Rekenhof

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het Rekenhof

Het Rekenhof (Frans: Cour des comptes, Duits: Rechnungshof) is een Belgische instelling van het parlement, gevestigd in Brussel. Ingevolge artikel 180 van de Grondwet is het Rekenhof opgericht als collaterale instelling van het parlement.

Het is belast met de externe controle op de begrotings-, boekhoudkundige en financiële verrichtingen van de federale Staat, de Gemeenschappen, de Gewesten, de openbare instellingen die ervan afhangen, en de provincies. De controle op de gemeenten behoort niet tot de bevoegdheid van het Rekenhof.

Vroeger deed dit gebouw dienst als paleis voor de Graaf van Vlaanderen. Het was het geboortehuis van koning Albert I.

Oprichting[bewerken]

Het Rekenhof werd na de afscheiding van Nederland, opgericht door het Nationaal Congres met het decreet van 30 december 1830 houdende de oprichting van het Rekenhof. De eerste leden werden op 6 januari 1831 aangesteld en op 7 februari 1831 werd het bestaan en de bevoegdheden van het Rekenhof in de nieuwe Grondwet opgenomen.

De bevoegdheden van het Rekenhof zijn nu gepreciseerd in zijn inrichtingswet van 29 oktober 1846, die sindsdien herhaaldelijk werd gewijzigd. Die wet geeft het Rekenhof een ruime mate van onafhankelijkheid en autonomie bij de uitoefening van zijn opdracht.

Opdrachten[bewerken]

Het Rekenhof controleert overheden en evalueert de uitvoering van het overheidsbeleid en de bereikte resultaten met het oog op informatieverstrekking aan de parlementaire vergaderingen.

Het vervult inzake begrotingsaangelegenheden een specifieke informatieopdracht ten aanzien van de parlementaire vergaderingen.

Het oefent een rechtsprekende functie uit ten aanzien van rekenplichtigen van openbare diensten.

Samenstelling[bewerken]

Het Rekenhof bestaat uit een Nederlandstalige en een Franstalige Kamer met elk één voorzitter, vier raadsheren en een griffier. De oudstbenoemde voorzitter en griffier voeren de titel eerste voorzitter en hoofdgriffier. De leden van het Hof worden door de kamer van Volksvertegenwoordigers benoemd voor een hernieuwbare termijn van zes jaar. De eerste voorzitter dient een eed af te leggen aan de Koning. Aan het Rekenhof zijn ongeveer 600 ambtenaren tewerkgesteld, 300 Franstaligen en 300 Nederlandstaligen.

Voorzitters[bewerken]

Periode Eerste voorzitter Nederlandse Kamer Franse Kamer
tot november 2000 Baron Jeroom Van de Velde Baron Jeroom Van de Velde William Dumazy
december 2000 - juli 2004 William Dumazy Franki Vanstapel William Dumazy
juli 2004 - december 2009 Franki Vanstapel Franki Vanstapel Philippe Roland
vanaf december 2009 - heden Philippe Roland Ignace Desomer Philippe Roland

Recente ontwikkelingen[bewerken]

Benoemingen[bewerken]

Alle in functie zijnde leden van het hof, zowel die welke in 1999 benoemd waren voor een mandaat van zes jaar als die welke ondertussen benoemd waren, werden door de Kamer op 14 april 2005, met ingang van 1 juli 2005, herbenoemd voor een periode van zes jaar. Het gaat om (voor de Nederlandse Kamer) de heren Franki Vanstapel, eerste voorzitter, Jozef Beckers, raadsheer, Romain Lesage, raadsheer, Ignace Desomer, raadsheer, Jan Debucquoy, raadsheer en Jozef Van Ingelgem, griffier en (voor de Franse Kamer) de heren Philippe Roland, voorzitter, Michel de Fays, raadsheer, Pierre Rion, raadsheer, Didier Claisse, raadsheer, mevrouw Martine Feron, raadsheer en de heer Franz Wascotte, hoofdgriffier.

Op 22 november 2007 heeft de Kamer hoofdgriffier Franz Wascotte benoemd tot raadsheer, in opvolging van de overleden Martine Feron. Griffier Jozef Van Ingelgem werd bijgevolg hoofdgriffier. Op 13 maart 2008 werd Alain Bolly benoemd tot griffier.

Vergoedingen voor ambten uitgeoefend door leden van het Rekenhof[bewerken]

In de loop van 2008 raakte bekend dat de leden van het Rekenhof voor mandaten die zij ingevolge wettelijke bepalingen als revisor bekleden bij openbare instellingen persoonlijk vergoedingen ontvangen. Dit staat in contrast met, onder meer, de situatie bij de Nationale Bank, waar de topfiguren de vergoedingen die zij eventueel voor externe mandaten in het kader van hun taak ontvangen overmaken van de Bank. Om hoeveel mandaten en welke bedragen het gaat is onbekend; de leden van het hof zijn immers niet onderworpen aan de in de vorige paragraaf vermelde wetgeving.

De eerste voorzitter van het Rekenhof heeft op 10 juni 2008 zijn standpunt uiteengezet in de subcommissie Rekenhof van de Kamer (stuk 52K1350/001 van 9 juli 2008).

Financiering van het Rekenhof[bewerken]

Op 13 januari 2009 werd ten behoeve van de parlementsleden een informatievergadering over het Rekenhof georganiseerd. Enkele dagen voordien lanceerde Luk Van Biesen, voorzitter van de Subcommissie Rekenhof van de Kamer, het idee dat ook de gewesten, gemeenschappen en provincies een bijdrage zouden moeten leveren voor de financiering van de werking van het Rekenhof. Tot op heden valt deze instelling (met een jaarlijkse begroting van ongeveer 50 miljoen euro) volledig ten laste van de federale begroting.

Mandaten vergeten of weigeren aan te geven niet langer straffeloos[bewerken]

Op 28 februari 2009 meldde de krant De Tijd dat het Brusselse parket politici en hoge ambtenaren die hun mandaten en de bijhorende vermogens niet (correct) hebben aangegeven, dan toch gaat vervolgen. Tot nog toe reageerde het gerecht zelden of nooit. Volgens het Rekenhof hebben in 2008 650 van de 9.000 mandatarissen hun aangifteplicht niet vervuld.

Grote fiscale fraude-dossiers[bewerken]

De onderzoekscommissie naar de grote fiscale fraude-dossiers heeft onlangs zijn verslag gepubliceerd (document Kamer van Volksvertegenwoordigers, nr. 0034/004). Daarin wordt een reeks aanbevelingen gedaan die bijkomende taken zouden opleggen aan het Rekenhof (p. 271). Het Rekenhof zou geregeld de werking van de belastingadministratie moeten doorlichten en de tenuitvoerlegging van zijn aanbevelingen inzake fiscale fraude evalueren. Het Rekenhof zou binnen het jaar een rapportenmodel en een evaluatiemethode met betrekking tot de uitvoering van het anti-fraude plan moeten ontwikkelen en jaarlijks verslag uitbrengen aan de Kamer.

In hetzelfde verslag (p. 274 e.v.) wordt ook een overzicht gepubliceerd van de vaststellingen en aanbevelingen die het Rekenhof tijdens de afgelopen 10 jaar heeft geformuleerd.

Jaarverslag 2008[bewerken]

Op 22 juli 2009 heeft het Rekenhof het verslag over het jaar 2008 op zijn website gepubliceerd. Vorig jaar werd een thema-artikel gewijd aan de informatica bij het Rekenhof; dit jaar wordt de aandacht gevestigd op de pas goedgekeurde ethische code van de instelling.

Op verschillende plaatsen wordt een meerjarenoverzicht van de deelactiviteiten gegeven. Jammer genoeg wordt een vergelijking met vorige jaren bemoeilijkt omdat het Rekenhof enkel het allerlaatste jaarverslag beschikbaar stelt op de site. Het jaarverslag is evenmin een volwaardige financiële jaarrekening. De financiële informatie beperkt zich in het algemeen tot wat voorgeschreven is voor de (doorgans veel kleinere) dotatiegerechtigde instellingen.

Nieuwe voorzitters en nieuwe raadsheer[bewerken]

De eerste voorzitter, F. Vanstapel (N), ging eind 2009 met pensioen. De huidige voorzitter, Philippe Roland (F) volgt hem op als eerste voorzitter. Op donderdag 12 november 2009 riep de Kamer raadsheer Ignace Desomer uit tot voorzitter van de Nederlandse Kamer van het Rekenhof. Op 22 december 2009 benoemde de Kamer de heer Rudi Moens, tot dan eerste auditeur-revisor bij het Rekenhof, tot raadsheer (Nederlandse Kamer). Ph. Roland (°1953) studeerde politieke en administratieve wetenschappen aan de ULB. Hij is sedert 1984 personeelslid van het Rekenhof. Tussen 1997 en 2003 werkte hij voor ministeriële kabinetten.

Federaal auditcomité[bewerken]

Een federaal auditcomité, dat al in 2002 had moeten opgericht worden in het kader van de Copernicushervorming, werd uiteindelijk pas in 2010 samengesteld. Volgens het principe van de ‘single audit’ moet het overlappingen vermijden tussen de activiteiten van de diverse controle-instanties als Interne Audit, Rekenhof en Inspectie van Financiën. Het comité bestaat uit Michel De Samblanx (voorzitter), en verder aan Nederlandstalige zijde Annemie Roefs, Luc Keuleneer en Peter Meersschaut, en aan Franstalige zijde, Isabelle Verschueren, Philippe Decre en Serge Wibaut.

Inwerkingtreding wet 16 maart 2003 opnieuw uitgesteld[bewerken]

In het Staatsblad van 2 juli 2010 verschenen twee koninklijke besluiten van 4 mei 2010, waarbij de inwerkingtreding van de wet van 16 maart 2003 wat betreft het Vlaamse Gewest, de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschap en het Waalse Gewest opnieuw wordt uitgesteld, nu tot 1 januari 2012. Deze wet voorziet onder meer in het invoeren van een dubbele boekhouding en herdefinieert de controles van het Rekenhof.

Jaarverslag 2009[bewerken]

Op 19 oktober 2010 heeft het Rekenhof zijn verslag over het jaar 2009 op zijn website gepubliceerd. Naast de traditionele onderdelen over de werking, wordt een afzonderlijk hoofdstuk gewijd aan het strategisch management van het Rekenhof, met een evaluatie van het strategisch plan 2005-2009 en een voorstelling van het plan 2010-2014.

Jaarverslag 2010[bewerken]

Het jaarverslag over het jaar 2010 werd begin augustus 2011 gepubliceerd. Een afzonderlijk hoofdstuk wordt gewijd aan een decennium voorzitterschap van de subcommissie voor internecontrolenormen van INTOSAI.

Mandatenlijsten en vermogensaangiften - 2012[bewerken]

De bijzondere en de gewone wetten van 2 mei 1995 en de bijzondere en de gewone wetten van 26 juni 2004 verplichten openbare mandatarissen en hoge ambtenaren periodiek een lijst van mandaten en een vermogensaangifte in te dienen bij het Rekenhof. De meest recente mandatenlijsten verschenen in het Staatsblad van 14 augustus 2012 (eerste editie, 4,5 mB).

Archief van het Rekenhof[bewerken]

Terwijl het archief van de voormalige Rekenkamers uit het ancien régime door generaties archivarissen bestudeerd en ontsloten is en een primaire bron vormt voor historici, is dit nog niet het geval voor hun rechtsopvolger: het archief van het Rekenhof uit de 19de en de eerste helft van 20ste eeuw ligt al decennia onaangeroerd in de kelders van de instelling. In een nieuwsbrief van het Rijksarchief (nr. 14, september 2010) werd beterschap aangekondigd. In het kader van een doctoraatsstudie werden reeds een beknopte instellingenstudie en een archiefselectielijst gemaakt. De nieuwsbrief van september 2011 meldt dat de inventarisering voltooid is. De documenten worden nu geordend, ontstoft, genummerd en verpakt. Deze operatie zal normaliter in de loop van 2012 afgerond worden, waarna het archief van 1831 tot 1939, zo’n 250 strekkende meter, zal overgebracht worden naar het Rijksarchief en beschikbaar zijn voor wetenschappelijk onderzoek. Een overeenkomst in die zin werd op 27 juni 2011 ondertekend.

Zie ook[bewerken]

Vergelijkbare instellingen zijn :

Externe links[bewerken]