Pianoconcert nr. 4 (Prokofjev)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pianoconcert nr. 4
Componist Sergej Prokofjev
Soort compositie pianoconcert (voor de linkerhand)
Gecomponeerd voor piano begeleid door orkest
Toonsoort Bes majeur
Opusnummer 53
Gecomponeerd in 1931
Première 1956, Berlijn
Duur 22-29 minuten
Vorige werk Zes stukken (transscripties voor piano) op. 52
Volgende werk Twee sonatines voor piano op. 54
Oeuvre Oeuvre van Sergej Prokofjev
Portaal  Portaalicoon   Klassieke muziek

Pianoconcert nr. 4 in Bes majeur (Op. 53) is een pianoconcert van Sergej Prokofjev voor de linkerhand.

Sergej Prokofjev schreef het concert op verzoek van Paul Wittgenstein, een Oostenrijkse pianist die zijn rechterhand in de Eerste Wereldoorlog verloren had. "Ik bedank je voor het concert, maar ik begrijp er geen enkele noot van, en ik zal het niet spelen" schreef die aan Prokofjev nadat hij het ontvangen had. Dat deed hij ook niet en het werk bleef lange tijd onuitgevoerd. De compositie beleefde haar première in 1956, drie jaar na het overlijden van de componist en 25 jaar nadat het voltooid was. Het was daarmee het enige pianoconcert van Prokofjev dat niet tijdens zijn leven werd uitgevoerd.

Delen[bewerken]

Het concert heeft vier delen en duurt ongeveer 25 minuten:

  1. Vivace (4-5 min.)
  2. Andante (9-13 min.)
  3. Moderato (8-9 min.)
  4. Vivace (1-2 min.)

Het werk[bewerken]

Gelukkig denken pianisten er tegenwoordig anders over dan Wittgenstein, want het werk heeft zonder meer bijzondere kenmerken. Het eerste en het vierde deel hebben een zekere vrolijkheid en geestigheid over zich, en er wordt zeker niet alleen "techniek" in ten toon gespreid. Het Andante suggereert een meer persoonlijke betrokkenheid dan we in de langzame delen van andere composities van Prokofjev uit die tijd vinden. Het enigszins sarcastische Moderato neemt de plaats in van een "sonata-allegro" en er is een duidelijke verwijzing naar Igor Stravinski in te herkennen. Het unieke korte vierde deel is een samenvatting van het eerste deel.

Instrumentatie[bewerken]

Het werk is geschreven voor:
Solo piano (linkerhand), 2 fluiten, 2 hobo's, 2 klarinetten, 2 fagotten, 2 hoorns, 1 trompet, 1 trombone, grote trom en strijkers.