Pianoconcert (Gershwin)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pianoconcert
Componist George Gershwin
Soort compositie pianoconcert
Gecomponeerd voor piano begeleid door orkest
Toonsoort F majeur
Opusnummer géén
Gecomponeerd in 1925
Première 3 december 1925
Oeuvre Oeuvre van George Gershwin
Portaal  Portaalicoon   Klassieke muziek

Het Pianoconcert in F majeur is het enige pianoconcert van de Amerikaanse componist George Gershwin. Hij schreef het werk op verzoek van de dirigent Walter Damrosch in 1925. Op 3 december 1925 zou het in de Carnegie Hall in première gaan.

Het pianoconcert bestaat uit drie delen:

  1. Allegro
  2. Adagio – andante con moto
  3. Allegro agitato

Geschiedenis[bewerken]

Hoewel Gershwin het grote geld verdiende met het schrijven van jazzmuziek wilde hij ook "serieuzere" muziek schrijven. De eerste kans hierop deed zich in 1924 aan toen impresario en bandleider Paul Whiteman hem de opdracht gaf een “jazzconcert” te schrijven. Dit werd de beroemde Rhapsody in Blue. Het jaar daarop kreeg Gershwin van de dirigent Walter Damrosch de opdracht een concert te schrijven. In eerste instantie kreeg het pianoconcert de titel New York Concerto mee, maar dit werd later het Pianoconcert in F majeur.

Op 3 december 1925 ging het werk in première in de Carnegie Hall. Beroemde musici als de componist Sergej Rachmaninov en de violist Jascha Heifetz waren aanwezig. De kritieken waren niet allen even positief, maar het concert werd overwegend enthousiast ontvangen. Gershwin wist met dit werk zich als een van Amerika’s belangrijkste componisten neer te zetten.

Het concert[bewerken]

Dit werk volgt veel meer dan Gershwin’s Rhapsody in Blue de klassieke concertvorm, hoewel het jazzgeluid zeker niet te onderschatten is. Gershwin deelde bijvoorbeeld het slagwerk een grote rol toe en voegde een saxofoonsectie toe.

In het begin van het Allegro zijn de slagwerkers duidelijk aanwezig. Pauken, bekkens en de kleine trom worden begeleid door de houtblazers en koperinstrumenten. Het inzetten van de piano met een ontspannen thema levert een contrast op met het begin. De piano speelt een thema waarin de "blue note" (een harmonie gebaseerd op een derde, vijfde of zevende toon van een toonladder) duidelijk naar voren komt, die ook door het orkest wordt overgenomen.

Nu volgt het langzame Adagio – andante con moto. Een gestopte trompet en een solohobo spelen een lange bluesmelodie. Het tempo zwelt op en de solist zet in. Een dialoog tussen piano, de houtblazers en de strijkers volgt. De strijkers zetten hierop een groot romantisch thema in dat zich opbouwt tot een climax. De muziek loopt rustig weg waarna het sluit.

Het Allegro kent haast geen rust. Herhalende noten stuwen de muziek voor met veranderende ritme. De xylofoon is duidelijk aanwezig. Een dreun van de gong zet de muziek even stil waarna een herhaling van thema’s uit de eerste twee delen terugkeren en het concert wordt afgesloten.

In de XYZ Der Muziek van Casper Höweler valt te lezen dat Gershwin “leentjebuur” pleegde bij Tsjaikovski en Rachmaninov voor dit pianoconcert. Het blijft de vraag in hoeverre dit waar is voor dit nogal jazzachtige werk. Rachmaninov kreeg op zijn vierde pianoconcert de kritiek dat het werk wéér te te veel op Gershwin's Rhapsody in Blue was gebaseerd.

Bronnen[bewerken]

  • XYZ Der Muziek, Casper Höweler uit 1980, ISBN 90 228 4903 1
  • Uit De Klassieke Muziek-Collectie van DeAgostini; Deel 23 Gershwin