Pierre Louis Joseph Servais van Gobbelschroy

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Pierre Louis Joseph Servais van Gobbelschroy (Leuven, 10 mei 1784 - Sint-Lambrechts-Woluwe, 3 oktober 1850) was een conservatief politicus uit het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden van de eerste helft van de negentiende eeuw.

Levensloop[bewerken]

Van Gobbelschroy was de zoon van staatsraad en hoogleraar rechten in Leuven Michel van Gobbelschroy (1745-1825). Na les gevolgd te hebben bij zijn vader, behaalde zijn diploma in de rechten in 1807. Er wordt in biografische nota's vermeld dat hij zijn diploma in Leuven behaalde, maar dit is onmogelijk, aangezien deze universiteit in 1797 haar deuren moest sluiten. Er is de meeste kans dat hij afstudeerde aan de in 1806 in Brussel gestichte Ecole de Droit van de Université Impériale, in die tijd de enige instelling in de Zuidelijke Nederlanden waar studies in de rechten konden worden gedaan. Hij begon toen aan een ambtelijke loopbaan:

  • advocaat-auditeur 1ste klasse staatsraad in 1810
  • onderprefect van Gent in 1812
  • onderprefect van Deventer, in 1813
  • adjunct-secretaris op de secretarie voor Binnenlandse Zaken en Justitie, geallieerd bestuur in Brussel, vanaf november 1813
  • secretaris-generaal van het voorlopig bewind in de Zuidelijke Nederlanden, van augustus 1814 tot september 1815
  • secretaris van baron Van der Capellen, luitenant in de Zuidelijke Nederlanden, van april 1815 tot 1816
  • referendaris eerste klasse bij de Staatssecretarie in Brussel, vanaf 10 januari 1816
  • secretaris in het Kabinet van de Koning in Brussel, vanaf 1816
  • minister van Binnenlandse Zaken, van 19 juni 1825 tot 1 januari 1830
  • minister van Waterstaat, Nationale Nijverheid en Koloniën, van 1 januari 1830 tot 4 oktober 1830

Van 1823 tot 1830 was hij ook directeur (equivalent van bestuurder) van de Generale Maatschappij.

Van Gobbelschroy was een trouwe medewerker van Willem I. Vooral in de kwesties van de katholieke godsdienst in de Zuidelijke Nederlanden nam hij een gematigd standpunt in. Hij was één van de voorname bewerkstelligers van het Concordaat van 1828.

In 1828 schaarde hij zich rond de prins van Oranje in diens kortstondige regering in Antwerpen, maar toen hij bemerkte dat sommige van zijn collega's, zoals Charles de Brouckère en Charles Le Hon de prins aanzetten om zich aan het hoofd van de revolutie te plaatsen, haakte hij af, uit loyaliteit tegenover Willem I.

Na 1830[bewerken]

Na 1830 speelde van Gobbelschroy geen politieke rol meer en trok zich terug op zijn landgoed in Sint-Lambrechts-Woluwe.

Zijn aandeelhouderschap in een aantal vennootschappen maakte dat hij nog actief bij sommige betrokken was, onder meer was hij:

  • beheerder van de Société de Luxembourg (1828)
  • aandeelhouder bij de Société de Plomb de Longwély (1828)
  • beheerder van de Société de Couvin (1839)
  • beheerder van de Société de la Grande Montagne (1846)

In 1839 publiceerde hij anoniem een tekst, waarin bleek dat hij een onvoorwaardelijk orangist was gebleven, die hoopte op een hereniging met Nederland.

Gobbelschroy had veel contacten met acteurs en actrices van de Brusselse opera, hetgeen tot de nodige roddels leidde. Hij had een jarenlange verhouding met de Franse ballerina Marie Lesueur. Hij leefde een luxueus leven waar een einde aan kwam toen hij verkeerde investeringen had gedaan in kaarsenfabrieken. Hij ging failliet en pleegde zelfmoord.

Château Malou[bewerken]

Zijn landgoed werd aangekocht door de Belgische minister Jules Malou en staat sindsdien bekend als Château Malou. Het werd in 1950 aangekocht door de gemeente Sint-Lambrechts-Woluwe, is beschermd als monument, net als het 8 ha omringende park en behoort tot de culturele infrastructuur van de gemeente.

Literatuur[bewerken]

  • Vrijmoedige verhandelingen over het beruchte verslag van den minister L. van Gobbelschroy aan den koning: gedagtekend 30 januari 1829, Utrecht, 1829
  • Gobbelschroy, in: Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek, deel IX, 291
  • F. VAN KALKEN, Pierre van Gobbelschroy, in: Biographie nationale de Belgique, T. XXVI, Brussel, 1936-38, col. 412-416
  • A. VAN ROOIJ, P.L.J.S. van Gobbelschroy, minister van binnenlandse zaken 1825-1829, Brussel, 1968 [Licentiaatsthesis VU Brussel]


Bronnen, noten en/of referenties
  • De informatie op deze pagina, of een eerdere versie daarvan, is geheel of gedeeltelijk afkomstig van www.parlement.com. Overname is toegestaan met bronvermelding.
Voorganger:
P.C.Gh. ridder de Coninck
Minister van Binnenlandse Zaken
1825-1830
Opvolger:
E.Ch.G.Gh. de la Coste
Voorganger:
P.C.Gh. de Coninck (waterstaat)
C.Th. Elout (nijverheid & koloniën)
minister van Waterstaat, Nationale Nijverheid en Koloniën
1830
Opvolger:
G.G. Clifford