Place Stanislas

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Place Stanislas, Place de la Carrière en Place d'Alliance in Nancy
Werelderfgoed cultuur
Place Stanislas
Place Stanislas
Land Vlag van Frankrijk Frankrijk
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria i, iv
Inschrijvingsverloop
UNESCO-volgnr. 229
Inschrijving 1983 (7e sessie)
UNESCO-werelderfgoedlijst

Place Stanislas, plaatselijk bekend als place Stan, is een plein in de Noord-Franse stad Nancy. Het meet 106 bij 124 meter en dateert uit het midden van de 18de eeuw. Het heette oorspronkelijk Place Royale, naar de Franse koning Lodewijk XV, van wie het standbeeld op plein stond. Tijdens de Franse Revolutie heette het Place du Peuple en onder het keizerrijk Place Napoléon. In 1831 kreeg het zijn definitieve naam Place Stanislas, ter ere van Stanislaus Leszczyński, die de opdrachtgever was voor de aanleg van het plein. Leszczyński was voormalig koning van Polen en schoonvader van Lodewijk XV. Van deze laatste had hij de titel van hertog van Lorreinen ontvangen en het was vanuit die hoedanigheid dat hij de opdracht tot de aanleg gaf. Voor het ontwerp van het plein en van de gebouwen er omheen deed hij een beroep op de in Nancy geboren architect Emmanuel Héré (1705-1763), die er een evenwichtig classicistisch geheel van maakte. De eerste steen werd op 18 maart 1752 gelegd en op 26 november 1755 vond de feestelijke inwijding plaats.

Het plein ligt net buiten de wallen van de middeleeuwse stad (de Ville-Vieille), waarvan nog enkele restanten bewaard zijn, en vormt de verbinding met de nieuwe stad (Ville-Neuve) die vanaf 1588 buiten de wallen verrezen was. De zuidzijde wordt over de volledige lengte benomen door het monumentale stadhuis. Aan de beide korte zijden staan telkens twee gelijke gebouwen, gescheiden door een straat: aan de oostzijde het operagebouw en het Grand Hotel, gescheiden door de Rue Sainte-Catherine, aan de westzijde het Museum voor Schone Kunsten en het Pavillon Jacquet, gescheiden door de Rue Stanislas. Aan de noordkant staan twee lagere gebouwen; de straat tussen de beide leidt naar de Arc Héré (een triomfboog ter ere van Lodewijk XV, naar het model van de triomfboog van keizer Septimus Severus in Rome) en de Place de la Carrière. De vier hoeken van het plein, alsmede de toegangen tot de Rue Sainte-Catherine en de Rue Stanislas, worden afgesloten door kunstig gesmeed hekwerk dat rijkelijk verguld is. Deze hekken zijn het werk van de smid en meester-slotenmaker Jean Lamour (1698-1771). Zij bezorgden Nancy de bijnaam van Ville aux Portes d'Or ("de stad met de gouden poorten").

In het midden van het plein staat sinds 1831 het standbeeld van Stanislaus Leszczyński. Het is het werk van de beeldhouwer en graveur Georges Jacquot (1794-1874) en vervangt het beeld van Lodewijk XV dat tijdens de Franse Revolutie vernield werd.

De bestrating van de Place Stanislas werd in de loop der tijden meermaals gewijzigd, waardoor de oorspronkelijke aanleg in twee kleuren geheel verloren ging. Na de Tweede Wereldoorlog werd het plein meer en meer gebruikt als parkeerterrein: er was plaats voor zo'n zeshonderd auto's! Pas in 1983 werd een parkeerverbod ingevoerd. In de aanloop naar de herdenking van het 250-jarige bestaan van het plein in 2005, werd het volledig heraangelegd, waarbij de originele vormgeving van architect Héré - lichte bestrating met donkere banden - in ere hersteld werd. Ook de gevels van alle gebouwen rondom kregen een opknapbeurt. Het plein werd volledig verkeersvrij en vormt nu als voetgangersgebied één geheel met de Place de la Carrière en de Place d'Alliance. De drie pleinen staan samen op de werelderfgoedlijst. Bij de erkenning als werelderfgoed werd het ensemble als volgt beschreven: "De drie pleinen vertegenwoordigen een unieke artistieke prestatie, een meesterwerk van de creatieve geest. (...) Gebouwd tussen 1752 en 1756 door een briljant team onder leiding van architect Heré".