Progress (ruimtevaartuig)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Progress-M ruimtevaartuig

Progress (Russisch: Прогресс (КК) ) is een onbemand Russisch ruimtevaartuig. In de jaren 70 van de 20e eeuw is het ontwikkeld om de Saljoet ruimtestations te bevoorraden. Later werden de Progress ruimtevaartuigen gebruikt ter bevoorrading van het ruimtestation Mir en het huidige internationale ruimtestation ISS.

De ontwikkeling van Progress werd in gang gezet toen de Sovjet-Unie zich realiseerde dat langdurige verblijven in de Saljoet ruimtestations alleen mogelijk werden als de bemanning regelmatig bevoorraad kon worden. Saljoet 6 was het eerste ruimtestation dat regelmatig bezoek kreeg van Progress vrachtschepen. Het concept bleek zeer succesvol en was tevens de enige vorm van bevoorrading voor het ruimtestation ISS in de jaren 2003 tot 2005, toen de Amerikaanse space shuttle aan de grond stond als gevolg van het ongeluk met het ruimteveer Columbia.

Ontwerp[bewerken]

Het interieur van Progress 18

Het ontwerp van de Progress is gebaseerd op dat van het bemande Sojoez ruimtevaartuig, en maakt voor de lancering eveneens gebruik van de succesvolle Sojoez raket. De Progress heeft ongeveer hetzelfde formaat als de Sojoez en lijkt uiterlijk sterk op de Sojoez.

Het Progress ruimtevrachtschip bestaat uit drie modules:

  • Orbitale module, een onder druk staande opslagruimte met de voorraden voor de bemanning van het ruimtestation, zoals voedsel, water, kleding, en (wetenschappelijke) apparatuur. Ook is er hier plaats voor persoonlijke post en kranten. Bovenop de orbitale module is de koppelingseenheid geplaatst, die verschilt met die van de Sojoez omdat er leidingen aanwezig zijn voor het overpompen van vloeistoffen naar het ruimtestation.
  • Brandstof module, een ruimte met brandstof voorraden in aparte tanks. Na koppeling worden deze geautomatiseerd overgepompt naar de brandstoftanks van het ruimtestation.
  • Service module, een aandrijfmodule die identiek is aan dezelfde module van het Sojoez ruimteschip. De module bevat motoren voor baanwijzigingen en standregeling, radiatoren voor warmtewisseling en de elektriciteitsvoorziening via zonnepanelen.

Omdat de Progress ruimtevaartuigen niet bedoeld zijn voor het vervoeren van bemanning en er geen reden is om terug te keren naar aarde, zijn ze niet uitgerust met hitteschilden of systemen voor levensonderhoud. Dit levert grote gewichtsbesparingen op die ten goede komen aan de hoeveelheid nuttige lading.

Versies[bewerken]

De ontwikkelingsgeschiedenis van Progress is ruim 10 jaar korter dan van Sojoez, en daarom zijn er veel minder versies verschenen dan met Sojoez het geval was.

Lijntekening van de eerste versie van het Progress ruimtevrachtschip.

Progress (1978 - 1990)[bewerken]

Medio 1973 begon het ontwerpbureau van chef-ontwerper Sergej Koroljov met de ontwikkeling van het eerste type Progress. Op 20 januari 1978 werd de eerste Progress gelanceerd en uiteindelijk zouden er 42 exemplaren van deze versie in de ruimte vliegen. De eerste versie van Progress had een massa van 7020 kg en kon 2300 kg aan vracht vervoeren. Het vrachtschip was uitgerust met accu's, kon drie dagen zelfstandig vliegen en kon tot maximaal 1 maand gekoppeld blijven aan een ruimtestation. Koppeling vond altijd plaats met de achterste koppelpoort van het ruimtestation aangezien dit de enige koppelpoort was die uitgerust was met leidingen voor transport van de vloeibare lading aan boord van Progress.

  • Lanceergewicht 7020–7249 kg
  • Laadgewicht (Progress 1-24) ~2300 kg
  • Laadgewicht (Progress 24-42) ~2500 kg
  • Lengte 7,94 m
  • Diameter van de vrachtmodule 2,2 m
  • Maximum diameter 2,72 m
  • Volume van de vrachtruimte 6,6 m3
Lijntekening van de Progress-M. Opvallende verschillen ten opzichte van de eerste generatie zijn zonnepanelen en andere antennes op de orbitale module voor het nadering- en koppeling systeem.

Progress M (1989 - heden)[bewerken]

In 1986 werd gestart met de ontwikkeling van de volgende versie van Progress. Het basisontwerp bleef hetzelfde maar werd uitgerust met de vele verbeteringen die doorgevoerd waren op de Sojoez-T en Sojoez-TM. Het resultaat werd bekend als Progress-M en werd voor het eerste gelanceerd op 23 augustus 1989 naar het ruimtestation Mir. Deze versie kon 100 kg meer vracht dragen en tot 30 dagen zelfstandig vliegen doordat het ruimtevaartuig nu was uitgerust met zonnepanelen. Daarnaast was het met de Progress M mogelijk om goederen en experimenten terug te laten keren op aarde door gebruik te maken van een Raduga terugkeercapsule. Gekoppeld kan Progress-M maximaal zes maanden in de ruimte blijven. Bovendien kon Progress-M ook koppelen aan alle koppelpoorten van Mir omdat deze allemaal met leidingen voor het transport van vloeistoffen waren uitgerust. Tot aan de geplande vernietiging van Mir vlogen 43 Progress M vrachtschepen naar dit ruimtestation. De laatste van deze werd gebruikt om Mir uit zijn baan te halen en terug te laten keren in de atmosfeer.

  • Lanceergewicht 7130 kg
  • Laadgewicht 2600 kg
  • Max. droge lading 1500 kg
  • Max. vloeibare lading 1540 kg
  • Lengte 7,23 m
  • Breedte zonnepaneel 10,6 m
  • Diameter van de vrachtmodule 2,2 m
  • Maximum diameter 2,72 m
  • Volume van de vrachtruimte 7,6 m3
De vierde Progress M1 gezien kort voor de koppeling met het internationale ruimtestation ISS.

Progress M1 (2000 - heden)[bewerken]

De Progress M1 variant van Progress is speciaal ontwikkeld ten behoeve van het internationale ruimtestation ISS. De totale te dragen lading is kleiner dan Progress M, maar er kan wel meer vloeibare lading meegenomen worden, ruim 400 kg meer dan Progress M. Dit werd mogelijk door de watervoorraad te verplaatsen van de brandstof module naar de orbitale module. De Progress M en Progress M1 varianten worden beiden gebruikt ter bevoorrading van het ISS.

  • Lanceergewicht 7150 kg
  • Laadgewicht 2230 kg
  • Max. droge lading 1800 kg
  • Max. vloeibare lading 1950 kg
  • Lengte 7,23 m
  • Breedte zonnepaneel 10,6 m
  • Diameter van de vrachtmodule 2,2 m
  • Maximum diameter 2,72 m
  • Volume van de vrachtruimte 7,6 m3

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties