Pluk van de Petteflet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nuvola single chevron right.svg Voor de gelijknamige film, zie Pluk van de Petteflet (film).
Pluk van de Petteflet
Auteur(s) Annie M.G. Schmidt
Land Nederland
Taal Nederlands
Onderwerp kinderen
Genre jeugdboek
Uitgever Em. Querido's Uitgeverij B.V.
Uitgegeven 1971
ISBN-code 9789054446354
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Pluk van de Petteflet is de titel van een kinderboek van schrijfster Annie M.G. Schmidt met tekeningen van Fiep Westendorp.

Het Nederlandse tijdschrift Margriet publiceerde de Pluk-avonturen tussen september 1968 en januari 1970. Een aantal van deze verhalen werden door Annie M.G. Schmidt herschreven en gebundeld in boekvorm. Het boek, dat in 1971 verscheen, gaat over een jongetje met de naam Pluk. Hij heeft een rood kraanwagentje, en samen met Aagje en De Stampertjes beleeft hij verschillende avonturen.

Door de VPRO-radio is in 1992 een hoorspelserie Pluk van de Petteflet uitgezonden met de stemmen van onder anderen Kitty Courbois en muziek van Harry Bannink.

In het seizoen 2003-2004 werd een musical van het boek gemaakt die de ANWB Publieksprijs voor de beste kleine musical productie won.

Ook werd in 2004 het boek verfilmd, met Erica Terpstra in de rol van burgemeester, Erik van Muiswinkel als de Majoor en een dubbelrol van Arjan Ederveen als Meneer Pen en zijn broer de Kluizelaar.

In 2004 werden door dezelfde uitgever de resterende verhalen uit het tijdschrift Margriet gebundeld in boekvorm, onder de titel Pluk redt de dieren.

In 2009 kwam het videospel Pluk van de Petteflet uit op Nintendo DS.

Personages[bewerken]

  • Pluk
  • Aagje
  • Mevrouw Helderder (de moeder van Aagje)
  • Meneer Pen
  • De kakkerlak Zaza
  • Vader Stamper
  • De Stampertjes
  • De Portier
  • De duif Dikke Dollie
  • De meeuw Karel met de Houten Poot
  • De meeuw Leentje, de zus van Karel
  • De Majoor, zijn adjudant en zijn "peerd" Langhors
  • De Heen- en Weerwolf
  • De Kluizelaar
  • De Lispeltuut (een schelp die de weg wijst)
  • De Krullevaar
  • Duizeltje de Eekhoorn
  • De Dokter
  • Spijtebijt (bijtend jongetje)
  • De Parkmeester
  • De Burgemeester
  • De Museumdirecteur
  • Liezebetje
  • De Flattekat
  • De Eierkoekenbakker (aan het strand)

Inhoud[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Op een dag zoekt Pluk een huisje, maar er is nergens plaats. Dan hoort hij van Dollie de duif dat er in het torentje van de Petteflet nog een kamertje vrij is, en hier trekt hij dan ook in. Pluk maakt al snel veel vrienden: Zaza de kakkerlak, meneer Pen, het lange paard Langhors, de Majoor en zijn adjudant, de Stampertjes, de eekhoorn Duizeltje, en het nette meisje Aagje. Minder goed kan hij overweg met Aagjes moeder, mevrouw Helderder, die een obsessie voor schoonmaken en netheid heeft, de portier die hem uit de flat probeert te krijgen, en de Flattekat, die Dollie wil opeten. Mevrouw Helderder probeert zelfs met hulp van de portier Pluks kamertje in te pikken als naaikamertje, maar met hulp van zijn vriend de meeuw Karel-met-de-houten-poot weet Pluk zijn kamertje terug te krijgen.

Omdat de Stampertjes en Aagje mazelen hebben gehad, moeten ze een tijdje naar zee. Pluk en de dokter weten mevrouw Helderder zover te krijgen dat Aagje met de Stampertjes meemag, en zelf blijft hij ook een weekje bij ze in hun huisje in Egwijk aan Zee. Daar redden ze een nest meeuwen-eieren bij de Eierkoekenbakker door in een muziektent een concert te geven waar onder andere de bakker op afkwam, zodat Pluk en Aagje stiekem naar binnen konden gaan bij de bakkerij om de eieren te halen en vinden daarbij een vreemd ei dat Pluk bij een bevriend stel laat uitbroeden. Pluk vindt daar ook de Lispeltuut, een schelp die de weg kan wijzen.

Terug in de Petteflet blijkt dat er plannen zijn om de Torteltuin achter het park weg te bulldozeren en er een tegelpleintje aan te leggen. Mevrouw Helderder vindt het een prima idee want ze vindt de Torteltuin met alle dieren maar vies. Gelukkig kent meneer Pen iemand die kan helpen, een 'kluizelaar' die in de Hasselerwaard woont. Na een lange tocht en een overtocht over de rivier de Waas met de pont van de 'heen-en-weer-wolf', wacht Pluk een teleurstelling. De kluizelaar lijkt niet te luisteren en geeft hem een bijna dood plantje mee. Pluk en meneer Pen planten het toch maar bij het park.

De volgende dag blijkt de plant tot een grote bramenstruik te zijn uitgegroeid. En iedereen die van de bramen eet, gaat spelen, want hasselbramen zijn speelbramen. De werkmannen eten ervan en gaan spelen, en gebruiken al het materiaal voor hun spelletjes en om kunstwerken te maken. Al snel eet de hele stad de bramen en gaat spelen, en tot mevrouw Helderders woede gelast de burgemeester het werk af omdat hij geen nieuw materiaal wil kopen.

Aagje en Stampertjes komen terug uit Egwijk, en mevrouw Helderder wil Aagje in een box zetten zodat ze het huis niet vuil maakt. Pluk is woedend en meneer Pen besluit met haar te praten. Meneer Pen ziet dat ze jam heeft gemaakt van de hasselbramen en overreedt haar met een list ervan te eten. Hierdoor gedraagt ze zich eerst als een baby, maar als Aagje terugkomt is ze als een schoolmeisje en speelt met haar en de Stampertjes, en is vriendelijk en aardig. Meneer Pen raadt haar aan iedere dag een lepeltje jam te nemen. Tegen de tijd dat de jam op is, is Aagje al groot. Sindsdien is mevrouw Helderder een ander mens.

Inmiddels is het ei uit Egwijk uitgekomen: het was het ei van een krullevaar. Maar de museumdirecteur wil de zeldzame vogel opzetten in zijn museum. Pluk en zijn vriendjes weten de vogel te redden, en de meeuw Karel wijst hem de weg naar zijn familie.

Het boek eindigt met de verjaardag van Pluk. Met al zijn vriendjes gaan ze er een dag op uit maar hij weet niet waar ze naartoe moeten. Maar de Lispeltuut weet het wel: naar de Waas, naar de heen-en-weerwolf.

Externe link[bewerken]