Regering-Leterme II

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Regering-Leterme II
Zetelverdeling in de Kamer van volksvertegenwoordigers voor de bestuursmeerderheid van Leterme II
Zetelverdeling in de Kamer van volksvertegenwoordigers voor de bestuursmeerderheid van Leterme II
Coalitie CD&V, cdH, MR, Open Vld en PS
Zeteltal Kamer 23 + 10 + 23 + 18 + 20 = 94
Premier Yves Leterme
Beëdiging 25 november 2009
Ontslagnemend 26 april 2010
Ontslagdatum 6 december 2011
Voorganger Van Rompuy
Opvolger Di Rupo
Portaal  Portaalicoon   België

De regering-Leterme II was van 25 november 2009 tot 6 december 2011 de federale regering van België. Zij was ontslagnemend sinds 26 april 2010. De regering bestond uit de Nederlandstalige en Franstalige liberalen (Open Vld respectievelijk MR), de Franstalige socialisten (PS) en de Nederlandstalige en Franstalige christendemocraten (CD&V respectievelijk cdH). De premier was Yves Leterme (CD&V).

De regering-Leterme II vormde een doorstart van de regering-Van Rompuy. In deze regering beschikten de Vlaamse regeringspartijen, CD&V en Open Vld, dus ook niet over een meerderheid van de Vlaamse zetels in Kamer en Senaat.

Vanaf 26 april 2010 was de regering enkel nog belast met de lopende zaken. De regering is uniek in het opzicht dat ze ruim drie keer langer ontslagnemend dan zittend is geweest. Op 13 september 2011 raakte bekend dat premier Yves Leterme ten laatste op 31 december 2011 aan de slag zou gaan bij de OESO. Als er op dat moment nog geen nieuwe federale regering was, moest de koning een waarnemend premier aanduiden. Op 6 december 2011 werd de regering opgevolgd door de regering Di Rupo.

Vorming[bewerken]

Na de verkiezing van Herman Van Rompuy tot voorzitter van de Europese Raad op 19 november 2009 stelde Koning Albert II gewezen premier Wilfried Martens aan tot bemiddelaar. Die laatste moest het pad voor Yves Leterme effenen door een methode te zoeken om de communautaire twistpunten en het conflict over de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde aan te pakken. Op 24 november kwam er een akkoord: Jean-Luc Dehaene werd aangesteld als koninklijk opdrachthouder en gevraagd een oplossing te zoeken voor het probleem rond de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde in de schoot van de regeringspartijen, aangevuld met Groen! en Ecolo.

Op Pasen 2010 zou Dehaene zijn voorstellen bekend maken. Een kleine maand voor die einddatum, meldde hij echter in een communiqué dat hij "aangezien het paasreces dit jaar na Pasen valt, met de eerste minister en de partijvoorzitters van de meerderheid overeengekomen is dat Pasen te begrijpen is als het einde van het paasreces".[1] Ten laatste op 18 april 2010 werd het voorstel tot oplossing verwacht. De oplossing was er echter op dat moment niet. Zie hieronder.

De zaak-Brussel-Halle-Vilvoorde en het aangeboden ontslag[bewerken]

Op de ochtend van 22 april 2010 vergaderde het partijbestuur van Open Vld en besliste haar steun voor de regering in te trekken. Open Vld kondigde dus aan de regering te willen verlaten. In een persconferentie stelde de voorzitter, Alexander De Croo, dat de reden voor dit ontslag het niet respecteren van de einddatum van 22 april 2010 is voor het bereiken van een oplossing omtrent de splitsing van het kiesarrondissement Brussel-Halle-Vilvoorde.[2]

Na een vergadering van de voltallige ministerraad later op de middag trok premier Yves Leterme naar de koning om er het ontslag van zijn regering aan te bieden. Kort daarop deelde het paleis in een persmededeling [3] mee dat de koning het ontslag in beraad houdt. Tegelijkertijd werd bekend dat kamervoorzitter Patrick Dewael werd uitgenodigd nog dezelfde namiddag op audiëntie te komen bij de koning.[4]

Na de terugkomst van de kamervoorzitter in de late namiddag vond er een uitgebreide bureauvergadering plaats met alle fractieleiders van de kamer. Daar besliste de voorzitter die dag geen plenaire zitting meer te laten doorgaan. Dit omwille van het feit dat het staatshoofd begonnen was aan consultaties met vertegenwoordigers van de gestelde lichamen en hij zich beriep op een traditie dit niet te willen doorkruisen. Een nieuwe bureauzitting werd aangekondigd voor maandag 26 april 2010.[5]

Nadat de koning op de partijvoorzitters geconsulteerd had over de regeringscrisis stuurde zaterdag 24 april hij MR-voorzitter Didier Reynders op pad als institutioneel bemiddelaar. Die moet op korte termijn onderzoeken wat de mogelijkheden zijn en of er nog verder onderhandeld kan worden. Deze gaf na gesprekken met alle betrokken partijen zijn ambt terug aan de koning op maandag 26 april. Hierna ontving de koning Yves Leterme. Na de ontmoeting werd bekend dat de koning het ontslag heeft aanvaard, en heeft de regering belast met het afhandelen van de lopende zaken.[6]

Hierop volgde dezelfde dag een nieuwe consultatieronde vanwege de koning van de regeringspartijen, aangevuld met de sp.a, Groen! en Ecolo. De voorzitter van Open Vld werd niet geconsulteerd door de koning. Deze consultatieronde werd beëindigd op donderdag 29 april.

Op donderdag 29 april kwam de kamer van volksvertegenwoordigers terug bijeen in plenaire zitting. Nog voor de opening van de zitting werd een motie, ondertekend door minstens drie vierden van de parlementsleden behorende tot de Franse taalgroep, ingediend. Het betrof het formele verzoek de grondwettelijke alarmbelprocedure in te stellen met betrekking tot de wijzigingsvoorstellen van de federale Kieswet betreffende Brussel-Halle-Vilvoorde. Daardoor werd de behandeling door de kamer van dit dossier stilgelegd en overgemaakt aan de regering. Die beschikt over een termijn van dertig dagen om een advies te formuleren, vanaf het moment dat de nieuwe regering zal zijn aangetreden.

Samenstelling[bewerken]

Minister Naam Partij
Premier Yves Leterme CD&V
Vicepremier en Minister van Financiën en Institutionele Hervormingen Didier Reynders MR
Vicepremier en Minister van Buitenlandse zaken en Institutionele Hervormingen Steven Vanackere CD&V
Vicepremier en Minister van Begroting Guy Vanhengel Open Vld
Vicepremier en Minister van Werk en Gelijke Kansen Joëlle Milquet cdH
Vicepremier en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid Laurette Onkelinx PS
Minister van Binnenlandse Zaken Annemie Turtelboom Open Vld
Minister van Defensie Pieter De Crem CD&V
Minister van Ontwikkelingssamenwerking, belast met Europese Zaken Olivier Chastel MR
Minister van Klimaat en Energie Paul Magnette PS
Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen Vincent Van Quickenborne Open Vld
Minister van KMO's, Zelfstandigen, Landbouw en Wetenschapsbeleid Sabine Laruelle MR
Minister van Pensioenen en Grote Steden Michel Daerden PS
Minister van Justitie Stefaan De Clerck CD&V
Minister van Ambtenarenzaken en Overheidsbedrijven Inge Vervotte CD&V
Staatssecretaris Naam Partij
Staatssecretaris voor Mobiliteit en Noordzee Etienne Schouppe CD&V
Staatssecretaris voor de Coördinatie van de Fraudebestrijding Carl Devlies CD&V
Staatssecretaris voor Modernisering van Financiën, Milieufiscaliteit en Bestrijding van Fiscale Fraude Bernard Clerfayt MR (FDF)
Staatssecretaris voor Sociale Zaken, belast met personen met een handicap Jean-Marc Delizée PS
Staatssecretaris voor Maatschappelijke Integratie en Armoedebestrijding Philippe Courard PS
Staatssecretaris voor Begroting, Migratie, Gezinsbeleid en Federale Culturele Instellingen Melchior Wathelet cdH
Regeringscommissaris Naam Partij
Regeringscommissaris, toegevoegd aan minister van Begroting Guido De Padt Open Vld

Herschikkingen[bewerken]

Maatregelen[bewerken]

Rookverbod in de horeca[bewerken]

Op 17 december 2009 werd in de Kamer met een meerderheid van 83 tegen 27 de invoering van een rookverbod in eetcafés en brasserieën vanaf 1 januari 2010 goedgekeurd. Tegelijkertijd keurde ze echter ook een wetsontwerp van de meerderheidspartijen goed dat ten vroegste vanaf 1 januari 2012 en ten laatste tegen 1 juli 2014 een algemeen rookverbod invoert. Ook in volks- of biercafés zou dan niet meer gerookt mogen worden. Die tekst bepaalt dat indien de regering voor 2014 niet met een koninklijk besluit op de proppen komt, het verbod op 1 juli 2014 automatisch van kracht wordt.[7]

Verlenging van de militaire aanwezigheid in Afghanistan[bewerken]

Op 19 maart 2010 werd beslist de Belgische militaire aanwezigheid in Afghanistan met één jaar te verlengen. Op vraag van de NAVO en de VS blijft het Belgische leger er minstens tot eind 2011 actief. Er worden ook 28 bijkomende instructeurs naar Afghanistan gestuurd, wat het totale aantal Belgische militairen op 626 brengt. Die instructeurs zullen instaan voor de training en vorming van Afghaanse veiligheidstroepen.

Minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere meent dat België hiermee zijn geloofwaardigheid als internationale partner bevestigt, "wat niet zonder belang is in een jaar wanneer we een Europees voorzitterschap op ons nemen".[8] Hij wijst er ook op dat het budget voor ontwikkelingssamenwerking en vredesopbouw verhoogd wordt naar minstens 13 miljoen euro in 2011, een stijging vergeleken met de 12 miljoen in 2009. De inspanningen ten gunste van EUPOL (vijf personen, waarvan drie leden van de federale politie) blijven ook in 2011 onverminderd behouden. Tot slot wordt het mandaat van de speciale gezant voor Afghanistan, Jean-Arthur Régibeau, eveneens verlengd tot 2011 en wordt de Belgische diplomatieke aanwezigheid versterkt.

De (federale) oppositiepartijen Groen! en sp.a waren echter niet te spreken over de beslissing. Dirk Van der Maelen, defensiespecialist van sp.a, vindt het onverantwoord dat in budgettair krappe tijden "nog eens 109 miljoen euro gespendeerd wordt aan deze domme en foute oorlog".[9]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties