Plan Dalet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Het Plan Dalet (Hebreeuws: תוכנית ד') is de benaming van een militair beleidsplan dat door de Joodse paramilitaire Hagana in 1947-1948 in de aanloop naar de Israëlische Onafhankelijkheidsoorlog werd opgesteld en uitgevoerd. Op 29 november 1947 namen de Verenigde Naties met resolutie 181 een verdelingsplan aan voor het Britse Mandaatgebied Palestina. Volgens deze resolutie zou Palestina worden verdeeld in een Joodse en een Arabische staat. Dit plan werd door de Arabische leiders verworpen. Het aannemen van resolutie 181 wordt gezien als het begin van de burgeroorlog die uitmondde in de Arabisch-Israëlische Oorlog van 1948.

De officiële tekst van het Plan Dalet stelt onder meer: "Het doel van het plan is om de controle te verkrijgen over gebieden van de Joodse staat en de grenzen te verdedigen. Tevens is het streven controle te verkrijgen over Joodse nederzettingen en bevolkingsconcentraties buiten dit gebied (dat aan de Joodse staat was toebedeeld) van reguliere, semi-reguliere en kleine troepenmachten van binnen en buiten de staat".[1]

Op 5 april 1948 begon de eerste krijgsverrichting van het Plan-Dalet, Operatie Nachsjon, waarmee langs de weg tussen Tel Aviv en Jeruzalem, die langs meerdere Palestijnse dorpen liep, een corridor moest worden gemaakt. Langs deze weg werd de Joodse enclave in westelijk Jeruzalem bevoorraad, terwijl paramilitaire eenheden van Abd al-Qadir al-Husseini Joodse transporten bestookten. Dit culmineerde op 27 mei toen een konvooi van de Hagana ten zuiden van Jeruzalem in een hinderlaag liep waarbij zesendertig Joodse strijders omkwamen en hun lijken werden verminkt.

Critici van het Israëlische beleid stellen dat Plan Dalet met name de verovering van Arabisch gebied en verdrijving van Arabische inwoners tot doel had. Volgens hen was bijvoorbeeld het bloedbad bij Deir Yassin een gevolg van het Plan Dalet.[2][3]

Zowel de Israëlische historicus Benny Morris als de Palestijnse historicus Issa Khalaf stellen dat het Plan Dalet niet de verdrijving van Palestijnen tot doel had maar dat het een logisch gevolg van een oorlog is geweest.[4][5] De Israëlische historici Avi Shlaim en Ilan Pappé zijn echter van mening dat het plan Dalet het vooropgestelde doel had de Arabieren te verdrijven uit zowel het gebied van de in de VN-resolutie voorgestelde toekomstige Joodse staat alsook uit het gebied van de voorgestelde Arabische staat.[6]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. MidEast Web Historical Documents - Plan D
  2. Walid Khalidi, 1988, 'Plan Dalet: Master Plan for the Conquest of Palestine', J. Palestine Studies 18(1), p. 4-33, earlier published in 1961
  3. De Israëlische historicus Benny Morris stelt dat er sprake was van "etnische zuivering", en hij beschrijft deze als "noodzakelijk" voor de vestiging van een Joodse staat: "Er zijn omstandigheden in de geschiedenis die etnische zuivering rechtvaardigen. Ik weet dat deze term in de 21e eeuw volkomen negatief gebruikt wordt, maar als de keuze is tussen etnische zuivering en genocide - de vernietiging van je volk - geef ik de voorkeur aan etnische zuivering. Dat was de situatie. Dat is wat het zionisme voor zich zag. Een Joodse staat zou er niet gekomen zijn zonder het verdrijven van 700.000 Palestijnen. Daarom was het noodzakelijk hen te verdrijven. Het was nodig het binnenland te zuiveren en de grensgebieden te zuiveren en de belangrijkste wegen te zuiveren. Het was nodig de dorpen te zuiveren van waaruit onze konvooien en onze nederzettingen beschoten werden." (Morris in vraaggesprek met Israëlisch dagblad Haaretz, 8 januari 2004) [1]
  4. Benny Morris: Israels secret wars, 1991 blz. 102-103
  5. Issa Khalaf: Politics in Palestine: Arab Factionalism and Social Disintegration, 1939- 1948, 1991
  6. Pappé, 'The ethnic cleansing of Palestine', 2006, Oneworld, Oxford