minderwaardig ras, hatelijke vijanden en godslasteraards van Christus mogen niet toegelaten om deze nieuwe kolonie te besmetten en last te veroorzaken"[1]. Hij schreef dat Joodse kolonisten niet dezelfde rechten mochten krijgen als de Joden in Nederland, omdat anders minderheidsgroepen zoals katholieken zich zouden aangetrokken voelen door de kolonie. In 1664 zond Karel II een vloot van vier schepen met 450 manschappen onder Richard Nicolls naar Nieuw-Amsterdam, die de overgave aan Engeland eisten. Stuyvesant tekende voor de overgave op 9 september 1664. De inwoners van de stad, die New York ging heten, werd vrijheid van godsdienst gegarandeerd.

Vernoemd[bewerken]

Monumenten[bewerken]

Een replica van de grafsteen van Stuyvesant is nog steeds te zien in de muur van St. Mark's in-the-Bowery te New York (Manhattan), waar ook een borstbeeld van hem staat.

Literatuur[bewerken]

  • Mariska Hammerstein: Een ordeloze bende, Het New York van Pieter Stuyvesant (2008). ISBN: 978 90 8560 543 0 Ninoboeken (SWP)
  • Jaap Jacobs (2005), New Netherland: A Dutch Colony in Seventeenth-Century America. Leiden: Brill Academic Publishers, ISBN90 04 12906 5.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties