Ramsewak Shankar

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ramsewak Shankar in 1971.

Ramsewak Shankar (6 november 1937) is een Surinaams politicus. Ramsewak Shankar was van 1988 tot 1990 president van Suriname.

Ir. Shankar was aanvankelijk landbouwkundige, opgeleid aan de Wageningen Universiteit. Als Hindoestaan sloot hij zich aan bij de Verenigde Hindostaanse Partij (VHP). In het zakenkabinet onder leiding van May in 1969 was hij minister van Politie en Justitie. Later dat jaar volgde het kabinet-Sedney waarin hij minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij werd. Eind 1971 gaf hij het ministerschap op om directeur te kunnen worden van de Stichting Machinale Landbouw (SML) in Wageningen. Nadat Suriname in 1975 onafhankelijk was geworden werd Shankar lid van de toen ingestelde Commissie Ontwikkelingssamenwerking Nederland-Suriname (CONS). Kort na de Sergeantencoup in 1980 onder leiding van Desi Bouterse werden alle Surinaamse leden van de CONS vervangen door andere Surinamers. In 1981 gaf hij zijn directeurschap bij de SML op om een eigen rijstbedrijf te beginnen.

Tijdens de verkiezingen van 1987 werd het Front voor Democratie en Ontwikkeling (FDO) de grootste partij. Het FDO was een samenwerkingsverband van Javaanse, Creoolse en Hindoestaanse partijen, aangevuld met de Surinaamse Partij van de Arbeid (SPA). Jagernath Lachmon van de VHP was voorzitter van het FDO. Shankar werd als kandidaat voor het FDO door het parlement tot president gekozen. Hij was de eerste president in tijden die op democratische wijze werd gekozen. Op 25 januari 1988 werd hij ingehuldigd.

President Shankar probeerde de banden met Nederland weer aan te halen, iets waar de legerleiding (en met name Bouterse) niet blij mee was. De spanningen tussen Shankar en Bouterse liepen half december 1990 hoog op. Toen maakte het vliegtuig waarin Bouterse en Shankar zaten een tussenlanding op Schiphol. De Nederlandse politie schermde Bouterse helemaal af, zodat hij niet de kans kreeg om met de Nederlandse pers te praten of om in Nederland verblijvende Surinamers toe te spreken. Terug in Suriname diende Bouterse op 22 december 1990 zijn ontslag als legerleider in omdat hij vond dat president Shankar het onvoldoende voor hem had opgenomen. Op 24 december pleegde het leger een staatsgreep per telefoon, de zogeheten "telefooncoup", en zette Shankar en diens kabinet af, inclusief vicepresident Henck Arron. Het leger installeerde daarop politiechef Ivan Graanoogst als interim-president.

Kabinet[bewerken]

Het volgende kabinet werd op 26 januari 1988 beëdigd:

Ministerie Minister

Arbeid

Romeo van Russel (NPS)

Binnenlandse Zaken, Districtsbestuur en Volksmobilisatie

Elfriede Alexander-Vanenburg (NPS)

Buitenlandse Zaken

Eddy Sedoc (NPS)

Defensie en Leger

Willem Sheikkariem (geen partij)

Financiën

Subhas Mungra (VHP)

Justitie en Politie

Jules Ajodhia (VHP)

Landbouw, Veeteelt en Visserij

Saimin Redjosentono (KTPI)

Natuurlijke Hulpbronnen en Energie

Pretaap Radhakishun (VHP)

Onderwijs, Wetenschappen, Cultuur, Sport- en Jeugdzaken

Ronald Venetiaan (NPS)

Openbare Werken, Telecommunicatie en Bouwnijverheid

Harnarain Jankipersadsing (VHP)

Planning

Henck Arron (NPS)
tevens vicepresident

Sociale Zaken en Volkshuisvesting

Willy Soemita (KTPI)

Transport, Handel en Industrie

Wilfred Grep (NPS)

Volksgezondheid en Milieubeheer

Henk Alimahomed (VHP)

In juli 1988 werd het kabinet uitgebreid met 5 personen:

  • Werner Vreedzaam; minister van Regionale Zaken (van 1986 tot juli 1988 onderdeel van Binnenlandse Zaken, Districtsbestuur en Volksmobilisatie)
  • Soeratno Setroredjo; onderminister Binnenlandse Zaken
  • P. Tirtodirjo; onderminister Openbare Werken
  • Waldi Esajas; onderminister Landbouw, Veeteelt en Visserij
  • R. de Rooy; onderminister Natuurlijke Hulpbronnen en Energie

Voorganger:
J. Jadnanansing
Minister van Justitie en Politie
1969
Opvolger:
J.H. Adhin
Voorganger:
I. Sewrajsing
Minister van Landbouw, Veeteelt en Visserij
1969 - 1971
Opvolger:
R.M. Nannan Panday
Voorganger:
L.F. Ramdat Misier
President van Suriname
1988 - 1990
Opvolger:
I. Graanoogst