Plexus chorioides

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Plexus chorioides
Plexus chorioides
Vierde ventrikel
Vierde ventrikel
doorsnede zij- en derde ventrikel.
doorsnede zij- en derde ventrikel.
Gray's Anatomy 187,798
MeSH A08.186.211.276.298
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De plexus chorioides[1] is een onderdeel in de hersenen, waar hersenvocht aangemaakt wordt.[2] Dit gebeurt op plekken waar de pia mater en de weefselwand met elkaar in contact komen. Deze gebieden liggen aan de rand van de hersenventrikels. Het hersenvocht wordt voornamelijk in de plexus chorioides van de beide zijventrikels en in geringe mate door de plexus chorioides van de 3e en 4e ventrikel geproduceerd. Capilaire bloedvaten voeren bloed aan voor cellen van de plexus chorioides, welke hieruit de componenten filteren die als hersenvocht in de ventrikels uitgescheiden worden.

Naamgeving[bewerken]

De Latijnse naam plexus chorioides is een vertaling van het Grieks χοριοειδές πλέγμα chorioeidés plégma,[3] terug te vinden bij de Griekse arts Galenus.[3] Daarbij heeft het woord πλέγμα de betekenis van vlecht[3], afgeleid van het Griekse werkwoord πλέκειν plékein, vlechten.[4] De Latijnse vertaling plexus, ook met de betekenis vlecht,[5] is afgeleid van het soortgelijke werkwoord plectere, vlechten.[4]

Het Griekse woord χοριοειδές chorioeidés, vliesachtig[3] is afgeleid van χόριον chórion.[4] Bij de Griekse arts Galenus was het χόριον het buitenste vlies van de vrucht.[6][3] Vandaar ook de huidige betekenis van chorion als vruchtvlies.[7]

Een kemerk van het χόριον in de betekenis van vruchtvlies is zijn grote vaatrijkheid.[6]. Andere vaatrijke vliezen zijn ook vernoemd naar het χόριον vanwege de vaatrijke gelijkenis,[8][6] zoals het vaatvlies van het oog (chorioides) als χοριοειδής χιτών chorioeidés chitõn door Galenus[3] en het zachte hersenvlies (pia mater) als χοριοειδής μῆνιγξ chorioeidés meninx door Herophilus.[3] De Nederlandse anatoom Frederik Ruysch sprak ook over aderlijke vlechting ('aderlyke vlegtinghe').

Naast de schrijfwijze plexus chorioides komt men nog de schrijfwijze plexus chorioideus,[9][10] plexus choroideus [11][12][13] en plexus choroidalis [14] tegen. Daarbij is chorioideus een verkeerde omzetting[15][16] van Grieks χοριοειδές/ής naar het Latijn. De schrijfwijze zonder -i, wordt door meerdere werken[8][3] als fout bestempeld. Hyrtl[6] schrijft deze lange overlevering van de vorm χοροειδής toe aan overschrijffouten van de kopiisten van weleer.

Literatuurverwijzingen[bewerken]

  1. Suzuki, S., Katsumata, T., Ura, R. Fujita, T., Niizima, M. & Suzuki, H. (1936). Über die Nomina Anatomica Nova. Folia Anatomica Japonica, 14, 507-536.
  2. Wolters, E.C. & Groenenwegen, H.J. (1996). Neurologie. Structuur, functie en dysfunctie van het zenuwstelsel. Houten/Diegem: Bohn Stafleu Van Loghum.
  3. a b c d e f g h Liddell, H.G. & Scott, R. (1940). A Greek-English Lexicon. revised and augmented throughout by Sir Henry Stuart Jones. with the assistance of. Roderick McKenzie. Oxford: Clarendon Press.
  4. a b c Triepel, H. (1927). Die anatomischen Namen. Ihre Ableitung und Aussprache. Anhang: Biographische Notizen.(Elfte Auflage). München: Verlag von J.F. Bergmann.
  5. Lewis, C.T. & Short, C. (1879). A Latin dictionary founded on Andrews' edition of Freund's Latin dictionary. Oxford: Clarendon Press.
  6. a b c d Hyrtl, J. (1880). Onomatologia Anatomica. Geschichte und Kritik der anatomischen Sprache der Gegenwart. Wien: Wilhelm Braumüller. K.K. Hof- und Unversitätsbuchhändler.
  7. Everdingen, J.J.E. van, Eerenbeemt, A.M.M. van den (2012). Pinkhof Geneeskundig woordenboek (12de druk). Bohn Stafleu Van Loghum, Houten.
  8. a b Kraus, L.A. (1844). Kritisch-etymologisches medicinisches Lexikon (Dritte Aufgabe). Göttingen: Verlag der Deuerlich- und Dieterichschen Buchhandlung.
  9. His (1895). Die anatomische Nomenclatur. Nomina Anatomica. Der von der Anatomischen Gesellschaft auf ihrer IX. Versammlung in Basel angenommenen Namen. Leipzig: Verlag von Veit & Comp.
  10. Kopsch, F. (1941). Die Nomina anatomica des Jahres 1895 (B.N.A.) nach der Buchstabenreihe geordnet und gegenübergestellt den Nomina anatomica des Jahres 1935 (I.N.A.) (3. Aufgabe). Leipzig: Georg Thieme Verlag.
  11. International Anatomical Nomenclature Committee (1983). Nomina Anatomica, together with Nomina Histologica and Nomina Embryologica. Baltimore/London: Williams & Wilkins
  12. International Anatomical Nomenclature Committee (1989). Nomina Anatomica, together with Nomina Histologica and Nomina Embryologica. Edinburgh: Churchill Livingstone.
  13. Federative Committee on Anatomical Terminology (1998). Terminologia Anatomica. Stuttgart: Thieme
  14. Haan, H.R.M. de & Dekker, W.A.L. (1955-1957). Groot woordenboek der geneeskunde. Encyclopaedia medica. Leiden: L. Stafleu.
  15. Triepel, H. (1908). Memorial on the anatomical nomenclature of the anatomical society. In A. Rose (Ed.), Medical Greek. Collection of papers on medical onomatology and a grammatical guide to learn modern Greek (pp. 176-193). New York: Peri Hellados publication office.
  16. Kossmann, R. (1903). Allgemeine Gynaecologie. Berlin: Verlag von August Hirschwald.