Pyrolyse

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
houtskool
Pyrolyseolie uit graanafval

Pyrolyse (Oudgrieks: πῦρ (pyr)‚ vuur, en λύσις (lýsis)‚ (op)lossing, ontleding: uit elkaar halen met vuur) ook wel kraken of (foutief) droge destillatie genoemd, is een proces waarbij organisch materiaal wordt ontleed door het te verhitten tot hoge temperaturen (200 - 900 °C) zonder dat er zuurstof bij kan komen, waardoor grote moleculen worden afgebroken tot kleinere. Dit in tegenstelling tot verbranding, die wel met aanwezigheid en verbruik van zuurstof plaatsvindt. Bij zuurstofhoudend materiaal, zoals hout, kunnen desondanks toch verbrandingsprocessen plaatsvinden.

Voorbeelden van pyrolyse zijn cokesproductie, houtskoolproductie en houtvergassing. Bij deze processen ontstaan gas en teer als nevenproduct. Ook het kraken van aardolie is een pyrolyseproces.

Een praktisch gebruik van pyrolyse is het schoonmaakprogramma van sommige moderne ovens dat bij tot wel 518°C alle aangekoekte resten verwijdert.

Geschiedenis[bewerken]

Al in de Europeesche middensteentijd (8300–4000 v. Chr.) kende men teer- en pekwinning (berkenpek) door middel van pyrolyse. In de loop der eeuwen ontstonden verschillende installaties voor het produceren van teer. Afhankelijk van het doel van de pyrolyse (houtskool of teer, of houtskool en teer en andere bijproducten) kunnen wezenlijk twee methoden onderscheiden worden:

  • de allotherme methode, waarbij de brandstof en het reactiehout van elkaar gescheiden zijn, zoals bij de dubbelepanmethode, de tweekameroven en tegenwoordig de retort.
  • de autotherme methode, waarbij de brandstof en het reactiehout niet van elkaar gescheiden zijn, zoals bij de meielr, de teerput en de kilnoven (eenkameroven).

Als uitgangsmateriaal voor de teerbereiding is harsrijk dennenhout, van de wortels en stronken van oude bomen, zeer geschikt. In Slavische landen werd vooral berkenhout gebruikt.

Pyrolysebedrijven[bewerken]

Empyro[bewerken]

Pyrolyse kan ook toegepast worden voor het omzetten van biomassa in biobrandstof. Op het terrein van AkzoNobel in Overijssel is het bedrijf Empyro begin 2014 gestart met de bouw van een fabriek die van planten- en houtresten een energierijke olie maakt. Deze olie is efficiënter om te zetten in energie dan gewone biomassa. Hoewel het geen volwaardige diesel is, is de olie toch op veel plekken bruikbaar. De fabriek is eind 2014 operationeel geworden. De geproduceerde olie gaat in totaal 12.000 m3 aardgas vervangen en dat scheelt flink wat CO2 van fossiele verbranding.

Torrgas[bewerken]

In Noord Holland wordt door het bedrijf Torrgas nagedacht om groene energie te produceren met een vergassingsinstallatie die biomassa omzet in bruikbaar gas. Ook dit is een vorm van pyrolyse, maar hij verschilt sterk van de Twentse methode.