Quadratum

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schedel van een Anapsida, waarbij het quadratum gemarkeerd is met een q.

Het quadratum (Nederlands: vierkantsbeen) is een bot dat deel uitmaakt van de schedel bij de meeste viervoeters, waaronder amfibieën, sauropsida (reptielen, vogels, dinosauriërs) en de eerste synapsiden. Bij deze dieren verbindt het os quadratojugale en het os squamosum in de schedel en maakt het deel uit van het kaakgewricht (het andere deel is het os articulare aan de achterzijde van de onderkaak).

Varianten[bewerken]

Bij slangen is het quadratum langwerpig en zeer beweegbaar. Dit levert een zeer grote bijdrage aan hun vermogen om grote prooien geheel door te slikken.

Bij zoogdieren hebben de articulare en quadratum zich verplaatst naar het middenoor en zijn daar de hamer en aambeeld van de gehoorbeentjes. Sterker nog, paleontologen zien deze aanpassing als het bepalende kenmerk van de gehoorstructuur bij zoogdieren.[1]

Deze verplaatsing werd voor het eerst beschreven door Karl Bogislaus Reichert in 1837. Bij de embryo's van varkens ontdekte hij dat de onderkaak zich vormt uit de zijkanten van kraakbeen van Meckel, terwijl het achterste gedeelte van dat zelfde kraakbeen hard wordt en zich daarna losmaakt van de rest van het kraakbeen om vervolgens zich te verplaatsen naar het middenoor, waar het de rol van aambeeld aanneemt.[2]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Mammaliformes: Overview. Palaeos Geraadpleegd op januari 2010
  2. Scott 2000, Paragraaf begint met "The original jaw bones changed also. [...] "