Radiotelescoop

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Radiotelescoop
"Ryle Telescope" Radiotelescoop array in de Universiteit van Cambridge
Radiotelescoop

Een radiotelescoop is een radioantenne en ontvanginstallatie speciaal voor het waarnemen van radiosignalen met een golflengte tussen enkele meters en 1 cm, afkomstig van astronomische objecten. Deze tak van de astronomie wordt radioastronomie genoemd. Telescopen die bij golflengtes korter dan 1 cm waarnemen worden (sub)mm telescopen genoemd. De meeste moderne radiotelescopen bestaan uit één of meer parabolische schotelantennes. Meestal bestaat een telescoop uit een aantal van deze antennes, een 'array', waarvan de signalen gecombineerd worden om het scheidend vermogen te vergroten. Net als bij optische telescopen is het scheidend vermogen recht evenredig met de diameter van de telescoop en omgekeerd evenredig met de gebruikte golflengte. Voor de veel langere golflengtes van radiosignalen (ordegrootte van centimeters) is dus een veel grotere telescoop nodig dan voor waarneming met licht.

Geschiedenis[bewerken]

De eerste pogingen tot radioastronomie stammen uit 1894, toen Sir Oliver Lodge centimeterstraling van de zon probeerde te detecteren. De hieropvolgende 40 jaar gebeurde er verder weinig omdat de detectietechnieken onvoldoende waren ontwikkeld.

In 1931 verrichtte Karl Jansky die bij de Bell Telephone Laboratories werkte, enige experimenten met interferentie van radiogolven. Hij ontdekte drie soorten ruisbronnen: plaatselijke onweersbuien, verre onweersbuien en een permanent gesis van onbekende oorsprong, waarvan hij aantoonde dat het uit het centrum van de melkweg kwam door de bron aan de hemel te lokaliseren.

Voorbeelden[bewerken]

De grootste individuele radiotelescoop is de Russische RATAN-600 met een antenne met een diameter van 576 meter. Een andere grote, vaste radiotelescoop is de Arecibo radiotelescoop op Puerto Rico. De grootste beweegbare radiotelescoop is de Green Bank Telescope met een diameter van 100x110 meter.

Het Jodrell Bank Observatory in Engeland huisvest de Lovell-telescoop, gebouwd in 1952-1957. Die was toen de grootste beweegbare radiotelescoop van de wereld, met een diameter van 76 meter. Die eer ging later naar de radiotelescoop Effelsberg in Duitsland (1972) en de Green Bank Telescope in de Verenigde Staten (2000).

Ook in Nederland staat een grote radiotelescoop, en wel in de buurt van Dwingeloo in Drenthe. De Dwingeloo Radiotelescoop heeft een schotel van 25 meter diameter en was zelfs enige tijd de grootste radiotelescoop ter wereld. Hij werd en wordt nog steeds beheerd door de stichting ASTRON.

In de Chinese provincie Guizhou is op 26 december 2008 officieel begonnen met de bouw van de grootste individuele radiotelescoop ter wereld, de FAST. De FAST zal dertig voetbalvelden groot worden.[1]

Interferometrie[bewerken]

Radiotelescopen kunnen ook door middel van interferometrie aan elkaar worden gekoppeld tot een zogenaamde radio-interferometer. Een voorbeeld is de Very Large Array (VLA) in Socorro, New Mexico, VS. Deze bestaat uit 27 telescopen (een array) met 351 gelijktijdige onafhankelijke basislijnen, waarmee een scheidend vermogen van 0,2 boogseconde bereikt kan worden bij een radiogolflengte van 3 cm. Een bekende radio-interferometer in Nederland is de Westerbork synthese radio telescoop nabij het voormalige Kamp Westerbork in Drenthe. Deze bestaat uit 14 telescopen.

De grootste RT (radiotelescoop) array ter wereld, de LOFAR, wordt nu aangelegd in noordoostelijk Nederland en Noord-Duitsland.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties