Putten (golf)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
Een put
Een put

Het putten is een term uit de golfsport.

Met de put wordt de slag bedoeld, die gedaan wordt op (of direct naast) de green naar de hole. Om te putten gebruikt de speler een speciale club : de putter. Deze heeft een bijna verticaal slagvlak waardoor de bal de gehele afstand rollend aflegt. Essentieel voor succes is het "lezen" van de green (hoe lopen de welvingen) en de kracht van de slag.

Als de bal van de speler al op de green ligt, mag de bal de vlag niet raken als de bal in de hole gaat. Dat kost een strafslag. Vaak zal een medespeler of caddie de 'vlag bewaken', dan houdt hij de vlag vast en trekt hem uit de hole voordat de bal erin gaat. Het blijft echter de spelers verantwoordelijkheid dat dit op tijd gebeurt.

[bewerk] Putten is belangrijk

In het algemeen hoort een speler niet meer dan twee puts nodig te hebben per green, maar minder is altijd beter. Als een speler 18 holes speelt, zal hij 36 slagen nodig hebben voor het putten. Een scratch golfer, die handicap nul heeft, hoort op een par-72 baan over zijn ronde 72 slagen te doen. Daarvan wordt dus de helft besteed aan het putten.

Een verre bal vanaf de tee slaan is vooral voor beginnende spelers een kick, daar wordt op de drivingrange hard op geoefend, maar met beter putten kan iedere speler zijn handicap verlagen.

 
Persoonlijke instellingen