RMS Britannia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie

Ga naar: navigatie, zoeken
RMS Britannia
RMS Britannia
RMS Britannia
Carrière Britse koopvaardijvlag Vlag Duitse Bond

Staatsvlag Verenigd Koninkrijk Vlag Pruisen

Werf: Robert Duncan & Co., Greenock
Kiellegging: 1839
Tewaterlating: 5 februari 1840
Omgedoopt: 1849 SMS Barbarossa
Status: In 1880 als oefendoel tot zinken gebracht
Algemene kenmerken
Deplacement: 1135 ton
Tonnage: 1139 brt
Passagiers: Passagiers 1ste klas: 115, passagiers 2de klas: 10
Lengte: 64,69 meter
Breedte: 10,36 meter, 16,50 over de schepraderen
Diepgang: 5,18 meter
Voortstuwing en vermogen: 740 pk (2 stoommachines voor de schepraderen)
Snelheid: 9 knopen (ca. 16,5 km/u)
Eigenaar: Cunard Line

januari 1848 Reichsflotte
16 februari 1852 Preußische Marine
1854 Groot-Brittannië

1873 Kaiserliche Marine
Type: Passagiersschip

1848 Stoomfregat
1854 Troepentransportschip

1873 Barakkenschip
Bemanning:
Bewapening: Als SMS Barbarossa met 9 * 68-pond kanonnen
Opmerkingen: Hout, 3 masten

De RMS Britannia uit 1840 was het eerste schip van de Cunard Line, één van de eerste transatlantische rederijen. Het schip maakte deel uit van een order van 4 schepen, de Britannia, de Acadia, de Caledonia en de Columbia.

Inhoud

[bewerk] Cunard Line

Het schip kwam in 1844 voor 2 dagen vast te zitten in de haven van Boston, maar de bewoners hakten het ijs open zodat de Britannia toch door kon varen. Het schip strandde in 1847 voor Cape Race, maar werd naar New York gebracht voor reparatie.

[bewerk] Reichsflotte

In januari 1848 werd het schip verkocht aan de Duitsland dat bezig was de Reichsflotte te stichten. Na versteviging voor het te plaatsen geschut, kwam het schip op 19 maart 1849 in dienst in Geestemünde. Vanwege neutraliteit voer het schip onder Britse vlag met een Britse bemanning en zonder bewapening. De ombouw vond plaats in Oldenburg. Deze bestond uit een schoenertuigage, aanpassing van het hek aan de eisen van een oorlogsschip en de verwijdering van een mast. Het fregat werd onder de naam Barbarossa in dienst genomen.

Op 4 juni 1849 ondernam Karl Rudolf Brommy vanuit Bremerhaven een aanvalstocht in de Duitse Bocht waarbij hij afkoerste op Helgoland, dat in 1849 nog aan Groot-Brittannië behoorde. In het zicht van Helgoland vond een vijandelijk contact plaats met het Deense korvet Valkyrien. Brommy besloot in het licht van de buitenlandse politiek van de nieuwe Duitse staatsvorm het gevecht uit de weg te gaan en draaide terug naar de monding van de Elbe. Dat was meteen het einde van de militaire inzet van de Barbarossa.

[bewerk] Preußische Marine

Op 31 december 1851 besloot de Bondsdag tot ontbinding van de vloot. De Barbarossa werd samen met het zeilfregat Gefion op 16 februari 1852 aan de Preußische Marine verkocht tegen de belastingwaarde.

In 1851 werd nog een mast verwijderd. In 1854 werd ze weer aan de Britten verkocht en omgebouwd tot troepentransportschip HMS Barbarossa om deel te nemen aan de Krimoorlog. In 1873 werd ze weer teruggekocht, waarna de resterende masten werden verwijderd en het werd gebruikt al barakkenschip. In 1879 werd het opgelegd in Kiel om de machine-uitrusting te verwijderen. Op 28 juli 1880 werd het door een oefentorpedo van de SMS Ziethen tot zinken gebracht, waarna het in hetzelfde jaar werd gelicht en gesloopt in Kiel.

[bewerk] Externe links

 
Persoonlijke instellingen
in andere talen