Raad van Beroerten

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Alva zit de Raad van Beroerten voor

De Raad van Beroerten (Frans: Conseil des Troubles) was in de Nederlanden een afsplitsing van de Geheime Raad en de Grote Raad, door het volk vanwege het grote aantal uitgesproken doodvonnissen ook wel Bloedraad genoemd. De Raad van Beroerten werd ingesteld in 1567 en opgeheven in 1576.

Oorsprong en activiteiten[bewerken]

De Raad van Beroerten was een bijzondere rechtbank, ingesteld op 20 september 1567 door de hertog van Alva namens koning Filips II. De Raad had tot doel iedereen te vonnissen die op een of andere manier had deelgenomen aan de troebelen van 1566-1567 die waren uitgelopen in de beeldenstorm. De Raad was wettig, de koning had het recht om hoogverraad en wat daaronder viel, door een speciale rechtbank te laten beoordelen. Bij de vonnissen van de Raad, die op degelijk onderzoek berustten, stond vooral het belang van de koning voorop. Op privileges werd bij het vonnissen niet gelet.

Veel van de rechters waren katholieke Nederlanders en enkele Spanjaarden, waaronder Juan de Vargas en Ludovicus del Rio. Naast de gehate laatstgenoemde was van de Nederlanders de procureur-generaal van de Raad van Vlaanderen, Jacob Hessels, het beruchtst. Hij had de gewoonte te dutten tijdens de rechtszittingen, maar uit de slaap gewekt om zijn vonnis uit te spreken, riep hij: "Ad patibulum!" ("Naar de galg!"). Wegens zijn lidmaatschap van de Raad werd Hessels overigens zelf tijdens het calvinistisch bewind te Gent opgehangen op 4 oktober 1578.

De Raad van Beroerten was met een staf van 170 man (in 1569) naar de maatstaven van die tijd erg efficiënt. De instelling ervan deed veel edelen, onder wie Willem van Oranje, op de vlucht slaan naar Duitsland of Engeland. Anderen, zoals graaf Lamoraal van Egmont, bleven en boden hun diensten aan bij de nieuwe landvoogd. Deze achterblijvers werden echter bijna allemaal gevangengenomen op verdenking van verraad. Tijdens de vijf jaar van Alva's bewind zijn in totaal zijn circa 1073 mensen door de Raad van Beroerten ter dood veroordeeld en geëxecuteerd. Ook werden er ca. 11.130 mensen verbannen.

De doodvonnissen die door de Raad werden uitgesproken gingen gepaard met verbeurdverklaring van geld en goederen, die ten goede kwamen aan de schatkist van de Spaanse Nederlanden. Velen veroordeelden waren aangebracht door zogenaamde 'zevenstuiverslieden', door Alva ingehuurde spionnen die voor een aangifte zeven stuivers ontvingen. Het aantal slachtoffers werd in de 16e eeuw sterk overdreven. Van represailles tegen de familie van de veroordeelden was geen sprake. Na Alva's vertrek uit de Nederlanden in december 1573 sprak de Raad geen doodvonnissen meer uit.

De Raad van State verklaarde de Raad van Beroerten op 14 mei 1576 officieel voor opgeheven. Enige leden zijn op grond van hun lidmaatschap tijdelijk gevangengezet. De archieven van de Raad werden krachtens de Pacificatie van Gent grotendeels vernietigd.

Leden van de Raad van Beroerten[bewerken]

Juan de Vargas legt de eed af bij de hertog van Alva. Schilderij van Louis Gallait.

Enkele van de bekendste slachtoffers van de Raad van Beroerten[bewerken]

Vele anderen, zoals de graaf van Culemborg, Floris van Pallandt, de graaf van Hoogstraten, Antoon_II_van_Lalaing, Gilles le Clercq, Jehan Jaspar Lortye, Jacob van Wesembeke en Lenaert Jansz de Graeff, werden - al dan niet bij verstek - verbannen onder verbeurdverklaring van al hun bezittingen.

Literatuur[bewerken]

  • 1961 Le Conseil des Troubles - A.L.E. Verheijden.