Pulsatilla

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Pulsatilla
Wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris)
Wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris)
Taxonomische indeling
Rijk: Plantae (Planten)
Stam: Embryophyta (Landplanten)
Klasse: Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade: Bedektzadigen
Clade: 'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Orde: Ranunculales
Familie: Ranunculaceae (Ranonkelfamilie)
Geslacht
Pulsatilla
Mill. (1754)
Typesoort
Pulsatilla vulgaris Mill. (1754)
Pulsatilla rubra, detail bloem
Pulsatilla rubra, detail bloem
Afbeeldingen Pulsatilla op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Pulsatilla op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Pulsatilla is een geslacht van overblijvende planten uit de ranonkelfamilie (Ranunculaceae), verspreid over Europa, Noord Amerika en Azië. Het geslacht wordt in België (en voorheen in Nederland) vertegenwoordigd door het wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris).

Pulsatillas zijn voorjaarsbloeiers die vooral in graslanden te vinden zijn.

Naamgeving en etymologie[bewerken]

De botanische naam Pulsatilla is afgeleid van het Latijnse pulsare (slaan, zwaaien). Naargelang van de bron zou dit slaan op de op een klok lijkende bloemen of op de zaden, die door windstoten worden verspreid.

Kenmerken[bewerken]

Pulsatilla-soorten zijn polvormende, overblijvende, kruidachtige planten, met rechtop staande wortelstokken, korte, onvertakte stengels en een bladrozet van langgesteelde, fijnverdeelde, geveerde of dubbelgeveerde bladeren. Zowel bladeren als stengels zijn dicht bezet met lange, zilvergrijze haren.

De bloemen zijn groot, alleenstaand aan het einde van de bloemstengel, opgericht of knikkend, ondersteund door een kraag van geveerde schutbladen. De bloemen zijn radiaal symmetrisch, klokvormig tot uitgespreid, met meestal 6 wit, roze, paars of rood gekleurde, kroonbladachtige kelkbladen, aan de buitenzijde zilverachtig behaard. Er zijn geen echte kroonbladen. De bloem bezit talrijke geel of paars gekleurde vruchtbare meeldraden en meestal ook schijfvormige staminodiën of onvruchtbare meeldraden. Er zijn talrijke, losse vruchtbeginsels met elk een zaadknop en een lange, veervormige stijl.

Na de bloei wordt een hoofdje met talrijke spoelvormige dopvruchtjes gevormd, met lange, geveerde aanhangsels. De zaden worden door de wind getransporteerd en boren zich bij landing door hygroscopische bewegingen diep in de grond.

Pulsatillas bloeien vroeg in het voorjaar, vandaar de engelstalige namen 'Pasque flower' en 'Easter flower'.

Taxonomie[bewerken]

Naargelang van de auteur wordt Pulsatilla beschreven als een apart geslacht of als een sectie van het grotere geslacht Anemone, onder de naam Anemone sect. Pulsatilla. Het wordt onderscheiden van de andere Anemone-soorten door de behaarde aanhangsels van de dopvruchten.

Het geslacht telt momenteel een dertigtal soorten en tientallen ondersoorten, waaronder:

Economisch belang[bewerken]

Alle leden van het geslacht zijn zeer giftig, ze produceren net zoals boterbloemen protoanemonine. Inname ervan kan lijden tot diarree, braken en krampen, hypotensie en bij grotere dosissen tot een coma.

De planten worden door Noordamerikaanse indianen al eeuwen gebruikt als medicijn. Blackfoots gebruikten het om de weeën op te wekken en abortus te veroorzaken.

In de moderne geneeskunde wordt het extract van Pulsatilla gebruikt om voortplantingsproblemen zoals het premenstrueel syndroom en epididymitis te verhelpen; daarnaast als sedativum en bij de bestrijding van hoest.

Verschillende soorten Pulsatillas worden gebruikt als tuinplanten omwille van hun opvallende, klokvormige bloemen, fijnverdeelde en zilverachtig behaarde bladeren en pluimachtige zaden.

Enkele soorten zijn uitgeroepen tot embleemsoorten voor lokale besturen. Zo is Pulsatilla patens een embleemsoort voor de Canadese provincie Manitoba en voor de Amerikaanse staat South Dakota. Idem voor het wildemanskruid (Pulsatilla vulgaris) in Hertfordshire en Cambridgeshire (Engeland), en voor Pulsatilla vernalis in Oppland (Noorwegen).

Bronnen, noten en/of referenties