Plot

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De plot (uit het Engels) is het plan, de structuur van een verhaal, met alle verwikkelingen en causale verbanden binnen dat verhaal. Het is als een geraamte waaraan het 'vlees', de vertelling van een boek, toneelstuk, videospel of film wordt opgehangen. Soms wordt de term plot ook gebruikt waar pointe of clou bedoeld wordt.

De plot ontwikkelt zich als opeenvolging van gebeurtenissen in een verhaal waarbij elke gebeurtenis een andere veroorzaakt of ertoe leidt. Hierbij gaat het niet om ongerelateerde, toevallige gebeurtenissen: de gebeurtenissen hebben verband met het conflict, de worsteling die de protagonist doormaakt om zijn dramatisch doel te bereiken. Een andere term voor een verwikkeling in een verhaal is intrige.

Gewoonlijk begint een plot met de expositie, waarin de belangrijkste personages worden geïntroduceerd binnen een bepaalde setting en situatie. Daarna wordt de plot verder ontwikkeld, via actie en dialogen. De schrijver of scenarist maakt in de structuur en evolutie van zijn verhaal ook vaak gebruik van zogenaamde plotpoints, punten die in het verhaal belangrijk zullen blijken te zijn.

De plot is meestal verborgen, vooral in detectives, om de lezer, luisteraar of kijker in het ongewisse te laten over te verwikkelingen in het verhaal. In het voorbeeld van de detective zal er aan het einde van het werk een opeenvolging van verwarringen worden ontknoopt om een snel en verrassend plot bloot te leggen.

Zie ook[bewerken]


Genres epiek: anekdote · ballade · epos · fabel · gedicht · genre · inleiding · kort verhaal · legende · mythe · novelle · parabel · raamvertelling · reisverhaal · roman · saga · sage · sprookje · verhaal · vignet · volksballade · volksverhaal
Verloop en verhaallijn: catharsis · cliffhanger · climax · deus ex machina · drie act-structuur · epiloog · expositie · fabel · plot · plotpoint · proloog · startplotscène · rode draad · scenario · setup · synopsis · verhaallijn
Begin en einde: ab ovo · in medias res · in ultimas res · incipit · openingsscène · openingszin · post rem · terminus
Personage: aangever · alter ego · alteriteit · antagonist · antiheld · bijfiguur · bijrol · booswicht · byroniaanse held · deuteragonist · flat character · held · hoofdpersoon · hoofdrol · karakter · protagonist · round character · tritagonist · typetje · uitverkorene · underdog
Spanning: cliffhanger · spanning
Vertelperspectief en vertelinstantie: afwisselend perspectief · auctoriële verteller · focalisatie · gedramatiseerd · homodiëgetische vertelling · heterodiëgetische vertelinstantie · ik-perspectief · onbetrouwbare verteller · personele verteller · point of view · rhema · voice-over
Motief & thema: abstract motief · concreet motief · leidmotief · motto · thema · topos
Tijd & ruimte: eenheidsconventie · flashback · flashforward · kalendertijd · mise en abyme · opschuivende tijdlijn · praesens historicum · tijdverruiming · verteltijd · vertelde tijd
Stijl: directe rede · dramatische ironie · indirecte rede · red herring · shooting the messenger · register · stijl · stream of consciousness · suspension of disbelief · show, don't tell · verteltechniek · vrije indirecte rede
Scenariotermen: premissesynopsistreatmentscenariofilmdraaiboekstoryboard
Stijlperiode: middeleeuwen · renaissance · maniërisme · barok · verlichting · sentimentalisme · preromantiek · romantiek · realisme · impressionisme · naturalisme · neoromantiek · symbolisme · expressionisme · constructivisme · dadaïsme · surrealisme · nieuwe zakelijkheid · magisch realisme · existentialisme · vijftigers · modernisme · postmodernisme
Studie: driehoek van Petersen · literaire kritiek · narratologie · topische vragen · verhaalanalyse