Pim Lier

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Albrecht Willem (Pim) Lier (Scheveningen, 22 juli 1918 [1] – na 1986 [2]) is een Nederlands jurist en voormalig advocaat en procureur. Hij gaat door als een halfbroer van koningin Juliana en werd daarom wel King Lier of King Lear genoemd.

Lier werd geboren te Den Haag. Hij was naar eigen zeggen door prins Hendrik, de echtgenoot van koningin Wilhelmina, verwekt bij de weduwe Mien Abbo-Wenneker. Prins Hendrik zou haar ontmoet hebben bij zijn masseur die praktijk hield in een huis dat eigendom was van Wenneker en waar zij ook woonde.

In 1919 huwde luitenant Jan Derk Lier met Mien Wenneker, waarbij hij Pim erkende als zijn zoon. Lier senior ontving hiervoor honderdduizend gulden ineens en een maandelijkse vergoeding van duizend gulden.[3] De maandelijkse bijdrage die Lier senior ontving, werd al snel gehalveerd door François van 't Sant. Mien Lier bleef die 500 gulden ontvangen tot aan haar dood in 1973.[4]

Het bestaan van de vermoedelijke halfbroer werd in 1979 onthuld door historicus Loe de Jong in deel negen van zijn Het Koninkrijk der Nederlanden in de Tweede Wereldoorlog. De Jong noemde de namen 'Elisabeth Le Roi' als de minnares van prins Hendrik en 'Henry' als hun zoon. Journaliste Jos Hagers van dagblad De Telegraaf vond Lier na een zoektocht van twee weken. Henk van der Meijden interviewde hem vervolgens voor de televisie.

Lier hoopte door de koninklijke familie als lid erkend te worden, maar werd compleet genegeerd. Eind jaren zeventig bezocht hij in Villefranche-sur-Mer (Frankrijk) voormalig Abwehr-agent Michael graaf Soltikov.

De volgende jaren was Lier wanhopig op zoek naar erkenning en publiciteit. Vergeefs solliciteerde hij naar de positie van commissaris van de Koningin van de provincie Noord-Brabant. In 1984 sloot hij zich op aanraden van zijn echtgenote Petra de Vries aan bij de Centrumpartij waarvan hij voorzitter werd. In 1986 werd hij uit de partij gezet na een reeks van conflicten. Omdat zijn vrouw ongeneeslijk ziek was, besloot hij op 18 december van datzelfde jaar naar volgens eigen zeggen een dubbele zelfmoord te plegen. Hij schoot zijn vrouw dood, maar durfde vervolgens zichzelf niet te doden. Voor de moord op zijn vrouw kreeg hij viereneenhalf jaar gevangenisstraf.

Zie ook[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Gezinskaart ouderlijk gezin, Gemeentearchief Den Haag
  2. In 1986 is hij nog in leven, want dan vindt zijn veroordeling plaats. Er zijn geen bronnen die uit de periode daarna nog een teken van leven laten zien. Het is onduidelijk of hij nog in leven is.
  3. Volgens sommige bronnen had Prins Hendrik nog vijf andere bastaardkinderen bij Mien Abbo-Wenneker, die geboren waren in de tijd dat zij getrouwd was, onder wie naar verluidt ook Edith Schaap-Abbo.
  4. "Wij hebben gezwegen uit respect voor de koninklijke familie" De Telegraaf 2 november 1979