Ratelslangen

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ratelslangen
Diamantratelslang (Crotalus adamanteus)
Diamantratelslang (Crotalus adamanteus)
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Reptilia (Reptielen)
Orde: Squamata (Schubreptielen)
Onderorde: Serpentes (Slangen)
Superfamilie: Colubroidea
Familie: Viperidae (Adders)
Onderfamilie: Crotalinae (Groefkopadders)
Geslacht
Sistrurus
Crotalus

Afbeeldingen Ratelslangen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Ratelslangen op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Reptielen

Ratelslangen zijn een informele groep van slangen behorend tot de groefkopadders (Crotalinae).[1] Het betreft de geslachten Sistrurus en Crotalus, dit laatste geslacht is het bekendst. Onder andere de gewone ratelslang (Crotalus horridus) en de diamantratelslang (Crotalus adamanteus) behoren tot dit geslacht. De lanspuntslangen uit het geslacht Bothrops worden overigens als 'ratelslangen-zonder-ratel' gezien, ze zijn heel sterk verwant, maar missen de ratel.

Ratelslangen komen vrijwel uitsluitend voor in Noord-Amerika, voornamelijk in de Verenigde Staten en Mexico. Slechts twee soorten komen zuidelijker voor in Zuid-Amerika.

Ratelslangen staan bekend om de tot ratel omgevormde staartpunt. Dit geeft een karakteristiek ratelend geluid, dat dieren en mensen alarmeert dat er een ratelslang in de buurt is. Als men erg dicht in de buurt komt zal de slang vaak eerst de bek opensperren en/of sissen om een confrontatie te vermijden.
De ratel bestaat uit verhoornde huidresten die uit schijfjes bestaan. Door te vervellen krijgt de ratel er steeds een schijfje bij. De ratel van een jonge ratelslang is nog klein en telt slechts een schijfje, hiermee kan de jonge slang niet ratelen; het geluid ontstaat doordat de schijfjes tegen elkaar tikken bij het schudden van de staartpunt. Als de ratel nat wordt kan de ratelslang er niet mee ratelen.

Ratelslangen zijn zonder uitzondering giftig, maar de meeste soorten zijn alleen gevaarlijk als men heel domme dingen doet, zoals de slang beetpakken. Ratelslangen kunnen het gif dat ze toedienen doseren, een prooi krijgt meestal de volle laag, maar als de slang uit verdediging bijt, wordt vaak een beetje gif geïnjecteerd omdat hij anders zonder gif komt te zitten en kwetsbaarder is. Door hun krachtige gif hoeven ze de prooi niet te wurgen, de slang bijt snel, en wacht vervolgens rustig af tot de prooi sterft. De prooi wil soms nog wel een eindje verder lopen voor deze doodgaat, dan spoort de slang zijn maaltje op met het uitstekende reukvermogen.

Zoals alle groefkopadders hebben ratelslangen groeven aan weerszijden van de neus, onder de ogen. Dit zijn zeer gevoelige temperatuurszintuigen waarmee de slang in het donker goed kan jagen omdat hij niets kan zien maar met de groeven zijn prooien waar kan nemen.

Soorten ratelslangen[bewerken]

Er zijn 36 soorten ratelslangen, die vroeger allemaal tot het geslacht Crotalus werden gerekend, tegenwoordig worden er twee soorten tot het geslacht Sistrurus gerekend. Vroeger behoorde ook Sistrurus ravus tot Crotalus, maar dit is verouderd.

Crotalus basiliscus, de groeven zijn goed te zien.
Crotalus lepidus
Crotalus molossus
Crotalus unicolor

Bronvermelding[bewerken]

Referenties

  1. Peter Uetz & Jakob Hallermann. The Reptile Database - Crotalinae

Bronnen

  • (en) Peter Uetz & Jakob Hallermann - The Reptile Database – Crotalinae - Website Geconsulteerd 29 oktober 2012