Portier (beroep)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Hotelportiers in Londen

Een portier is iemand die de entree van een gebouw of terrein bewaakt en de deur openhoudt voor in- of uitgaande bezoekers. Het woord is afgeleid van "poort". Een portier, ook wel poortwachter genoemd, was oorspronkelijk degene die de poort van een klooster, paleis of ander groot gebouw opende en sloot.

Vandaag de dag staan portiers vooral voor grote, chique hotels, kantoorgebouwen en appartementengebouwen. Vaak hebben ze ook conciërge-achtige taken, zoals het regelen van een taxi of het geven van informatie aan gasten. Portiers hebben ook beveiligingstaken. Dat geldt vooral voor horecaportiers, die voor een kroeg of discotheek staan, maar ook voor portiers van bijvoorbeeld gevangenissen en andere overheidsgebouwen.

Portiers bestonden al in de Romeinse oudheid. Ze werden in het Latijn ianitor genoemd (van iānua, "deur"). Hiervan is het moderne Engelse woord janitor ("conciërge") afgeleid.

Horecaportier[bewerken]

Een portier bij een bar in Oslo

Een horecaportier is een beveiligingsmedewerker die gespecialiseerd is in het werken in de horeca. Horecaportiers zijn ook wel bekend onder de bijnamen uitsmijter (Nederlands-Nederlands) of buitenwipper (Belgisch-Nederlands)

Velen kennen de horecaportier als een "kleerkast" aan de deur van een kroeg of discotheek, met over het algemeen een wat nors imago. De portierswereld is de laatste jaren echter een stuk professioneler geworden. In Nederland bijvoorbeeld moeten horecaportiers nu in bezit zijn van een diploma.

Een portier kan worden gezien als gastheer, bemiddelaar en probleemoplosser en is tevens het visitekaartje van een horecagelegenheid. Een portier is onder andere belast met het toezien op binnenkomende bezoekers, het weren van drugs en wapens en het beleid aan de deur van de horecagelegenheid. Hij of zij kan personen de toegang weigeren tot het gebouw of een feest. Sommige portiers zullen bezoekers fouilleren alvorens deze binnen te laten, om tevoorkomen dat harddrugs of wapens mee naar binnen worden genomen. Een andere taak van een portier is het (tijdig) signaleren en op gepaste wijze verwijderen van ongewenste bezoekers in overeenstemming met de beleidsrichtlijnen van een (horeca)organisatie. Ook houden portiers toezicht door het lopen van controlerondes en probeert men de situatie binnen zo veilig mogelijk te houden of te maken voor de bezoekers.

In het geval van vechtpartijen of andere calamiteiten grijpt een portier in en zal men proberen mogelijke overtreders buiten de deur te zetten, al dan niet in directe samenwerking met de politie. Afhankelijk van de gemeentegrenzen waar een horecagelegenheid gevestigd is, wordt er soms opgetreden in het publieke domein.

Nederland[bewerken]

Sinds de invoering van de Wet Particuliere Beveiligingsbedrijven en Recherchebureaus (WPBR) in Nederland in april 1999 mag niet zomaar iedereen meer portier worden of dergelijke werkzaamheden uitoefenen. Portiers moeten nu in het bezit zijn van het op naam gestelde SVH Diploma Horecaportier, dat wordt afgegeven door de Stichting Vakbekwaamheid Horeca (SVH).

Opleiding[bewerken]

De opleiding voor horecaportiers is gericht op de praktische taakuitvoering vanuit standaardprocedures. De horecaportier wordt vertrouwd gemaakt met het controleren van personen en goederen, het preventief en repressief optreden, het signaleren van onregelmatigheden, het alarmeren van personen en instanties, het rapporteren, werken met hulpmiddelen (denk aan een portofoon of metaaldetector en het optreden bij calamiteiten. Ook moet een horecaportier kunnen om gaan met emotionele situaties en zich bewust zijn van de effecten van zijn eigen gedrag. Tot slot moet een portier gedegen kennis hebben van de voor de uitoefening van zijn/haar beroep belangrijke wet- en regelgeving. Al deze kennis kan worden aangetoond door als aspirant-portier een examen afleggen. Hierbij worden de onderstaande onderwerpen met een theorie-examen getoetst:

  • Arbeidsomstandigheden van de horecaportier
  • Veiligheidspreventie
  • Rechts- en wetskennis
  • Alcoholmisbruik en drugsgebruik
  • Sociale vaardigheden

In het praktijkexamen wordt met behulp van acteurs een praktijksituatie nagebootst, waarbij iedere afzonderlijke aspirant-portier dient op te treden. Dit optreden wordt beoordeeld door SVH.

Legitimering[bewerken]

Nadat het examen tot horecaportier succesvol is doorlopen dient de horecaportier nog toestemming te verkrijgen van het ministerie van Justitie om als horecaportier te mogen werken. Bij het al-dan-niet verlenen van deze toestemming wordt bijvoorbeeld gekeken naar eventuele justitiële antecedenten (of men een strafblad heeft) en andere persoonlijke omstandigheden. Als de toestemming verleend is, ontvangt de horecaportier een blauw legitimatiebewijs. Dit dient men altijd bij zich te dragen en, volgens de tekst van de Wet op de Particuliere Beveiligingsorganisaties en Recherchebureaus (WPBR), "op ieder redelijk verzoek" onmiddellijk te kunnen tonen (denk hierbij aan controles van de politie).

Op het legitimatiebewijs staan, behalve de persoonsgegevens van de horecaportier, ook een aantal andere zeer belangrijke zaken vermeld. Zo staan op de voorzijde de naam en het vergunningsnummer van de werkgever vermeld, en dient op de achterzijde de specifieke functie (in dit geval 'horecaportier') te zijn ingevuld. Overigens mag de portier alleen werken voor de op het bewijs vermelde werkgever; voor werk bij een ander bedrijf dient opnieuw een pas te worden aangevraagd.

Het blauwe legitimatiebewijs wordt eveneens gebruikt voor voetbalstewards en Event Security Officers. Het is echter niet mogelijk om met een blauw legitimatiebewijs voor een bepaalde, hierboven genoemde, categorie werkzaamheden te verrichten uit een van de andere categorieën.

Zie ook[bewerken]