Rechter long

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De rechter long van de laterale (rechter) zijde
De rechter long van de mediale zijde

De rechter long is verdeeld in een boven-, midden- en een onderkwab en onderscheidt zich daarmee van de linker long, die alleen een boven- en een onderkwab heeft.

Kwabben[bewerken]

De middelste longkwab, de kleinste van de rechter long, is wigvormig en begrenst een deel van de voorzijde en het voorste deel van de longbasis van de rechter long. De linker long heeft, in tegenstelling tot de rechter long, geen middenkwab. De lingula die de linker long daarentegen heeft, kan in de rechter long niet worden teruggevonden.

De boven- en de onderkwab zijn vergelijkbaar met die van de linker long. Soms komt in de rechter long nog een lobus venae azygi voor.

Grootte[bewerken]

De basis van de rechter long ligt gemiddeld ongeveer 2,5 centimeter hoger dan die van de linker long, omdat het middenrif door de lever naar boven wordt gedrukt. Het hart neemt echter minimale ruimte in ten koste van de rechter long. Hierdoor is de totale capaciteit van de rechter long groter en weegt hij meer dan de linker.

Fissuren[bewerken]

De rechter long heeft twee fissuren, de fissura obliqua of fissura major, die de boven- en middenkwab scheidt van de onderkwab, en de fissura horizontalis pulmonis dextri of fissura minor, die de bovenkwab van de middenkwab scheidt. De fissura obliqua loopt vanaf de processus spinosus van de tweede borstwervel schuin naar voren om de longbasis uiteindelijk op zeven à acht centimeter van de voorzijde van de borstkas te doorsnijden. De fissura horizontalis loopt vanaf de achterzijde van de long naar de voorste longgrens en doorsnijdt deze voorzijde ongeveer ter hoogte van de kraakbenige overgang tussen het borstbeen en de vierde borstwervel. Aan de mediastinale zijde is de fissura horizontalis te vervolgen tot aan het longhilum.